Data Loading...
Jazzmozaïek 2016|3 Flipbook PDF
Jazzmozaïek 2016|3
326 Views
117 Downloads
FLIP PDF 7.51MB
2016 I 3
een brede kijk op jazz in Vlaanderen en de wereld
ADIEU TOOTS BART DEFOORT Beweging is een constante in mijn muziek
BRAM DE LOOZE Jonge Belg in Bozar
JORDI GROGNARD
foto: © Jos L. Knaepen
Constante honger naar nieuw
Ook nog: FLORIAN FAVRE, TRUI AMERLINCK, CHRISTOPHE DEVISSCHER, ANNELIES VERBEKE, HENDRIK LASURE, LABELNIGHT DE WERF Verschijnt driemaandelijks - Zestiende jaargang - Nr. 3 - september-oktober-november 2016 • Kantoor van afgifte: Brussel X2016/3 - P409123
1
PRESENTEERT EEN SELECTIE UIT NAJAAR 2016 ZO 09/10
BART DEFOORT INNER WAVE QUINTET CC Muze HEUSDEN-ZOLDER .. VR 14/10
SINDS 1997
BILZENJAZZNIGHT feat. STÉPHANE BELMONDO, SPUTNIK 3, LABTRIO
WO 09/11
STUFF C-mine cultuurcentrum GENK .. WO 16/11
DANI KLEIN & SAL LA ROCCA C-mine cultuurcentrum GENK ..
CC De Kimpel BILZEN ..
DO 17/11
DI 18/10
Jazzcase Dommelhof NEERPELT ..
JASPER HUYSENTRUYT TRIO Academiezaal SINT-TRUIDEN .. DO 20/10
ØYVIND SCARBØ TRIO Jazzcase Dommelhof NEERPELT ..
KAJA DRAKSLER OCTET VR 18/11
SCHNTZL, LORIERS/POSTMA/THYS CC De Kimpel BILZEN .. ZA 19/11
VR 21/10
GORILLA MASK + B.O.A.T.
BERT VAN DEN BRINK & GILDAS DELAPORTE
CC MAASMECHELEN ..
CC Muze HEUSDEN-ZOLDER ..
ZO 20/11
ZA 22/10
ANTOINE PIERRE URBEX C-mine cultuurcentrum GENK .. VR 28/10
CHIARA PANCALDI & CYRUS CHESTNUT TRIO CC Muze HEUSDEN-ZOLDER .. WO 30/11
ROBIN MCKELLE
VERNERI POHJOLI + ODDARANG
C-mine cultuurcentrum GENK ..
cultuurcentrum HASSELT ..
ZA 03/12
ZO 30/10
MARCUS WYATT + EWOUT PIERREUX GROUP CC Muze HEUSDEN-ZOLDER ..
WINTEROOR #2 – FESTIVAL FREE JAZZ 6 ACTS / 19 MUZIKANTEN Kunstencentrum BELGIE HASSELT .. MA 12/12
MELANIE DE BIASIO C-mine cultuurcentrum GENK ..
FRED HERSCH SOLO + ROBIN VERHEYEN QUARTET cultuurcentrum HASSELT ..
Cultuurplatform Motives for Jazz bundelt 8 jazzpodia in Limburg.
Alle info, jams + concerten >
2
initiatief van Provincie Limburg
2016/3
WWW.CULTUURPLATFORM.BE
© Laurent Seroussi
DI 13/12
CALL FOR ARTISTS
2017 B-Jazz International Contest 2017 zoekt jong jazztalent!
> > > >
B-Jazz wil jong jazztalent ontdekken, promoten en stimuleren. De wedstrijd staat open voor alle vormen en stijlen van jazz. De finale vindt plaats tijdens het Leuven Jazzfestival in maart 2017. Doe mee en wie weet speel jij volgend jaar niet alleen in België maar ook in Spanje, Nederland en Italië!
Alle info via www.b-jazz.be B-Jazz International Contest: een organisatie van Muziekmozaïek Folk & Jazz vzw, 30CC en OPEK.
WIL OOK JIJ OP DE HOOGTE BLIJVEN VAN WAT ER ZOAL LEEFT IN DE JAZZSCENE? Abonneer je dan nu via www.jazzmozaiek.be en ontvang vier edities per jaar voor 20 euro!
www.jazzmozaiek.be Volg ons ook op Facebook: www.facebook.com/jazzmozaiek
Zin om in een ongedwongen
sfeer je jazzniveau op te krikken?
Kom dan naar de Jazzacademie in Knesselare of Leuven. > De Jazzacademie is er voor iedereen die de jazzmicrobe te pakken heeft: jong en oud, beginners en gevorderden. > Je krijgt er technische en muzikale tips van ervaren jazzmuzikanten. > Je musiceert individueel en in groep. > Kom naar de infomoment in Knesselare op 27/09 en in Leuven op 12/10
www.jazz-academie.be Meer info: Muziekmozaïek Folk & Jazz vzw Coördinator Pablo Smet - 0475 297 287 - [email protected]
2016/3
3
◗ INHOUD
6
38
6 10 14 16 20 22 24 26 31 32 33 34 37 38 40 43 44 52 54
Impressies over Toots Bart Defoort: Beweging is een constante in mijn muziek Bram De Looze: Jonge Belg in Bozar De Werf: Tweede labelnight op 8 oktober Christophe Devisscher Jong Bloed – Trui Amerlinck Blindfold Test – Hendrik Lasure De Jazzkriebels van Annelies Verbeke Florian Favre: Winnaar B-Jazz International Contest Het Podium van Muziekmozaïek Gent Jazz Festival: Sabam Jazz Awards en Jong Jazz Talent Jazz en kunst: Jean-Claude Salemi Album Souvenir: But Beautiful – Guy Dossche Jordi Grognard: Constante honger naar nieuwe wendingen Jazz en film De Jazzlezer: De nieuwe Ed van der Elsken Nieuw op cd/lp Muziektheorie: Modale Voicings Holland Muziekland – Niet dezelfde wereld
Cover: Toots Thielemans – © Jos L. Knaepen 4
2016/3
14
◗ VOORWOORD
22
31
20
26
10
Traditie en vernieuwing Het was een mooie jazzzomer! We hoorden en zagen veel mooie concerten. Er was veel aandacht voor nieuw en jong talent en nieuwe projecten van gevestigde muzikanten. Het is leuk dat jazzmuzikanten steeds op zoek zijn naar vernieuwing. Men zegt soms dat vernieuwing, verjonging en verbreding essentieel zijn om kunstvormen te laten evolueren. Ik denk dat het niet het één of het ander is. “Traditie en kritiek zijn de paradox van de vernieuwing,” dixit filosoof en schrijver Luc Devoldere. Een traditie die zichzelf niet voortdurend hervormt, sterft af. Voorwaarde voor kritiek en vernieuwing is uiteraard wel dat men de traditie kent. Dit lijkt zonder meer toepasbaar op de jazzmuziek. Deze zomer verloren we ook een aantal van onze bekende jazzmuzikanten. Het overlijden van Toots verraste iedereen, alhoewel hij een ‘gezegende’ leeftijd had. Zijn muziek en zijn humor hield hem en ons jong. Ook Freddy Sunder, gitarist en dirigent van het BRT Jazz Orkest ontviel ons. Net als bassist Paul Dubois die eind jaren ‘40 al met Toots speelde. Ik herinner mij de prachtige plaat die hij maakte met The Sweet Substitutes, New Orleans jazz gespeeld door Belgische muzikanten (Charles Loos, Richard Rousselet, Phil Abraham, Jean Pol Danhier, Paolo Radoni, Luc Vanden Bosch en André Donni). De moeite om te herbeluisteren. Het is een tijd waarin veel, ook minder bekende, jazzmuzikanten ons verlaten. De stakeholders uit de periode 1940-1950. Maar hun invloed en hun muziek blijft! Toots zetten we nog éénmaal op onze cover. En we laten een hele reeks muzikanten aan het woord over hem. Zij brengen een persoonlijke boodschap over hun ervaringen met Toots. Voor wie meer wil lezen en luisteren vermeld ik graag het boek ‘Toots 90’ dat onze redacteur Peter De Backer samen met René Steenhorst schreef. Ook journalist Bart Cornand stelde voor Knack een special van 100 pagina’s samen over leven en werk van Toots met een Best Of-cd er bij. In deze Jazzmozaïek lees je ook over Trui Amerlinck, Hendrik Lasure en Bram De Looze. Alle drie vertegenwoordigers van de nieuwe lichting muzikanten die de jazz jong houdt. Veel leesplezier! Filip Verneert Hoofdredacteur Jazzmozaïek Wil je reageren? Mail dan naar [email protected]
2016/3
5
◗ IN MEMORIAM
Impressies over Toots Baron Jean-Baptiste Victor Frédéric Isidor Thielemans [29 april 1922 - 22 augustus 2016]
Het is zonder twijfel de mooiste ervaring van mijn leven geweest om zo vaak, en over zo’n lange periode, met Toots te kunnen spelen op de beste podia ter wereld. Ik was met hem alleen al vier keer op tournee in Japan, mijn muziekbestaan werd ineens sensationeel! Hij kon met zijn sound tot het diepst van mijn ziel doordringen. Ik heb met veel zeer goede musici gespeeld, maar bij Toots leek het wel of hij het had uitgevonden, hij ontsteeg vanaf de eerste noot van elke song het ‘normale muzieklevel’. Hij was voor mij de Einstein van de jazzmuziek en ik stond elke avond, tot en met de laatste avond zo’n twee jaar geleden, perplex, door wat hij allemaal kon uitdragen en teweegbrengen. Ook bij het publiek. Iedereen kon het voelen omdat het zo oprecht was. Hij hoorde elke noot, en dan hoorde hij het dus ook wanneer ik, voor mijn doen, een ‘magic moment’ had. Dan hoorde ik meestal Toots roepen, “Ja Kareltje!” Of hij vertelde het ter plekke aan het publiek, hij zei dan, “He sounds fresh, and that’s really important for jazz, you know.” Hij kon me echt zo raken, vooral bij Ne Me Quitte Pas, of I Do It For Your Love. Dan zat ik soms te huilen terwijl ik moest spelen, en dat is lastig.
foto: © Jos L. Knaepen
Maar hij raakte me ook regelmatig door zijn zeer intelligente spel, de balans tussen emotie en intelligentie was beangstigend efficiënt. Datgene wat alleen musici als Miles Davis en Herbie Hancock hadden, in mijn optiek. Hij was als een vader voor mij. Karel Boehlee
De eerste keer dat ik mij Toots Thielemans bewust herinner was toen ik als tiener de soundcheck en repetitie bijwoonde van hem met Roland Hanna op Jazz Middelheim. Om discreet te blijven had ik mij onder de vleugelpiano bijna verborgen en boven mijn hoofd hoorde ik de meest hemelse dingen gebeuren. Ik was er mij, na een paar maten, meteen heel sterk van bewust dat stijl voor Toots een kleur was in een palet waar hij gebruik van kon maken zonder dat het zijn persoonlijkheid enigzins verzwakte. De vrijheid die hij gewonnen had door jaren te zoeken en te aanvaarden dat die zoektocht nooit ophoudt, gaf hem dezelfde kalmte die ik van dichtbij heb kunnen zien bij mensen zoals James Baldwin, Miles Davis en Kenny Clarke. Toots en ik heb6
2016/3
ben, als wederzijdse gasten, veel samengewerkt in de studio, op radio en televisie, op verschillende Europese festivals en als ik nu terugkijk ben ik ontroerd door de echte nederigheid en de klare kijk die hij op het leven had en ook op mij. En bovenal hoe hij een getuige was van elk opkomend talent dat de moeite waard was om te leren waar de klepel moest hangen. Emoties zitten elke dag op een andere plek en het was een les van hem om dat gewoon te kunnen aanvaarden als iets normaals. Dank je voor alles Papa Toots ! David Linx
Ik zal nooit vergeten het moment dat Toots in de Travers binnenstapte in 1995, om mijn nieuwe project Alice’s 5 Moons te checken. Hij zat op de eerste rij en heeft aandachtig de twee sets beluisterd. Daarna had hij veel positieve en constructieve commentaar. Tussen 1996 en 2006 heb ik met hem bijna overal ter wereld gespeeld, in Europa, Japan en de VS. Hij heeft me onder zijn vleugels genomen met een zeer positieve en warme attitude. Als mens was hij bijzonder echt, genereus en eerlijk. Hij is in 2006 naar mijn trouwfeest gekomen om ons met zijn warme hart al het beste te wensen in ons nieuwe avontuur. Hij meende het echt. Dat zal ik zeker nooit vergeten.
20 jaar heb ik voor je mogen meedraaien in je wereld van muziek. Het waren jaren waarin je heel hard werkte. Een goed concert was nooit goed genoeg en je bleef sleutelen aan je klank en aan de finesse van het spelen. Je was streng voor jezelf en legde je lat zeer hoog. Om met iemand als jou te mogen werken was een grote eer. Ik noemde je dikwijls “Mijnheer Thielemans” uit respect, maar je moest er heel vaak om lachen. Je hobby was je werk en omgekeerd. Uren werden er niet geteld. We waren steeds onderweg met je, alleen of met een groep muzikanten, naar weer een ander concert of een studiosessie. Je vertelde tijdens de vele reizen zoveel verhalen over wat je had meegemaakt op de lange weg die je aflegde, waardoor het toeren met jou onvergetelijk werd. Ieder die met je meereisde kent vandaag nog vele anekdotes die vlot opgehaald worden met een lach en een traan. Dankbaar ben ik vooral om wat je me hebt bijgebracht over het leven. Dankbaar ook dat ik met je en voor je kon werken. Blij ben ik dat je zo lang op zeer hoog niveau je concerten hebt kunnen spelen. Droevig waren we allen met het stopzetten van je carrière, maar het lukte niet meer. De stress werd je teveel. Daarna was ik wel eens droevig na een bezoek bij je thuis omdat ik je zag hunkeren naar de muziek die je niet meer kon spelen, naar de jongens waar je niet meer bij hoorde. Maar we hadden ook leuke momenten na het stopzetten van je carrière. Dat waren momenten die we koesterden. Dankbaar ben ik zeker dat ik je tot de laatste dagen heb kunnen bezoeken. Het was toch nog onverwacht je heengaan, maar voor jou was het goed geweest. De vraag die je mij zoveel stelde tijdens je carrière, we doen er nog een paar jaartjes bij hé, hoefde je me niet meer te stellen. Het was goed zo. Het enige dat ik nog voor je kon doen, was op de dag van je begrafenis iedereen vragen om een staande ovatie, want daar kon je toch zo van genieten... Vaarwel, waar je ook mag zijn, je muziek zal altijd bij ons blijven. Dag Mijnheer Thielemans, ik ga je verschrikkelijk missen…. Van je Veerleke Veerle Van de Poel, manager Toots
Ik heb enorm veel van Toots geleerd. Hij is de grootste muzikant met wie ik ooit heb gespeeld. Ik lees nu hier en daar in de pers: “Een van de grootste jazzmuzikanten uit België.” We hebben soms moeite in België om trots te zijn op landgenoten die iets bijzonders doen. Wat mij betreft, is Toots niet alleen de grootste in België, maar zeker een van de grootsten in de hele wereld. Toen ik in New York woonde en zei dat ik met Toots had gespeeld, vielen de mensen van hun stoel. Zijn naam en muziek waren daar zeker nog groter dan in België. Merci Toots
Nicolas Thys
Toots deed de harten sneller slaan, liet tranen vloeien, kreeg ons aan het lachen en deed ons stilstaan bij dingen die er in een mensenleven écht toe doen. Hij was een mens die anderen kon laten dromen. Hoe hij, gebeten door de muziekmicrobe, besloot om naar Amerika te verhuizen om te gaan spelen met de mensen waar hij naar opkeek, en dat in een tijd dat zulks helemaal niet evident was, zeker niet voor iemand met zijn bescheiden komaf. Hoe hij ons deed geloven dat je je eigen muzikale instincten moet volgen, niet doen wat een ander zegt
wat je moet doen, dat je – ongeacht je leeftijd – als een verwonderd kind nieuwe muziek kan blijven ontdekken bij de jonge generatie en daar aansluiting bij kan vinden. Hoe hij ondanks zijn talloze eretekens en -titels zijn eenvoudige zelve bleef, zonder zich te verstoppen achter valse bescheidenheid en geveinsde hoogmoed. Dat was Toots. Niet meer, niet minder. Jef Neve 2016/3
7
›
Antoine Pierre Urbex © Mael Lagedec
Handelsbeurs Concertzaal
MA
Kouter 29, 9000 Gent TICKE TS Tickets Gent Sint Baafsplein 17 09 265 91 65 www.handelsbeurs.be
03.10
Antoine Pierre Urbex Eigenwijze drummer i.s.m. JazzLab Series © Rudy Carlier
DI
ZO
22.11
Alexander Hawkins SCHNTZL (cd-release)
16.10
Foyer Matinee: Tutu Puoane & Ewout Pierreux
PIANO
/
ZANG
PIANO
Jazz & soul op zondag aperitiefconcert
Linus © Geert Vandepoele
Mephiti
DO
20.10
Linus + Økland & Van Heertum / Christian Wallumrød Ensemble Delicate klanktapijten
29.10
Dhafer Youssef
Tunesische jazzman op oud
DO
© Frank Loriou
01.12
Mephiti / Howard Peach
Het Noorden vs New York i.s.m. JazzLab Series © Jokko
ZA
SCHNTZL © Geert Vandepoele
DO
08.12
Melanie De Biasio Nieuwe plaat Blackened Cities Geert Vandepoele
03.11
Becca Stevens
Jazzy songs van bejubeld talent
ZA
03.12
Jan Swerts cd-release i.h.k.v. Autumn Falls
ZO
22.12
Dans Dans
cd-release Psychedelische blues
vorm: Pascal Van Hoorebeke
DO
Het geluid van morgen i.s.m. JazzLab Series
›
Toots, wat kan ik zeggen. Een van de groten was hij. Hij was zo verbonden met de muziek, met de expressie, met de communicatie, met de binnenkant én de buitenkant van de muziek. Altijd, maar dan ook altijd kwam de sound vanuit een diepe plek in hem. Een sound die dan ook recht het binnenste van de luisteraar kon raken. Of dat nou met een jazz compositie als Sno’ Peas was of een popsong als Imagine. Hij was een virtuoos, kon zeer complex spelen, maar hij zocht ook naar de eenvoud en de schoonheid: de essentie van de expressie. Juist die combinatie maakte zijn spel rijk, fascinerend, ontroerend, levend, speels, majestueus. Of zou ik ‘barons’ moeten zeggen…
Ook al was Toots een wereldster, één van de grootste muzikanten van onze tijd, toch wou hij steeds ‘one of the guys’ zijn. Altijd ten dienste van de muziek. Wonderlijke momenten die ons zullen blijven heugen.
“A little space between a smile and a tear”, disait Toots lorsqu’il voulait décrire l’émotion qui définissait sa musicalité....c’est exactement l’espace dans lequel je pense que beaucoup d’entre nous sont aujourd’hui après le départ de notre parrain sprirituel.
Een warme persoonlijkheid ook naast het podium, gul met goede raad aan jonge talenten. Nooit verlegen voor een vindingrijke oneliner die er toe deed. We hebben schitterende momenten met hem mogen beleven en waren bevoorrecht hem zo dicht bij ons te hebben. Hij had een fabuleuze carrière, altijd op zoek naar het momentum waar hij zijn publiek ten volle kon beroeren.
Zoveel jaren heb ik het podium mogen delen met deze grootheid. En dat laat een diep spoor na. Van zo dichtbij die scheppende mens te voelen maakt dat je met al de alertheid speelt die je maar in je hebt. Elke noot gehoord, steeds proberen te voelen wat zijn spel in het beste licht kon zetten, toch ook zien waar de communicatie kon liggen, waar de onverwachtheid een frisheid aan het muzikale gesprek kon geven. Maar altijd omzichtig, altijd het belang van de muziek voorop stellend. Het is dat proces dat je een beter muzikant maakt, dat je laat zoeken naar klank, naar eenvoud, naar misschien de essentie van muziek.
Hij is er niet meer, hij zal altijd in onze harten blijven voortleven.
Smile, par cette énergie musicale profonde et humaine qu’il nous a transmise, par une belle longue vie remplie d’expériences musicales et humaines fabuleuses, par ce son qui reste et restera définitivement dans nos coeurs, par la chance d’avoir pu jouer regulièrement avec lui et en d’en avoir de fantastiques souvenirs, par ce qu’il s’est éteint en douceur entouré des siens....tear, par ce qu’il va définivement nous manquer, et qu’une page importante du jazz s’est refermée....
Om muziek te worden. Toots was er; ik moet nog zoveel ontdekken. Maar ik kan in diepe dankbaarheid zeggen: dank je wel Toots, dank je wel voor het licht dat je liet schijnen op mijn muzikale pad. Je zit diep in me - voor de rest van mijn leven. En ooit spelen we nog eens een Bluesetteke. Hein Van de Geyn Lang geleden zag ik een concert van Toots in het PSK te Brussel. De emotionele kracht en energie van die avond had ik nog nooit ervaren tijdens een jazzconcert. Er gebeurde iets wat voor mij bijna onbeschrijfelijk, maar vooral bovenmenselijk mooi was. Het hoeft geen betoog dat korte tijd later, toen ik zelf met Toots op het podium stond, er een droom werkelijkheid werd. Mijn samenwerking met Toots de volgende zeventien jaar brachten mij enkel nog muzikale momenten van puur genot, waarbij elk concert een les was hoe je met minder noten, perfecte timing en frasering, en respect voor het publiek net dat publiek kon raken in het diepste van hun hart. Ondanks zijn indrukwekkende status bleef Toots eenvoudig, en had hij veel waardering voor onze bijdrage aan zijn muziek. Ik zal Toots hard missen als vriend, maar ik zal hem altijd herinneren als vriendelijk, bescheiden, dankbaar, grappig, gul, en vooral muzikaal geniaal. Bart De Nolf
Frank Vaganée Toots avait un son. Trois sons même, un à la guitare (rond et riche) un second (unique aussi) en sifflant ce qu’il jouait à la guitare (c’était avant les années 80), et un troisième, le plus connu, le son à l’harmonica. Rien que cela, c’était déjà énorme. Il était en outre admiré par les plus grands musiciens du monde : Ray Charles, Stevie Wonder, Paul Simon, Quincy Jones, …Toots est en quelque sorte un joueur de blues aussi, avec ses notes bleues et plaintives. Il combinait feeling et respect des principes d’harmonie. Une gestion des tensions et du release, ainsi qu’un bon équilibre entre émotion et rigueur. Ses compositions sont effectivement de véritables petits bijoux, concis, avec chacune, une couleur spécifique du début à la fin du morceau (un ADN). Toots faisait vivre des mélodies. Dans ses propos, j’aimais sa concision, l’art du mot juste et... son amour des blagues.
Grand, très grand merci à toi Toots, et bon voyage. Nathalie Loriers Zijn melodische kracht is immens en universeel, doordrenkt van emotie die niemand onberoerd kan laten. Maar hij kon ook zo hard swingen dat je vergat welke huidskleur hij had. Hij hoorde alles en kon in een paar woorden de sterke en minder sterke kanten van je spel vatten, en daar iets heel inspirerends tegenover stellen. Ik herinner me een concert ergens in de jaren tachtig, ik zat toen zo’n beetje in mijn hardbop periode en wilde de wereld vooral bewijzen dat ik trompet kon spelen. Na het concert riep hij me bij hem en vertelde me – op zijn unieke fijne en bedachtzame toon – dat goeie muziek meestal een mannelijke én een vrouwelijke kant heeft, en dat ik daar maar eens moest over nadenken. Daar ben ik héél lang mee zoet geweest.. Merci Toots.
Philip Catherine
Bert Joris
Een muzikant kan door zelfstudie heel vaardig worden in het bespelen van zijn instrument en het opbouwen van een degelijke muzikale basis, zelfs heel populair worden door sociale handigheid.
I lost a great friend last night and the world lost one of the great musicians of all time. Toots was admired by artists of every genre of music. You cannot quantify or teach the emotional expression of a musical phrase that Toots could muster from his ‘chrome sandwich’. He made that little instrument a gigantic force of the heart and in the process helped thousands of people to experience the tears of their soul. The melodic force of Toots’s voice may only be experienced in photographs now, through imitation. But I’m afraid it will be a lost art, much like Mel Lewis, Ornette Coleman or Billie Holiday. As time and music go on, some things are gained but some important things are always lost.
Diepgaande spirituele-muzikale ervaringen kunnen enkel ervaren worden door de zegen van een Grootmeester. Deze ervaringen worden verkregen door langdurig met een Grootmeester te musiceren en te vertoeven in zijn bijzijn. Hij neemt je mee naar de diepste uithoeken van het muziek-universum en ontvouwt voor jou de grootste muziekgeheimen. Hij laat je ervaren hoe klanken wonderlijk met elkaar dansen om je dan dit schouwspel in complete verwondering te laten aanschouwen. Dit alles gebeurt in de school van liefde, overgave en menselijkheid. Met dank uit het diepste van mijn hart voor het onvergetelijke onderricht, buig ik voor je, Grootmeester Toots Thielemans.
Farewell my friend. Lots and lots of love and blessings to you on your next journey. Kenny Werner
Dré Pallemaerts 2016/3
9
◗ INTERVIEW
Bart Defoort
foto: © Jos L. Knaepen
“Beweging vormt vooral een constante in mijn muziek”
10
2016/3
Bart Defoort (52) stelt met Inner waves een nieuw meesterwerk voor. Het is het vierde album als leader op het De Werf-label in bijna 20 jaar, want het debuut Moving dateert van 1997. Voor elk van de releases nodigde Bart Defoort uitgelezen topmuzikanten uit die in de spirit van de muziek passen. Zo stelde hij een uniek Inner Waves kwintet samen, met daarbij gitarist Hans Van Oost als eerdere compagnon.
Hoe voelde je aan dat de tijd rijp was voor een nieuw project? Het neemt altijd wat tijd om met een nieuw project uit te pakken, omdat ik niet in herhaling wens te vallen en voortdurend bezig blijf met het bestuderen van muziek. Ik was de jongste jaren vooral met standards bezig en met me te verdiepen in de jazztraditie. Dan zoek ik een weg om daar persoonlijk mee om te gaan. Bijna tegelijkertijd ben ik beginnen schrijven. Zo is spontaan opnieuw de goesting voor eigen werk ontstaan en Inner Waves gegroeid.
Bart Defoort:
“Het vernieuwende voor mezelf in Inner Waves zijn zeker de grooves en de composities in andere maatsoorten”
Hoe heb je de muzikanten voor Inner Waves gekozen, hoe is de band ontstaan? In tegenstelling tot de composities op de vorige cd, Sharing Stories On Our Journey (W.e.r.f. 2008 -nvdr), samen met mijn goede vriend-saxofonist Emanuele Cisi, swingend en met een plezierige knipoog, wou ik me voor dit nieuwe project niet meer inspireren op standardthema’s, maar daar wel mijn eigen draai aan geven. Een meer moderne sound. Die kant zit ook in me. De asymmetrische maatsoorten, de funky grooves. Dus zocht ik muzikanten die meer daarmee begaan zijn. Hans Van Oost, ook gitarist op The Lizard Game (W.e.r.f. 2003 -nvdr) past daar natuurlijk goed bij. Ewout Pierreux ken ik al zeer lang en we speelden al heel vaak samen. Die heeft swing en de standards in zijn vingers, en die ritmische funky touch die helemaal past in dit project. Toni Vitacolonna is een oud-student van me op de Kunsthumaniora in Antwerpen en hem ken ik dus al vanaf het begin van zijn muzikale ontwikkeling en de jongste jaren binnen het Brussels Jazz Orchestra. Het was zijn energie en souplesse die mijn keuze heeft bepaald. Christophe Devisscher ken ik nog van toen hij begon op het conservatorium, iemand waar ik
al lang graag wou mee samenwerken. Deze muzikanten passen zowel muzikaal als menselijk bij elkaar. Ze spelen op een hoog professioneel niveau. Met zo’n kwintet heb je naast bas en drums met sax, gitaar en piano drie leidinggevende instrumenten, waarmee we in duo, trio en kwartet kunnen spelen. De soli laten we live al eens wisselen. Zo blijft de muziek in beweging, dat vind ik belangrijk. Wanneer zijn jullie samen gestart? We begonnen eigenlijk in kwartet, zonder piano, namen daarna een demo op. Bij het beluisteren hoorde ik dat er in tegenstelling tot The Lizard Game, waar sax en gitaar als twee contrapuntische blazers fungeren, er nu meer unisono lijnen en modale passages in de composities voorkomen. Daardoor kreeg ik echt goesting om er piano aan toe te voegen, zodat de harmonie duidelijker klinkt. En met Ewout erbij klonk dat perfect. We gaven het jaar voor de opnames van Inner Waves enkele concerten. Zo konden we constant evolueren en bijsturen voor we de studio introkken. Dan lijkt het net een live-optreden. In november 2015 zijn op anderhalve dag de negen nummers in Fattoria Osnabruck (opnamestudio in Duitsland -nvdr) vastgelegd door Stephan van Wylick. De mix gebeurde in Brussel door Michel Andina, die ook instond voor The Lizard Game en Moving. Wat is de leidraad in Inner Waves? Inner Waves draait rond de innerlijke leefwereld, de hoogten en de laagten in het leven, wat je duidelijk terugvindt in titels zoals Light Red To Dark Blue, Bright Side, Too Late To Tell You. Als ik op mijn cd’s terugblik, blijkt het thema ‘beweging’ een soort constante: Moving, Streams, The Lizard Game, Sharing Stories On Our Journey, en nu ook Inner Waves met Late Night Drive, Make That Move…, die constante evolutie, beweging, van jezelf als mens en muzikant, binnenin jezelf en ook buiten jezelf, de relatie en omgang met anderen. Soms is dat goed, soms is dat triestig, je begint mensen rondom je te verliezen, recent nog mijn moeder. Voor mij is de uitdaging als componist de muziek niet moeilijk te laten klinken. Dat betekent daarom niet dat die zo eenvoudig is om te spelen. Of je nu standards of eigen composities speelt, als je kan spelen wat je zelf in je hoofd kan meezingen ben je goed bezig. Buiten The Yearning Song ga je de nummers tamelijk snel meezingen. Ik heb echt wel een romantische ziel en zoek het 2016/3
11
›
in
in
• ZA 1 OKTOBER - JAZZLAB SERIES - HELLO JAZZ
ANTOINE PIERRE: URBEX
• WO 26 OKTOBER - HELLO JAZZ
JOHN SCOFIELD: COUNTRY FOR OLD MEN JOHN SCOFIELD (GITAAR); LARRY GOLDINGS (ORGEL, PIANO); STEVE SWALLOW (BAS); BILL STEWART (DRUMS)
• DO 17 NOVEMBER
GOGO PENGUIN CHRIS ILLINGWORTH (PIANO); NICK BLACKA (BAS); ROB TURNER (DRUMS)
• DI 22 NOVEMBER - HELLO JAZZ
FRANK WOESTE QUARTET feat. DAVE DOUGLAS: DADA PEOPLE! DAVE DOUGLAS (TROMPET); FRANK WOESTE (PIANO); YASUSHI NAKAMURA (BAS); CLARENCE PENN (DRUM)
• ZO 11 DECEMBER - HELLO JAZZ
FRED HERSCH SOLO
• ZO 29 JANUARI - DJANGOFOLLLIES
FLORIN NICULESCU TRIO FLORIN NICULESCU (VIOOL); HUGO LIPI (GITAAR); DARRYL HALL (CONTRABAS)
• VR 17 FEBRUARI
BRAD MEHLDAU TRIO BRAD MEHLDAU (PIANO); LARRY GRENADIER (BAS); JEFF BALLARD (DRUMS)
• WO 22 FEBRUARI
LIZZ WRIGHT
ANTOINE PIERRE (DRUMS & COMPOSITIES); JEAN-PAUL ESTIEVENART (TROMPET); TOINE THYS (TENOR- EN SOPRAAN SAX, BASKLARINET); STEVEN DELANNOYE (TENOR SAX); BERT COOLS (ELEKTRISCHE GITAAR); BRAM DE LOOZE (PIANO); FÉLIX ZURSTRASSEN (ELEKTRISCHE BAS); FRÉDÉRIC MALEMPRE (PERCUSSIE)
• VR 7 OKTOBER - DOUBLE BILL
PHILIPPE LEMM TRIO + MARJAN VAN ROMPAY GROUP PHILIPPE LEMM (DRUMS); ANGELO DI LORETO (PIANO); JEFF KOCH (BASS) MARJAN VAN ROMPAY (ALTSAXOFOON); TIM FINOULST (GITAAR); JANOS BRUNEEL (BAS), TOON VAN DIONANT (DRUMS)
• DO 27 OKTOBER
CONNECTIONS 16:17 LINUS + ØKLAND/VAN HEERTUM/ GOUBAND/WOUTERS RUBEN MACHTELINCKX (GITAAR, BARITONGITAAR, BANJO, COMPOSITIES); THOMAS JILLINGS (TENORSAX, ALTKLARINET, COMPOSITIES); NIELS VAN HEERTUM (EUPHONIUM); NATHAN WOUTERS (BAS); TOMA GOUBAND (PERCUSSIE); NILS ØKLAND (VIOOL)
• WO 2 NOVEMBER I.S.M. THE WRITERS BENCH & HELLO JAZZ
BUT IS IT JAZZ? MAKAYA MC CRAVEN + JEAN-PAUL BOURELLY MAKAYA MC CRAVEN (DRUMS); MATT GOLD (GITAAR); GREG WARD (SAX); JUNIUS PAUL (BAS); JUSTEFAN (VIBRAFOON)
• DI 15 NOVEMBER - HELLO JAZZ - DOUBLE BILL
THE B.O.A.T. + MALFLIET/NEUFELD/COSTA TEUN VERBRUGGEN (DRUMS); MAGNUS BROO (SW) (TRUMPET); JOZEF DUMOULIN (FENDER RHODES); JON IRABAGON (USA) (SAX); HILMAR JENSSON (IS) (GITAAR); INGEBRIGT HÅKER FLATEN (NO) (BAS) RAPHAEL MALFLIET (BAS); TODD NEUFELD (GITAAR); CARLO COSTA (DRUMS)
• WO 7 DECEMBER - JAZZLAB SERIES
MEPHITI
ERIK BOGAERTS (SAX, COMPOSITIES); STIJN COOLS (DRUMS, ELEKTRONICA); BERT COOLS (GITAAR, ELEKTRONICA); INDRE JURGELEVICIUTE (KANKLES, ZANG); RUBEN MACHTELINCKX (AKOESTISCHE BARITONGITAAR, BANJO EN ELEKTRISCHE GITAAR); BRICE SONIANO (BAS, ZANG)
DE ROMA: TURNHOUTSEBAAN 286, 2140 BORGERHOUT • RATAPLAN: WIJNEGEMSTRAAT 27, 2140 BORGERHOUT INFO & TICKETS: WWW.DEROMA.BE - WWW.RATAPLANVZW.BE + TICKETBALIE: TURNHOUTSEBAAN 329, 2140 BORGERHOUT - 03 600 16 60 + JAZZMUZIEKWINKEL MARK SOUND, WOLSTRAAT 6, 2000 ANTWERPEN + FNAC-WINKELS
12
2016/3
›
melodische, voor mij zijn de melodie en de harmonische kleuren, de groove belangrijk. Er moet gevoel van uit gaan. Het vernieuwende voor mezelf in Inner Waves zijn zeker de grooves en de composities in andere maatsoorten. Ik heb altijd in swing en 4/4 gecomponeerd, maar The Yearning Song is in 5/4 maat en Inner Waves in 7/4 maat. Dat is voor mij boeiend geweest om me daar in te verdiepen. Het komt me trouwens van pas bij de nieuwste opname van het BJO met Bert Joris (verschijnt begin 2017 -nvdr) waarin ik soleer op de titeltrack Smooth Shake, die is geschreven in zevenkwartsmaat. Je hebt die warme klank, helemaal in de lijn van de jazzgroten… De klank, daar steek ik heel veel tijd in. Ik blijf veel studeren, zowel in techniek als improvisatie, het ontwikkelen van mijn jazztaal, het zoeken naar de goede klank. Ik blijf daarmee experimenteren, soms door te veranderen van mondstuk, te oefenen op embouchure. Die saxofoonklank ligt heel persoonlijk, is zowel in sterkte als breekbaarheid een eigen stem. Je kunt wel geïnspireerd worden door, maar nooit klinken als de klank van John Coltrane, Sonny Rollins of Dexter Gordon. Je kunt al die dingen beluisteren, en zelfs proberen na te spelen, maar het goeie is eigenlijk dat je het nooit gaat evenaren. Dus ben je verplicht om te zoeken naar je eigen stem. Dat is het mooie eraan. Ik heb ooit nog een Blindfold Test gedaan (Jazzmozaïek 3/2010 -nvdr) en die klank van de groten haal ik er zo uit, want mijn gehoor heeft zich zo gevormd. Ik vind je gehoor als muzikant ontwikkelen de belangrijkste vooruitgang die je moet maken. Mijn gehoor is zeer tonaal, modaal. Ik weet wel hoe je moet ‘out’ spelen zoals ze zeggen, tegen de harmonieën in, wat ik soms doe, maar niet van nature uit. Ik ben, net zoals mijn broer Kris, opgegroeid met een vader die met barokmuziek, koormuziek begaan was. Dat is heel tonale muziek en dat heeft me zowel langs klassieke weg als ook in jazz gevormd. Ik hoor graag muzikanten die heel duidelijk melodisch geïnspireerd zijn, de harmonieën respecteren, of dat nu is wie ik net aanhaalde, of Stan Getz, of Chet Baker, of Charlie Parker, of zeker ook Lester Young. Op Inner Waves speel je alleen tenorsax? Ik heb bij de repetities een aantal nummers met sopraansax uit geprobeerd. Ik hou enorm veel van de unisono lijnen van gitaar en sax. Dat is dezelfde tessituur, dezelfde lage en hoge noot zijn exact hetzelfde, 2 ½ octaaf, ik hoor graag die sound. Dus koos ik voor tenorsax. Je moet ook minder bezig zijn met het veranderen van een mondstuk. Ik speel ook wel andere instrumenten, zoals klarinet, maar dan vooral bij het BJO. Voor mijn eigen projecten kies ik voor tenorsax en soms sopraansax, bv. op Streams, de groep die ik leidde, samen met Diederik Wissels (Igloo Records 2001 -nvdr). Die synergie van gitaar en sax doet sterk denken aan Brecker en Metheny? Dat zijn twee muzikanten die zowel Hans Van Oost als ikzelf en zovelen van onze generatie enorm hebben beïnvloed. Michael Brecker sprak me aan in wat hij in jazz deed. Verder ook Steve Grossman, Bob Berg, en ook de gitaristen Metheny en Scofield. Deze laatste vooral in kwartet met Joe Lovano.
Mijn muziek komt echt uit de blues en bebop zoals een Michael Brecker dat op zijn manier heeft verwerkt. En zo ben ik evengoed beïnvloed door Coltrane van de Love Supreme periode, Sonny Rollins van de jaren 50, grootmeester Charlie Parker, George Coleman en Joe Henderson. Brecker nam veel in kwintet op, samen met Pat Metheny, Charlie Haden, Jack DeJohnette en pianisten zoals Joey Caldarazzo en Herbie Hancock. Mijn sound ligt in die ideeënlijn. Zo vind ik van mijn generatie Kurt Rosenwinkel inspirerend met Deep Song, samen met Joshua Redman en Brad Mehldau. Overigens is Wish van Joshua Redman, samen met Pat Metheny en Charlie Haden, één van mijn lievelingsplaten.
Bart Defoort:
“Voor mij is de uitdaging als componist de muziek niet moeilijk te laten klinken”
Wat vind je van de huidige trends in jazz? Ik volg de jongste evoluties in jazz niet helemaal op de voet, maar ik hoor het wel en pik wat op via mijn zoon die elektrische bas speelt. We denken in het Westen nog te veel lineair, van oud naar nieuw, alsof de muziek altijd vernieuwend is. Het is eerder een cirkelbeweging, muzikanten vandaag grijpen terug naar electric Miles of Weather Report of Head Hunters van de jaren 70 en freejazz, dat komt allemaal terug. Mij interesseert het niet welke stijl het is, maar wel dat de muzikant op een eerlijke manier, integer, en met zijn eigen stem een persoonlijk verhaal vertelt. En dat mag elektronisch of experimenteel of met standards zijn, daar heb ik alle respect voor als het maar een zoeken is naar wat je zelf wil en graag doet. Het is de openheid die ik koester. Want muziek wordt altijd in het ‘nu’ gespeeld. Dat betekent dat die altijd levend is wanneer die eerlijk en goed wordt gespeeld. In die zin is stijl niet van belang. Je bent vanaf het begin saxofonist bij het BJO, hoe inspirerend is dat? BJO is een prachtig verhaal om mee te maken en blijft een constante leerschool. Bijvoorbeeld om heel professioneel, heel breed en vernieuwend bezig te zijn,
in zowel klassieke als in moderne jazz. Zo herinner ik me enerzijds een tribute to Francy Boland met Jean Warland, maar anderzijds ook de samenwerkingen met Kenny Werner en Darcy James Argue of nog Chris Potter, Joe Lovano en David Liebman. Ik vind die openheid om breed te spelen, van traditioneel tot heel modern en soms heel complex, een constante inspiratie. Maar ik vind ook het spelen met de muzikanten die ik al van jongs af aan bewonder, zoals Frank Vaganée, Kurt Van Herck, Nathalie Loriers, Marc Godfroid,… en al die anderen die ik al van bij het begin van het BJO ken, heel verrijkend. Er is een enorm respect voor elkaar en er is geen plaats voor ego’s. De projecten die mij blijvend hebben beïnvloed zijn vooral die met Bert Joris, waarmee we nu (opnames van Smooth Shake in De Werf 7-8-9 juli 2016 -nvdr) een nieuwe cd opnemen. En onvergetelijke optredens waren die onder leiding van Maria Schneider, met veel kippenvelmomenten. Nog een absolute topbelevenis was de samenwerking met pianist Kenny Werner en Chris Potter, een week lang in de Blue Note Club in New York. Wat is je motto? Wat drijft je als muzikant? Vooral in beweging blijven. Nieuwsgierig blijven. Gepassioneerd blijven. Ik wil als muzikant het vuur wakker houden door bezig te blijven, te blijven zoeken, te blijven studeren. Dat is mijn motto. Ik daag mezelf uit om nieuwe dingen te bestuderen, in 5 of in 7 te spelen, een beetje zoals Coltrane die moeilijke harmonische wendingen schreef in zijn Giant Steps periode. Als muzikant moet je niet de muziek, maar jezelf altijd vernieuwen. Dat kan door hedendaagse maar ook door oude dingen te bestuderen. Zoals een Jasper Blom of Robin Verheyen zich verdiepen in polyfonische muziek. Zoals Aka Moon Indische muziek bestudeert. Heb je nog muzikale dromen? (denkt diep na) De belangrijkste muzikale droom is blijven evolueren en verfijnen, beter en beter worden. Ik heb projectmatig wel dingen in mijn hoofd, maar het is nog te vroeg om daar wat over te vertellen. Er leven bepaalde dromen, zoals een plaat maken met standards. Ik zou ook nog graag opnieuw een duoplaat willen opnemen, iets heel intiem, piano en sax, of in trio, kamerjazz, een soort balladalbum. Dat wil ik zeker doen. Er rest mezelf om te blijven verbeteren, meer en meer tot de essentie te komen. Ik heb ooit nog geconcerteerd met Pierre Van Dormael en Stéphane Galland, en als pianist de legendarische Mal Waldron, die met Billie Holiday speelde. Dat was een speciaal concert in Brugge met Bart De Nolf op bas. Toen heb ik een lang gesprek gehad met Mal Waldron. Ik was toen 20, denk ik, en die haalde een wijsheid boven die ik nooit ben vergeten: als je jong bent begin je met een boomstronk en heel je leven moet je daaraan vijlen tot je een lucifer overhoudt. Bernard Lefèvre
Concertagenda Bart Defoort Quintet - Inner Waves » 2 oktober 2016 » 4 oktober 2016 » 8 oktober 2016 » 9 oktober 2016 » 16 oktober 2016
Hopper – Antwerpen 16u Black Cat – Torhout 20u Brugge Concertgebouw De Werf labelnight CC Muze – Heusden-Zolder 20u Heptone – Ittre 20u
www.bartdefoort.com 2016/3
13
◗ INTERVIEW
Bram De Looze
Jonge Belg speelt Piano e Forte in Bozar Pianist Bram De Looze is nog maar 25 jaar, maar hij draait intussen al een hele tijd mee in het jazzcircuit. Bijna tien jaar geleden kwam De Looze voor het eerst in beeld met LABtrio en sindsdien zette hij zijn stempel op tal van andere projecten. Dit najaar waagt hij zich solo aan een nieuw en wel zeer ambitieus project waarbij hij drie oude pianofortes zal bespelen. Tijdens Gent Jazz kreeg Bram de SABAM Jazz Award in de categorie Jong Talent. De jury loofde zijn ‘muzikale integriteit’ en ‘de grote en doelgerichte daadkracht waarvan hij op jeugdige leeftijd getuigt’.
Een mini Casio. Daarmee begon het allemaal voor Bram De Looze. Hij was amper zes jaar oud toen hij, naar eigen zeggen, aan het ‘prutsen’ ging op dit keyboard. Zijn vader leerde hem enkele simpele partituren spelen met cijfers en op een bepaald moment pikte hij een melodie op van de radio die hij begon na te spelen. Dit was meteen de aanleiding om lessen te gaan volgen aan de Kunstacademie van Knokke. Daar leerde Bram een vrij groot repertoire spelen, gaande van evergreens en Braziliaanse muziek tot jazzstandards.
steeds beter mijn weg te vinden. Enkele jaren later kwam dan de kans om er te studeren met financiële steun van de Belgian American Education Foundation. In augustus 2012 kon ik starten aan de New School For Jazz & Contemporary Music, een school met een enorme vrijheid, want je kon er je eigen leraar aanstellen voor het hele schooljaar. Zo heb ik vrij veel tijd kunnen spenderen met de pianisten Marc Copland en Uri Caine. Na mijn studies ben ik nog een tijdje blijven plakken in New York omwille van enkele albumopnames en concerten.”
Van Knokke naar New York
Wat was voor jou het belangrijkste van je periode in New York? Het is natuurlijk een zeer inspirerende stad en daarnaast heeft mijn verblijf er mij al heel wat mooie kansen opgeleverd. Je leert er zeer snel mensen kennen en de muzikanten zoeken elkaar er vaak op om samen te spelen. Daar gebeurt trouwens meestal de magie waaruit nieuwe projecten ontstaan. De flow van het dagelijks spelen en nieuwe dingen uitproberen op het moment zelf, met verschillende mensen, heeft mij al enorm veel bijgebracht op vlak van interactie in de muziek.
“Ik raakte al snel gebeten door de jazzmicrobe. Die muziek bood mij een grote vrijheid in harmonie en ritme en dat beviel me wel. Ik ging veel naar concerten en vanaf mijn achttiende trok ik zelfs jaarlijks naar New York om daar de muziekscene te ontdekken. Veel bands had ik leren kennen toen ze in België speelden, maar het was een andere ervaring om hen daar te horen spelen in een intieme setting. En de stad zelf maakte natuurlijk ook telkens weer een grote indruk op mij. Ik begon er
Zijn er muzikanten uit je periode in New York waar je vandaag nog mee musiceert? Ik ga af en toe op tour met drummer Stephanos Chytiris en onlangs deden we een tour in Griekenland met blazer Daniel Carter. Het was een enorme ervaring om te merken hoe deze man, die ondertussen al in de zeventig is, dag in dag uit met ons reisde en de muziek telkens een stap verder bracht zonder zich te herhalen. Hij had een zeer gedetailleerde manier van improviseren en na een tijdje begin je die details beter en beter op te merken tijdens de concerten. Ook met drummer Dre Hocevar speel ik op verschillende albums. Die zijn uitgekomen op Clean Feed Records. Met cellist Lester St-Louis hebben we ons in trio een lange tijd gefocust op specifieke composities binnen improvisatie, pre-composed of geïnformeerde improvisatie, waarbij we bepaalde parameters manipuleren en op een specifieke manier interactie voeren. Je hebt ook een duo met Robin Verheyen. Kwam dit project ook uit die periode voort? In 2011 had Robin mij al uitgenodigd om een duoconcert te spelen in de Bijloke in Gent. Sindsdien bleven we in contact. Toen ik in New York zat, konden we natuurlijk vaker spelen en maakten we af en toe kleine opnames van nieuwe composities die we wilden uitproberen. Het klikt tussen ons vanwege een leuke vrijheid in de interactie, een soort telepathie waarmee we onze improvisaties in goeie banen kunnen leiden, wat er ook gebeurt. Binnenkort staan er weer enkele concerten in België op het programma en we willen ook een album opnemen.
LABtrio & Septych Je bent 25 jaar, maar draait eigenlijk al een hele tijd mee. Op je zestiende begon je al met LABtrio. Hoe is dit trio ontstaan? Het is in 2007 begonnen ergens ver in de Westhoek op een jamsessie waar we voor het eerst samenspeelden. Contrabassiste Anneleen Boehme en ik wilden graag met een trio starten en na die jamsessie met Lander Gyselinck wisten we ook meteen met wie! Daarna is het allemaal zeer vlug gegaan. We hebben elkaar zien opgroeien als mens en als muzikant, wat een zeer bijzondere ervaring is. Er komt een nieuw album uit begin 2017 om ons tienjarig jubileum te vieren. Na het NY 14
2016/3
vinden in Bozar op 23 oktober. Later speel ik ook nog onder meer in de Handelsbeurs in Gent. Het wordt een akoestische set waarbij ik eigen composities en improvisaties breng op drie verschillende instrumenten die mij zowel fysisch als qua klankkleur boeien. Het gaat om een Anton Walter 1795 (replica Maene), een Pleyel 1843 (replica Maene) en een Erard 1836 (gerestaureerd origineel). Bij deze piano’s zijn de snaren niet gekruist zoals bij de moderne piano maar liggen ze parallel. Elke snaar resoneert op zichzelf en hierdoor krijg je meer duidelijkheid en helderheid in de lagere en midden registers. De kracht van die historische piano’s is ook niet zo groot als van een vleugelpiano, ze brengen een heel intieme sfeer. De klankkleur kan je ook doen veranderen met verschillende manieren van aanslag, iets wat bij een moderne piano meestal gewoon resulteert in volumeverschillen. Met dit groter palet aan mogelijkheden zou ik graag de klank van een gewone moderne vleugel ruilen voor deze specifiekere pianoforte-sound om dan daarmee ideeën op te bouwen die muzikaal een andere richting kunnen uitgaan. Waar schuilt voor jou de grote uitdaging in dit project? Deze zomer zal ik vrij veel tijd spenderen aan het beter leren kennen van deze instrumenten en ik ben benieuwd hoe de klank mijn spel zal beïnvloeden in improvisatie en ook andersom. Ik zal componeren in functie van de karakteristieken van de instrumenten. Ook met het gebruik van oudere stemmingen zal ik aan de slag gaan. Het wordt een groot avontuur op dat vlak, waarbij bepaalde harmonieën meer kleur zullen krijgen door meer zuivere of net spannendere intervallen. Sla je nu met dit project een nieuwe richting in? Ga je meer de klassieke toer op of wil je de instrumenten echt vanuit je ervaring met jazzmuziek bespelen? De muziek ligt ergens op de grens. Ik haal inspiratie uit oudere klassieke muziek, vooral van opnames met historische instrumenten en oude stemmingen. Dit komt dan wel vanzelf bovendrijven in de improvisaties.
project met Michaël Attias en Christopher Hoffman, keren we terug naar de basis als trio. In de volgende maanden focussen we ons op het creëren van een nieuw repertoire voor de volgende tour en de opname. Je hebt nog andere eigen bands, zoals het septet Septych, waarvan het debuutalbum twee jaar geleden op Clean Feed Records uitkwam. Hoe is dit ontstaan? Ik wilde twee cellisten samenbrengen met meerdere blazers, piano en drums. Op dat moment speelde ik in New York vaak met Lester St-Louis, een zeer getalenteerde cellist en ik wou die functie van de cello nog sterker maken. Net toen leerde ik cellist Daniel Levin kennen en ik vond zijn spel passend in dialoog met Lester. Op drums koos ik voor Flin van Hemmen: hij stuwt de muziek vooruit, geeft de goede impulsen en kan op het gepaste moment zowel enorm voorzichtig spelen als zeer bombastisch. Hierdoor geeft hij ruimte aan ieders spel. Ik wou ook graag de blazers Robin Verheyen en Bo Van der Werf bij deze groep betrekken en ik zocht nog iemand op tenorsax en basclarinet met een persoonlijkheid die goed zou passen binnen deze groep. Toen
kwam ik via een vriend bij Gebhard Ullmann terecht. Hij bleek de juiste man op het juiste moment te zijn die een speciaal timbre toevoegt aan de bandsound. Het componeren voor een project als dit kan alle kanten uitgaan. Ik schreef soms uitgeschreven partijen, maar ook improvisatiekaders, visualisaties, bepaalde vormen als partituur. De muziek was zeer vrij en dat zorgde voor een leuke tour met genoeg variatie maar ook met genoeg houvast voor een zevenkoppige band.
Piano e forte Al even ambitieus is je nieuwe project ‘Piano e forte’, waarbij je aan de slag gaat met historische piano’s. Hoe ben je daar bijgekomen? Een paar jaar geleden kwam ik in contact met pianofortes en de klank trof mij enorm, waardoor ik meer en meer instrumenten wou gaan proeven van verschillende pianobouwers uit de 18de en 19de eeuw. Met Piano’s Maene ben ik een samenwerking aangegaan waarbij ik drie instrumenten heb uitgekozen om er soloconcerten mee te gaan spelen. Het eerste soloconcert zal plaats-
Je kreeg tijdens Gent Jazz de SABAM Jazz Award in de categorie Jong Talent. Al plannen met de geldprijs van 5.000 euro? Ik ben natuurlijk zeer blij met deze financiële steun van SABAM en de lovende woorden van de jury. Ik wil hen nogmaals bedanken. Een deel van de geldsom zal ik hoogstwaarschijnlijk besteden aan het opnameproces van mijn soloproject met de pianoforte. Een ander deel gaat misschien naar een toekomstige groep wanneer de tijd er rijp voor is. Maar die plannen zijn nog niet helemaal gesmeed (lacht). Pieter Koten
Concertagenda Bram De Looze » 23 oktober Bozar Brussel » 09 maart CC Strombeek » 24 maart 30CC Leuven » 02 april CC Hasselt » 21 april Handelsbeurs Gent » 29 april CC De Ververij Ronse » 05 mei CC De Fabriek St-Lievens-Houtem www.bramdelooze.com 2016/3
15
◗ FOCUS
De Werf presenteert tweede labelnight op 8 oktober Op 8 oktober houdt het Belgische jazzlabel De Werf voor de tweede keer een labelnight. Het wordt een mooie staalkaart van de actuele Belgische jazzscene. Een greep uit het programma: Kris Defoort, Bart Defoort, Chris Joris, SCHNTZL, Ragini Trio, Ben Sluijs & Erik Vermeulen, Compro Oro, MikMâäk en nog heel wat anderen. De Werf Records bracht 23 jaar geleden zijn eerste album uit: KD’s Basement Party Sketches of Belgium. Vanaf volgend jaar gaat het kunstencentrum samen met Vrijstaat O. in Oostende. Een gesprek met bezieler van het eerste uur Rik Bevernage en met Benny Claeysier en Pieter Koten.
Voordat jullie begonnen met jazzalbums uit te brengen organiseerden jullie al concerten in De Werf? Rik Bevernage: De Werf bestaat precies 30 jaar en van bij het begin organiseerden we er jazzconcerten. Het eerste was er een van trompettist Richard Rousselet met o.a. Michel Herr op piano, Jean-Louis Rassinfosse op bas en Jan de Haas als drummer. Daarna volgde het Don Pullen/George Adams Quartet en dat was een echte voltreffer, zowel kwalitatief als qua publieke op-
Mâäk
16
2016/3
komst. Al snel bouwden we een reputatie op door internationale namen naar Brugge te halen. En onder de naam JazzLab Series gaven we impuls aan Belgische jazzmuzikanten voor concertreeksen. In 1993 hebben we onze eerste cd uitgebracht: Sketches Of Belgium van KD’s Basement Party. Naast pianist Kris Defoort speelde ook zijn broer Bart mee, Michel Massot en het voltallige Aka Moon. Nu zijn we nog één van de weinigen die met een vaste regelmaat jazzalbums van Belgische jazzmusici uitgeven, samen met onze
collega’s van Igloo Records in het Franstalige landsgedeelte. We streven er naar om zo optimaal mogelijk de Belgische jazzscene op een technisch en artistiek niveau vast te leggen. Wat zal er nu precies veranderen bij het label? Benny Claeysier: Vanaf nu mikken we op zes à acht releases per jaar. Dat is iets minder, maar dat heeft te maken met het budget en met de workload. We willen projectmatig werken en elke release goed
omkaderen van begin tot einde. Naast de productie gaan we nog meer werk maken van goeie promotie en goeie distributie. Samen met het management willen we artiesten helpen bij het zoeken naar speelkansen. En we geloven er ook sterk in dat we op internationaal vlak kunnen uitpakken met het label. Rik Bevernage: Het opnemen van muziek is vandaag veel gemakkelijker en goedkoper geworden dan vroeger. Met een goede computer kan je al heel wat. Het gevolg is dat er enorm veel albums verschijnen, maar dat de technische en artistieke kwaliteit er op achteruit gaat. Eén van de belangrijkste misvattingen bij de discussie over het verdwijnen van de cd en de gevolgen van het downloaden is dat niet de drager (cd, vinyl, online) belangrijk is, maar wel de kwaliteit van de opname. Door het wegvallen van inkomsten uit de verkoop van albums, verdwijnt automatisch de motivatie om muziek op een correcte manier te produceren.
Rik Bevernage:
“We streven er naar om zo optimaal mogelijk de Belgische jazzscene vast te leggen”
Pieter Koten: De focus van het label, die blijft hetzelfde. Een kwalitatieve staalkaart van de Belgische actuele jazzscene bieden. Uiteraard behoren ook releases van Belgische artiesten in samenwerking met buitenlandse muzikanten tot de mogelijkheden. Zo zullen we ook het nieuwe album van Ragini Trio uitgeven, samen met de Servische pianist Bojan Z en de Indische zangeres Sawani Mudgal als extra gasten. Begin 2017 presenteren we twee nieuwe releases: het quatre mains-project van de pianisten Christian Mendoza en Heleen Van Haegenborgh en een nieuw album van Rawfishboys, het duo van Joachim Badenhorst en Brice Soniano. De opnames van dit album vonden plaats in één van de verborgen schatten van Brugge: de Sint-Godelieve Abdij.
we de titels door onze back catalogus en uitgebouwde website een langer leven geven. 25% van de inkomsten wordt gerealiseerd door de verkoop van albums die ouder zijn dan 3 jaar.
Had je ooit gedacht dat het met De Werf Records zo’n vaart zou gaan lopen, Rik? Rik Bevernage: Zeker niet. Maar eerlijk gezegd, het feit dat we een gesubsidieerd kunstencentrum zijn, waardoor we bv. geen loonkosten of logistiek moeten afwegen tegenover de inkomsten uit de verkoop van onze releases, maakt het haalbaar. Weet je, veel internationaal bekende labels geven maar uit wanneer de muzikant op eigen kosten de master aanlevert en bovendien voldoende cd’s aankoopt zodat zelfs de persingskosten terugbetaald zijn. Financieel risico nul, engagement van het label ten aanzien van de muzikant dikwijls navenant. De sterkte van De Werf en het label is dat we blijven investeren in de technische kwaliteit van de opnames, de huur van studio’s, top geluidsingenieurs... Bovendien kunnen
De Werf Records heeft al bijna 140 albums uitgebracht. Wat waren voor jou persoonlijk de uitschieters? Rik Bevernage: Dit is een moeilijke vraag. Ik heb altijd vermeden om mijn persoonlijke smaak te laten meespelen in de keuze om een artiest al dan niet uit te geven. We proberen een zo breed mogelijk spectrum binnen de Belgische jazz aan bod te laten komen: van jonge musici, over meer gevestigde namen tot mainstream en far-out. Een aantal albums waren succesvol, een aantal andere vielen wat verkoop betreft erg tegen. Dat is nu eenmaal niet altijd op voorhand in te schatten en de verkoop kan niet zo maar gerelateerd worden aan de artistieke kwaliteit van een album of het ontbreken ervan. Om er toch enkele te noemen. Onze eerste cd, KD’s Basement
Ben Sluijs (rechts) en Erik Vermeulen
Party Sketches of Belgium blijft ook 25 jaar na opname overeind. Verder is er natuurlijk de dubbel cd The Music of Bert Joris van het Brussels Jazz Orchestra. Dat is een ware standaard, hij is intussen aan zijn 8ste heruitgave toe en we verkopen er jaarlijks nog ruim 100 stuks van. Weet je, dat gevestigde namen als het BJO, Kris Defoort, Nathalie Loriers, Trio Grande, Rêve D’Eléphant Orchestra, Mâäk, Chris Joris enzovoort kiezen voor ons label is heel belangrijk. We zijn ook best fier op artiesten die bij ons hun eerste cd uitgaven, zoals Robin Verheyen, Yves Peeters, Sander Dewinne, David Thomaere, Bram De Looze of Jean-Paul Estiévenart. Straks trouwens verschijnt SCHNTZL, de eerste cd van de jonge toptalenten Hendrik Lasure en Casper Van De Velde. Vanaf 2017 fuseert De Werf met Vrijstaat O. Wat betekent deze fusie? Pieter Koten: We smelten samen tot een nieuwe organisatie met een nieuwe naam, die actief is in 2 steden en op verschillende plaatsen. Elk huis heeft 2016/3
17
›
Wanneer komen jullie langs bij Piano’s Maene ? De beste merken onder één dak : Steinway & Sons - Boston - Essex (exclusief distributeur België) Doutreligne (Maene Creation) Yamaha - Kawai Digitale piano’s Yamaha, Kawai, Roland, Nord, Roli Tweedehandse piano’s met 5 jaar waarborg
Hoofdzetel Ruiselede met concertzaal en Atelier Chris Maene
Piano’s Maene Brussel met oefenlokalen en concertruimte
Piano’s Maene Gent en Steinway Piano Gallery Belgium
Piano’s Maene Antwerpen
Piano’s Maene Limburg
Industriestraat 42 B8755 Ruiselede +32 51 68 64 37
Argonnestraat 37 B1060 Brussel +32 2 537 86 44
P. Van Reysschootlaan 2 B9051 Gent +32 9 222 18 36
Herentalsebaan 431 B2160 Wommelgem +32 3 321 78 00
Steenweg 224 B3621 Rekem-Lanaken +32 89 21 52 72
www.maene.be
18
2016/3
gebrevetteerd hofleverancier van België
www.facebook.com/ pianosmaene
VR 21/10/2016 - 20:30 @DE WERF
ANTOINE PIERRE URBEX (B) ›
natuurlijk vandaag een zeker vast publiek, maar we merkten dat een deel van het publiek al sowieso naar beide locaties kwam. In de toekomst hopen we het publiek nog mobieler te maken tussen Oostende en Brugge. Benny Claeysier: Wat de programmatie betreft, nu waren er al afspraken tussen de twee huizen om internationale artiesten niet op beide plaatsen te presenteren in dezelfde periode. Die lijn willen we helemaal doortrekken. Het heeft geen zin om op een afstand van amper 25 kilometer hetzelfde project twee keer te presenteren. Bij het programmeren zullen we ons telkens de vraag stellen: in welke zaal of op welke plek komt dit project het best tot zijn recht? De naam van het label, die blijft behouden. Pieter Koten: De Werf programmeert nu een viertal concerten per maand, Vrijstaat O. twee à drie. We zullen wellicht maandelijks een vijftal clubconcerten organiseren, verspreid over de twee steden. Daarnaast zijn er ook de tweejaarlijkse festivals STORM! en Jazz Brugge. Het concept van Jazz Brugge zullen we wellicht lichtjes wijzigen en het festival krijgt ook een andere naam. Daarnaast is er jaarlijks ook het festival September Jazz in Brugge. Het is de bedoeling dat onze organisatie ook zeer Benny Claeysier: sterk interdisciplinair zal werken. Hierdoor zal er heel wat “We willen projectmatig ruimte zijn voor jazz in andere disciplines zoals podium, litewerken en elke release ratuur en beeldende kunst.
goed omkaderen van begin tot einde”
Wat worden de highlights van het nieuwe seizoen? Pieter Koten: Dit najaar zijn er al een paar copresentaties van de beide huizen. Op 29 september speelt het Noorse Elephant 9 in De Werf, op 31 oktober komt de Israëlische topbassist Omer Avital naar Vrijstaat O. en op 24 november brengen we het Sun Ra Arkestra naar de Biekorf in Brugge. Benny Claeysier: De echte fusie start pas in januari 2017. In 2017 organiseren we een viertal projecten waarbij jazz een centrale rol krijgt. Het laatste weekend van januari is er de derde editie van het huiskamerfestival Chambres d’O in Oostende. Hiervoor heeft Craig Taborn alvast toegezegd voor twee soloconcerten. Begin maart organiseren alle muziekpartners in Brugge de eerste editie van het festival B Major. Op zondag 5 maart bezetten wij de stad. Bedoeling is dat we daar werken rond het ‘duo’, een zeer pure vorm die we die dag verder willen uitdiepen. Wie speelt er op de labelnight en waarom heb je net deze muzikanten gekozen? Rik Bevernage: Dit was uiteraard een moeilijke oefening. Samen met Benny Claeysier heb ik een keuze gemaakt op basis van de beschikbaarheid van de bands, de specificiteit van de vier verschillende podia en vooral gerelateerd aan recent verschenen en nieuwe albums. Zo releasen we op de labelnight een nieuw album van SCHNTZL, Trio Grande en Chris Joris. MikMâäk en Bart Defoort Quintet presenteren dan weer hun eerder dit jaar verschenen album. We geven het publiek ook al inkijk op twee nieuwe projecten die we straks gaan opnemen: Ragini Trio featuring Bojan Z en de Indische vocaliste Sawani Mudgal én Kris Defoort Trio + Guillaume Orti en zangeres Veronika Harcsa uit Hongarije. Daarnaast zijn er ook een paar vaste waarden uit onze catalogus, het duo Ben Sluijs-Erik Vermeulen, een nieuwe band rond Jean-Paul Estiévenart en Steven Delannoye en als feestelijke uitsmijter Compro Oro. We vinden het zelf een mooie staalkaart van ons label. Mee te pikken voor de symbolische prijs van 25 euro. Bovendien krijg je er gratis een vierdelige compilatie cd bovenop waarop al onze artiesten te horen zijn. Bij de vorige labelnight in 2012 was het Concertgebouw uitverkocht. Reserveren is dus zeker aangewezen. Dirk Roels
jAzzlAB seRies
ZO 30/10/2016 - 17:00 @vRIJSTAAT O.
oMer AVITAL QUINTeT (il/Us) impUls #4 // oRG. de WeRf / vRijstAAt o.
VR 04/11/2016 - 20:00 @MAZ DOublE bIll
BLACK FLOWER (B) UNIK UBIK (B/fR) close encoUnteRs // oRG. de WeRf / cActUs mUziekcentRUm
dO 10/11/2016 - 20:30 @DE WERF DOublE bIll
SCHNTZL (B) LORIERS-POSTMA-GERSTMANS (B) jAzzlAB seRies // ReleAseconceRt
VR 18/11/2016 - 20:30 @DE WERF DOublE bIll
MICHEL HATZIGEORGIOU SOLO (B) THOMAS dECOCK QUINTET (B) dO 24/11/2016 - 20:30 @bIEKORF
SUN RA ARKESTRA O.L.V. MARSHALL ALLEN 60th AnniveRsARy toUR
close encoUnteRs // oRG. de WeRf / cActUs mUziekcentRUm / vRijstAAt o.
VR 25/11/2016 - 20:30 @DE WERF DOublE bIll
CRISS CROSS EUROPE BANd (B) SCLAVIS-COURTOIS-PIFARELY (fR) WO 30/11/2016 - 20:30 @DE WERF
BARRY ALTSCHUL ANd THE 3dOM FACTOR (UsA) VR 09/12/2016 - 20:30 @DE WERF
RêVE d’éLéPHANT ORCHESTRA (B) ReleAseconceRt
dO 15/12/2016 - 20:30 @DE WERF
GHALIA BENALI FEAT. MâäK (B) ReleAseconceRt mW’ soUl
info & tickets:
NAJAAR 2016
WeRfstRAAt 108 - 8000 BRUGGe 050 33 05 29 [email protected]
dewerf.be dewerfrecords.coM
Meer informatie » www.dewerfrecords.be
» www.dewerf.be
» www.vrijstaat-o.be
met de steun van
foto: Ghalia Benali ft. mâäk © Bram Reekmans
2016/3
19
◗ INTERVIEW
Christophe Devisscher
“Wie nooit fouten maakt, weet niet waarom hij iets goed doet” Een duo-cd en tournee met trompettist Carlo Nardozza, een debuut opname van zijn eigen kwartet en een belangrijke rol op de nieuwste release van Bart Defoort. Contrabassist Christophe Devisscher stond het voorbije jaar volop in de kijker en hij heeft nog een en ander in petto de komende maanden. Een gesprek over de existentiële vragen des levens, het belang van standards, de rijkdom van fouten maken en Miles.
Een trompettist en een contrabassist die samen opnemen en toeren, is geen alledaags gegeven. Duology was dan ook zowat het meest verrassende succesverhaal van het vorige seizoen. Het was een heel organisch gegroeid avontuur. Voordien had Carlo een duo met Michel Bisceglia maar die moest afhaken wegens een te drukke agenda. Zelf maakte ik al deel uit van het Carlo Nardozza Quartet, we waren dus geen vreemden voor elkaar. Na een eerste duo-concert opperde Carlo het idee om misschien een opname te maken. “Waarom misschien?”, was mijn reactie. En zo zaten we al snel in de studio van Max Bolleman. De avond voordien waren we samengekomen om te bespreken wat we zouden doen. Na tien minuten ging het gesprek over in gefilosofeer over de existentiële vragen in het leven. ’s Anderendaags was alles op minder dan zes uur ingeblikt. De symbiose tussen mensen kan magisch zijn. Je hebt dan het gevoel dat je bijna telepathisch iets kan creëren. We deden uitsluitend eerste takes. Bij al mijn vorige projecten verbleven we steeds meerdere dagen in de studio. Hier wilden we enkel de essentie. Het is ook zo dat je bij een tweede take begint na te denken over wat je voordien opnam en dit kan tot eindeloos aarzelen leiden. Live gebruikten jullie duidelijk eenzelfde benadering zonder al te veel afspraken? We werkten inderdaad zonder afgelijnd kader. Voeg daar de podiumprésence en de commentaren van Carlo bij en je hebt Duology. Als bandleider moet je bepaalde dingen kunnen framen, al blijft de muziek essentieel. Een verhaal kan een meerwaarde hebben, maar soms is het beter niets te zeggen. Je moet vooral jezelf zijn en blijven. Carlo is zoals hij presenteert. Iemand anders die dat ook fantastisch doet, is Jean-Louis Rassinfosse. Jullie waagden je zelfs aan een stukje Dvo ák? Wie muziek maakt, sluit sowieso aan bij het verleden. Overal vind je gemeenschappelijke raakpunten. Dit heeft natuurlijk te maken met hoe je bepaalde informatie interpreteert. Hierover leerde ik veel tijdens mijn periode bij Johan Verminnen. Ze noemden wat hij deed indertijd kleinkunst maar zijn repertoire reikt van 20
2016/3
blues tot tango en bossa nova. Zelf denk ik niet graag in hokjes. Als muzikant is het nodig dat je niets uitsluit. Een van de eerste bands bij wie ik speelde was Kimiz, waar vooral Jiddische muziek centraal stond. Je merkt dan dat de baslijnen, mits kleine aanpassingen en in combinatie met een bepaalde sound en instrumentatie, op deze van salsa lijken. Ritmisch gezien komen beide bijna helemaal overeen. Grenzen worden dikwijls in de hoofden van mensen getrokken. Wanneer je als muzikant op voorhand gaat denken over welke muziek waar in past, ben je niet goed bezig. Zoals nu met het nieuwe project onder de naam Let The Music Speak. Wie weet hoe ze dat in de pers gaan omschrijven.
Christophe Devisscher:
“Wanneer je als muzikant op voorhand gaat denken over welke muziek waar in past, ben je niet goed bezig”
In de trailer op YouTube zeg je hierover dat het een manier was om nieuwe instrumenten te ontdekken? Het Festival van Vlaanderen vroeg aan Adam Woolf, Kristen Cornwell en Frank Vaganée om samen iets uit te werken. Via Kristen werd ik er eveneens bij betrokken. Woolf, die een specialist is in barok en renaissance, vroeg mij om een stuk te componeren. Het instrumentarium en de muzikanten had hij reeds bepaald. Zo werd ik geconfronteerd met o.a. een serpent en een cornetto. Aan mij om uit te vissen hoe die klinken en ze dan te integreren in mijn compositie. Vandaar het zinnetje dat je citeert. Uiteindelijk gaat het om een tijdreis door
zevenhonderd jaar muziekgeschiedenis. Parallel hiermee is het ook de levensloop van de mens, van geboorte tot dood. En zoals Kristen in diezelfde trailer zegt, de mens beleeft nog steeds de dingen op dezelfde manier maar het is de wereld rondom ons die verandert. Als je een plaat van vijftig jaar geleden beluistert, stel je vast dat er ondertussen andere technieken zijn maar het is uiteindelijk de intensiteit die telt. Gedateerd is een technisch begrip. In die bewuste trailer sta je afgebeeld met een bastuba onder de arm. Een nieuwe carrière op het oog? Het was al lang een stille droom van mij. En aangezien ik er voorstander van ben om concreet te handelen en niet over iets te blijven praten, heb ik mij ingeschreven om les te volgen. Het gevoel voor experiment mag nooit verdwijnen. Soms is het resultaat niet om aan te horen, soms klinkt het uiterst interessant. Ik citeer daarbij altijd graag het voorbeeld van James Lee Jamerson die oorspronkelijk contrabassist was maar bij Motown met een elektrische bas uiteindelijk de sound en het succes van het label bepaalde. Welk was de moeilijkste situatie waarmee je als bassist reeds geconfronteerd werd? Het is meer een algemene vaststelling, namelijk dat je niet met iedereen kan spelen, gewoon omdat het soms niet klikt. Je zoekt dan eerst de fout bij jezelf maar de dag erna gaat het weer wel met anderen. Musiceren in een groep is teamwork. De zwakste schakel is diegene die niet aanwezig is. Je moet er telkens voor 100% staan, 99% is niet genoeg. Het is ook je taak als muzikant om de anderen goed te doen klinken, zelfs tijdens solomomenten. Solo is trouwens een slecht gekozen woord want er blijft interactie, tenzij je echt alleen op het podium staat. Onderlinge communicatie is sowieso een must. Wie jou recent nog live zag met het Bart Defoort Quintet kon merken dat dit punt geen probleem was bij jullie. Je kan het niet verbergen als de verstandhouding niet klopt. Het publiek voelt dat aan. Als we niet in staat zijn over te brengen wat we willen, betekent het dat we falen als muzikanten en zonder publiek hebben we geen bestaansrecht. Je moet er dus staan, in eender welke omstandigheid en zeker geen excuus zoeken om iets niet te doen. Werken jullie met een vaste setlist? Met vijf kan je niet zonder. Dat is natuurlijk anders bij Duology waar haast niets afgesproken wordt. Daar hebben we wel een lijst van standards waaruit we kunnen putten. Ik leer nog elke dag bij door het spelen van standards. Als iemand zegt dat hij dat niet graag doet, heb ik het gevoel dat het is omdat hij het niet kent.
foto: © Roger Vantilt
Net als bij Bart Defoort is er op A Fisherman’s Tale van jouw kwartet duidelijk aansluiting met een welbepaalde traditie? Het is een verzameling van nummers die ik over de jaren heen componeerde. De grote opgave was om te distilleren en er een samenhangend geheel van te maken. Mijn naam zit al verborgen in de titel. Voor de rest is het vooral een ode aan mijn vader. Ik stond hem bij tijdens zijn laatste levensmaanden en we hadden toen heel wat tijd om te praten en te filosoferen. Het idee van deze cd is daar eigenlijk ontstaan maar ik had tijd nodig om alles te verwerken vooraleer ik er echt aan kon beginnen. Achter elk stuk steekt een verhaal. Zo gaat Ind & Em over het opgroeien van onze twee nichtjes. Hopelijk verliezen ze de essentie niet van het naïef kijken naar de wereld. De onbevangenheid van een kind wordt in een keurslijf gedrukt door het systeem. Dergelijke zaken moet je in vraag stellen, continu. Oy gaat over de fouten die je maakt in het leven. Wie nooit fouten maakt, weet niet waarom hij iets goed doet.
Choreografie, wiskunde en Miles Er komt een samenwerking aan met choreografe Isabelle Beernaert? Daar werd ik bij betrokken via Frank Deruytter. Dat project loopt over drie jaar met een eerste periode van januari tot april 2017 waarbij we vooral in Nederland zullen toeren. Het is een soort muziektheater gesitueerd in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Alles speelt zich af in het decor van een jazzclub. Standards vormen de rode draad. Dans en zangers versterken het
verhaal. Door met andere kunsttakken samen te werken, merk je dat er heel wat gelijkenissen zijn. Jouw muziek wordt nu ook gebruikt als soundtrack voor een kortfilm over wiskunde. Enige specifieke affiniteiten met het onderwerp? Regisseur Geert Segers kwam naar een concert en vond dat mijn muziek perfect paste bij een aantal specifieke passages. Zijn film heeft een nogal filosofische inslag. Het gaat over beslissingen nemen in je leven en aan jezelf werken, onderwerpen die mij wel aantrekken. In dit geval heb ik dus niets specifiek gecomponeerd maar mocht die vraag ooit komen om een soundtrack te schrijven, zou ik het zeker overwegen. De uitdaging interesseert mij telkens. Je kan niet alles doen, dat besef ik, maar je kan wel van veel proeven. Daarom reis ik zo graag. Je doet overal ervaringen op, de ene al wat vreemder dan de andere. Nog andere nieuwigheden voor de nabije toekomst? Dudes Like Us is een nieuwe band rond Frank Deruytter, iemand die steeds mag komen aankloppen omdat hij geen enkele uitdaging uit de weg gaat. Dat geldt trouwens ook voor Dré Pallemaerts die
fantastisch werk leverde op A Fisherman’s Tale. Van Black Mango verschijnt dit najaar dan de eerste EP. Het is de groep van Joppe Bestevaar. In het begin draaide alles rond salsa en latin maar ondertussen gaat het veel verder. Het is voor mij de eerste keer dat ik de oudste ben, een wat raar en tegelijkertijd bijzonder gevoel. Ik ben indertijd mee op sleeptouw genomen door de generatie voor mij met o.a. Félix Simtaine, Michel Herr, Bruno Castellucci en Steve Houben. Als jonge gast krijg je dan van overal ‘motten’. Nu bevind ik mij in de omgekeerde situatie. Het is plezierig omdat ik merk hoe ik toen dacht over bepaalde zaken en daar nu een heel andere kijk op heb. Je kan niet evolueren zonder de kennis van wat voordien gebeurde. Bij Miles verliep dat heel organisch, van bebop tot cooljazz zo naar hardbop en verder. Hij verbrak constant zijn eigen lijn en ook weer niet, want hij was de constante. In deze context moet ik altijd aan het zinnetje van Raymond van het Groenewoud denken uit zijn Cha Cha Cha: “in de muziek bestaan ook veel racisten, hun kop is leeg, de mode vult ze op”. Als je mij de vraag stelt waarom ik een plaat uitbreng gelinkt aan de traditie, is mijn antwoord simpel: ik denk daar niet over na, het kwam zo uit. Georges Tonla Briquet
Geselecteerde discografie » Let The Music Speak – Amaranthine (Lupophonic) » Christophe Devisscher Quartet – A Fisherman’s Tale (Cornfish Music) 2016/3
21
◗ JONG BLOED
Trui Amerlinck
In de reeks Jong Bloed geven we aandacht aan jonge, talentvolle muzikanten. Dit keer de 23-jarige bassiste, celliste en zangeres Trui Amerlinck. Deze zomer studeerde ze af aan het conservatorium van Antwerpen bij Nic Thys. Maar Trui ging ook in de leer bij Jos Machtel aan het Lemmensinstituut en ze studeerde aan het conservatorium van Amsterdam. Daar was ze in augustus nog te gast op het Grachtenfestival. Trui Amerlinck speelt bij BJ Scott, Tsar B en met Tourist Le MC. Intussen heeft ze ook haar eigen band TRVI opgestart.
foto: © Sybren Van Overberghe
“Ik voel de constante druk om iets uit te brengen”
22
2016/3
“Het was de eerste keer dat zo’n eer mij te beurt viel,” zegt Trui Amerlinck vol verwondering. “Het is leuk dat er uit mijn jaar in Amsterdam nog één en ander voortvloeit, maar eigenlijk maakte ik me eerder zorgen over werk in België. Ik had me bewust toegelegd op studeren in de Nederlandse hoofdstad en dat zorgt onvermijdelijk voor onzekerheid als je terugkeert.” Maar het vergaat je wel goed? Ja, eigenlijk wel. Ik ben via-via in het project Satin Dolls terechtgekomen, de groep rond Beverly Jo Scott, gestart als een eerbetoon aan Billie Holiday. We zijn met vier en het voelt eigenlijk meer aan als een vriendengroep. Heel bijzonder, want het is niet dat we elkaar al zo goed kennen. En ik wist eigenlijk niet dat BJ zo ongelooflijk bekend is in Brussel en Wallonië. Hier in Brussel heb ik zelf eens gratis frieten gekregen omdat ik haar bassiste was (lacht). Je speelt en speelde met nog andere grote namen. Ben je op jouw leeftijd soms starstruck? Goh, in het begin was ik blijkbaar wel timide bij BJ. Na een aantal repetities zei ze dat ik echt was open gebloeid. Mensen die me kennen zullen weten dat ik normaal gezien nogal graag praat. Misschien was ik wel wat onder de indruk en ik dacht haar niet onmiddellijk te overspoelen met mijn woordenwaterval. Maar starstruck, niet echt nee. BJ is een ongelooflijk vriendelijke en lieve muzikante, die alleen maar met de muziek bezig is. Dat vind ik van onschatbaar belang. Ook bij Tourist Le MC is dat het geval. Mensen vragen me wel eens wat voor iemand dat is en of dat geen vervelend kereltje is, maar dat is allemaal volledig van de pot gerukt. Die heeft de Lotto Arena uitverkocht, maar staat ook echt met beide voeten op de grond en het draait enkel om muziek maken. En intussen ben je ook met een eigen project begonnen? Dat heet TRVI, en de ‘u’ is een ‘v’ (lacht). Dat zorgt voor heel grappige interpretaties als je wordt aangekondigd. Momenteel zijn we met vijf, vandaar de ‘V’, maar er is dus nog plaats voor een zesde ook. Onlangs zei iemand: “De volgende groep heet Trevi.”’ Dat vond ik ook wel mooi. Wat mogen we van TRVI verwachten? Wel, ik had voordien al een aantal keren backing vocals gedaan bij een aantal groepen, het leek me fijn om de bas eens naar het voorplan te brengen. Ik doe dus vocals en bas tegelijkertijd en dat valt moeilijker uit dan verwacht. Ik moet tegelijkertijd zingen, mijn instrument bespelen, voor bindteksten zorgen én het publiek op sleeptouw nemen. Je moet je hoofd echt opsplitsen. Stevig. Maar het is gewoon een kwestie van doen natuurlijk. Het bezorgt me in ieder geval toch wel een stuk meer zenuwen bij optredens. Wat voor muziek brengen jullie? Dat is altijd moeilijk he. Zeker aangezien jazz tegenwoordig niet meer zo eenduidig te definiëren is. Ikzelf noem het indiejazz, maar dat is natuurlijk ook maar weer een hokje. We spelen composities die ik heb gemaakt, maar we zijn nog maar begonnen in juni, dus zijn we nog volop onze sound op punt aan het stellen. Ik beschik over vier schitterende jazzmuzikanten, dus ik zie het allemaal heel goed komen. Heel lief van hen dat ze dat allemaal voor mij willen doen trouwens, want het is niet alsof ik hen op dit moment hoge gages kan geven.
Heb je het om een specifieke reden opgestart? Ik was sowieso op zoek naar een jazzproject. Als je een aantal popprojecten hebt lopen, dan loop je het gevaar dat mensen je niet meer opbellen omdat ze denken: “die speelt geen jazz meer”. Dat is dus absoluut niet het geval. Ik doe beide heel graag en zou ze dus ook beide willen blijven doen. TRVI hangt wel een beetje vast aan structuur en melodie, omdat ik er ook over moet kunnen zingen, maar het gaat alvast de richting uit die ik wil. Daarnaast voel ik de constante druk om iets uit te brengen. Het is echter moeilijk om een project dat je van nul opstart zomaar van de grond te krijgen. Ideaal zou zijn dat een platenmaatschappij en management me opbellen en zeggen: “Trui, we zien dat hier volledig zitten!” Maar zo werkt de wereld niet he (lacht). Je moet enerzijds geluk hebben en anderzijds hard en professioneel blijven doorwerken.
Trui Amerlinck:
“Als ik sterker word als frontvrouw ga ik er misschien ook meer van genieten”
Laat het ons kort eens over je andere projecten hebben. Wel, een ander project is TSAR B, het soloproject van Justine Bourgeus, de violiste van School is Cool. Ik weet niet hoe ze haar muziek zelf omschrijft, maar voor de vuist weg: elektronische, dark R&B-hiphop. Zij is bijvoorbeeld al redelijk snel de juiste mensen tegengekomen en dan gaat het hard. We stonden op de Lokerse Feesten, Pukkelpop en Lowlands. Maar dat is opnieuw totaal iets anders, aangezien ik daar bas speel op synths en erbij zing. Heel uitdagend. Je speelt dus contrabas, cello én keys. Is dat allemaal zo vlot inwisselbaar? Als het niet tijdens hetzelfde concert hoeft, valt dat allemaal goed mee. Maar onlangs moest ik wisselen tussen cello en bas tijdens één concert, en dat was wel een mind fuck. Een bas staat in kwarten gestemd en een cello in kwinten. Van een zotte klik gesproken. En dan zijn er nog een aantal heel uiteenlopende projecten? De zangeres van I Will, I Swear is ook met een soloproject begonnen, dat heet Ivy Falls. Gisteren zaten we nog in de studio en eind oktober komt er een eerste single uit. Daarnaast loopt het project van An-Sofie Noppe nog steeds. Dat is eerder kleinkunst en cabaret, met liedjes over flamingo’s en peperkoeken harten. En tot slot hebben we ook twee voorstellingen gemaakt met het theatergezelschap Lieden Op Zee, ook heel tof om te doen en ik heb het gevoel dat wat we op de planken brachten nog nooit eerder was gedaan.
Bij Lieden Op Zee speelt ook je vriend Rob Banken, die ook in TRVI de blazerssectie voor zijn rekening neemt, samen met Peter Delannoye. Het ligt voor de hand, maar zorgt dat niet voor spanningen? Bij Lieden op Zee af en toe wel, omdat je maar met drie bent en omdat het proces redelijk intensief was. Als je daarna ook samen naar huis gaat, blijft daar soms wel iets van hangen. Maar bij TRVI is dat volledig anders. Daar spelen vriendschapsbanden een dominantere rol. Zo woonden Rob en Peter eerder al samen. Het loopt echt van een leien dakje, net zoals Lieden op Zee natuurlijk. Ik vind dat trouwens enorm belangrijk: als ik een project start wil ik me op mijn gemak kunnen voelen bij alle muzikanten waarmee ik samenwerk. Ik heb ook liever dat ze het eerlijk zeggen als ze de muziek niet goed vinden. Dat kan alleen maar onder mensen die elkaar goed aanvoelen, denk ik. Waarschijnlijk een lastige vraag, maar wat doe je het liefst? Frontvrouw of bassiste? Dat vind ik niet gemakkelijk. Op dit moment liever de achtergrond eigenlijk. Ik ben sowieso al zenuwachtig voor concerten, maar als je daar echt als frontvrouw moet gaan staan, dan is de stress nog groter. Ik word er zelfs onzeker van. Als een publiek niet direct meewil, dan kruipt dat in mijn kop. Iets wat ik dus nog moet leren loslaten. Als het publiek wel meewil, dan geniet ik er wel van om daar te staan, maar soms wil ik ook gewoon bas spelen. Ik zit er op dit moment een beetje tussenin. Wie weet, als ik sterker word als frontvrouw ga ik er misschien ook veel meer van genieten. Maar als je het me nu vraagt: ik hou er gewoon echt van om mensen te begeleiden. Daarnaast ben je ook actief als fotografe? Ja! Pull & Over Photographs heet dat (lacht). Ik ben daarmee begonnen op een oud fototoestel van mijn grootvader, waarmee je een ongelooflijke macrofocus kon gebruiken. Dan zat ik uren in het gras scherp te stellen en als daar iets gebeurde legde ik dat vast. Daarna waren het vooral landschappen, en eigenlijk ben ik pas overgeschakeld op concert- en bandfotografie na mijn periode in Amsterdam. Het maakt het wel moeilijker om met eigen bands te poseren: ik heb op voorhand altijd al een idee van hoe ik het zou willen. Eigenlijk wil ik het altijd allemaal zelf doen, maar met zo’n zelfontspanner is dat nogal omslachtig (lacht). We hebben met Sybren Vanoverberghe een heel goede fotograaf gevonden voor de bandfoto’s van TRVI. Een politiek geladen uitsmijter: denk je dat het een effect heeft op je carrière dat je een vrouwelijke bassist bent? Eigenlijk zou het niet mogen, maar het duikt wel geregeld op. Als ik concerten geef waar ik absoluut niet de ster ben, komen er achteraf mensen – doorgaans mannen – vertellen hoe goed ik was. Soms voel ik me daar zelfs gegeneerd door, als ik dan bijvoorbeeld tussen de briljante pianist en gitarist sta, die het eigenlijk veel beter hadden gedaan. Maar je haalt er wel redelijk snel diegenen uit die het echt over de muziek hebben. Voor sommigen telt het blijkbaar mee, maar ik zou absoluut niets willen krijgen enkel en alleen omdat ik een vrouw ben. Dat is gewoon belachelijk. Mij draait het enkel om de muziek. Pauwel De Wilde 2016/3
23
◗ BLINDFOLD TEST
Hendrik Lasure Hij is nog piepjong, maar toch vormt pianist Hendrik Lasure (19) al meer dan twee jaar met drummer Casper Van De Velde (21) het duo SCHNTZL. Vorig jaar wonnen ze de STORM! talentenjacht, en dus mogen we binnenkort een cd van hen verwachten op het label De Werf én een uitgebreide tournee met JazzLab Series. We lieten Hendrik enkele stukken muziek beluisteren, benieuwd naar zijn commentaar.
Chick Corea Trio
Brad Mehldau
WORK, uit Trilogy,
Concord, 2013. Corea (p), Christian McBride (b), Brian Blade (dr)
Dit doet me denken aan Thelonious Monk (Work is een compositie van Monk -nvdr), maar daarvoor speelt deze pianist veel te proper. Wauw, echt heel roekeloos gespeeld. Superwild, maar ik herken dit niet. Doet me wel een beetje aan Ahmad Jamal denken, dat samenspel. (Achteraf) Neen, naar Chick Corea heb ik nog niet zoveel geluisterd. Een van de eerste composities die ik van hem hoorde, Armando’s Rhumba, vond ik wel tof. Maar dat is een Latin-stuk, en daarin wilde ik me niet echt verdiepen. En een dvd die ik van hem zag, met een fusionband, vond ik maar niks. Corea is dus een van de jazzgroten van wie ik niet veel ken. Ik ben heel veel met muziek bezig, maar daarom wil ik er niet per se veel van kennen. Ik luister ook veel naar rock, hiphop en klassiek. Dit nummer vond ik wel tof, niet dat ik van deze band meteen alles wil horen. Roekeloos is het woord dat hier bij past, gaat veel kanten op tegelijk. Als pianist wil ik zelf graag een rechte lijn trekken, een idee dat naar het einde van het stuk wordt volgehouden, het moet steekhouden.
24
2016/3
SMELLS LIKE TEEN SPIRIT,
uit 10 Years Solo Live, Nonesuch 2015 (opgenomen in 2010). Mehldau (p) (Vrijwel onmiddellijk) Brad Mehldau. Waanzinnig hoeveel hier tegelijk gebeurt. Hij is pas begonnen en ik kan al niet meer volgen. Superbeheerst en toch overweldigend. Dat contrapunt, ongelooflijk is dat. Al die stemmen door elkaar. Met zijn rechterhand alleen al speelt hij drie stemmen. Mehldau heeft een manier gevonden om helemaal langs de andere kant te denken. Dit is toch die cover van Nirvana hé? Ik ken dit wel, maar toch heb ik hier nog niet zoveel naar geluisterd. Technisch perfect, maar daarom is Mehldau nog niet mijn favoriete pianist. Hij speelt heel veel, zijn stukken zitten overvol. Dat moet je ook kunnen natuurlijk. Je krijgt zelden een moment van rust bij hem. Een popcover moet je doen uit liefde voor de muziek, maar het gevaar is dat je alles naar je eigen hand zet zodat de sfeer van het nummer weg is. Zoals Mehldau dat doet vind ik dat wel prima. Je hebt nog altijd die wrange sfeer in dat nummer. Ik heb hem solo gezien in Bozar, maar dat kwam niet echt binnen omdat zijn piano niet versterkt was en ik achteraan in de zaal zat. Maar op een manier ligt
hij me niet. Ik verkies muziek die minder vol is, die minder informatie bevat, dan kan ik er sneller van genieten. Maar ik kijk wel naar hem op: wat een beheersing van zijn instrument!
Beraadgeslagen
NEDERSTEPROCK, uit Beraadgeslagen, De Werf, 2016. Fulco Ottervanger (keys), Lander Gyselinck (d)
Heavy! Ik heb dit onlangs nog gehoord. (Denkt na) Ik weet het: dit is Beraadgeslagen! Blij dat ik dit herkend heb (lacht). Ik heb ze onlangs live gezien in Gent. Ongelooflijk, die grooven de pan uit. Hun smaak van synthesizers is heel goed. Wat een sfeer! Eigenlijk is dit een wat gek duo, ik begrijp er niet veel van, maar ik ben wel fan. Is heel specifieke muziek, ook al kan je die muziek niet omschrijven (of definiëren), het is een mengeling van van alles en nog wat, heel speciaal. Lander en Fulco zijn alle twee op zoek naar een sound, en de sound die ze dan hebben uitgekozen is echt wel bestudeerd. De sounds ondersteunen het stuk. Ja, dit is dezelfde bezetting als SCHNTZL, keyboards en drums. Maar zij zijn duidelijk anders dan wij. Onze plaat (die in oktober verschijnt -nvdr) is hoofdzakelijk superstil. De eerste vier tracks van onze plaat zijn mini-
maal, er gebeurt heel weinig, een geduldige opbouw. Traag op gang komen: dat is het devies. Daar genieten wij heel erg van. We benutten het duo dus helemaal anders. Onze plaat is een verzameling van alles wat we doen, ook elektronische klanken. Onze plaat begint en eindigt akoestisch en tussenin gebeurt er veel, ook met elektronica dus. Op een nummer speel ik met een overstuurde Fender Rhodes en ook wel met loops. Beraadgeslagen is zeker een stuk wilder dan SCHNTZL, al is er bij ons ook wel eens een uitspatting bij.
Airto
LUCKY SOUTHERN,
uit Free, CTI, 1972. Airto Moreira (perc), Hubert Laws en Joe Farrell (fl), Keith Jarrett (p), George Benson (g), Ron Carter (b)
Bley/Motian
denkt altijd dat er iets gaat gebeuren.
BATTERIE, uit Notes, Soul Note, 1987. Bley (p), Paul Motian (d)
Is dit Paul Bley? Met Paul Motian? Hebben die dan een duoplaat gemaakt, zonder bassist? Dat wist ik niet. Dit is smullen! Ik heb de jongste jaren heel veel naar Bley geluisterd. Bley klinkt altijd fris, niemand klinkt zoals hij. Vijf jaar geleden hoorde ik hem voor het eerst maar toen was ik er duidelijk nog niet klaar voor. Dat is stuff voor later, dacht ik. En nu is het dus zover. Bij hem is alles echt geïmproviseerd, hij gooit nooit zomaar wat op tafel. Als hij improviseert, zijn de kleuren die hij kiest altijd raak. Hij verveelt mij nooit. Alles wat ik van hem ken, is subliem.
Leuk. Aan de opname te horen moet dit iets van de jaren 70 zijn. Echt cool. Een eigenaardige combinatie, het begon als bop, maar krijgt nu een Pat Metheny-cachet. Geen idee wie die pianist is.
En ik ben ook een grote fan van Paul Motian. Die reeks platen onder de noemer On Broadway is uitstekend. Met Masabumi Kikuchi, Chris Potter, Ben Monder, allemaal prima muzikanten. Echt muziek om van te genieten.
(Achteraf) Wauw! Jarrett klonk hier fantastisch. Zijn solo was een logisch vervolg op wat voorafging. Die pianosound was hier zeer ontypisch voor hem en de muzikale context in die band ook, je zou hem hier nooit verwachten.
Van Paul Bley, Gary Peacock en Paul Motian heb ik een filmpje ontdekt op YouTube, van een concert in Bremen. Daar heb ik al superveel naar geluisterd. Ik heb er veel uit geleerd.
Jarrett is echt een van mijn helden. Al zijn muziek heeft een ongelooflijke intensiteit. Hij pusht zichzelf voorbij zijn techniek, hij speelt altijd buiten zijn eigen comfortzone. De klank die hij uit zijn piano krijgt, hoor je bij niemand anders.
Han Bennink/Uri Caine
Mijn favoriete Jarrett-plaat is Facing you, zijn allereerste op ECM. Alles zit daar op de juiste plaats, geen noot te veel of te weinig. Je hoort hem in al zijn facetten.
Is dit ook Keith Jarrett? Nooit gehoord, denk ik. Wauw, de spanning is te snijden, de manier waarop de drummer speelt, je
TRUE LOVE, uit Sonic Boom, 816 Music, 2012. Caine (p) Bennink (d)
(Achteraf) Van Uri Caine heb ik alleen de bewerking van de Goldberg Variations gehoord en dat is natuurlijk iets helemaal anders. Als pianist heb ik hem niet echt bestudeerd. Maar dit stuk is heel goed, spannend. Roekeloos, onvoorzichtig, daar hou ik wel van.
Don Pullen
JANA’S DELIGHT, uit New Beginnings, Blue Note, 1989. Pullen (p), Gary Peacock (b), Tony Williams (d) Ahmad Jamal? Mooi. Iets van de jaren 70, wellicht? Super. Doet me wat aan Hampton Hawes denken. Groovy, dezelfde happy sfeer. Superleuk, ik zou dit zeer graag kopen. Dit stuk heeft een zekere simpelheid, maar dat is net de sterkte. Is die bassist Gary Peacock? (Achteraf) Neen, Don Pullen ken ik niet. Die techniek met de vlakke hand deed me inderdaad wat aan Cecil Taylor denken, maar dan wel in een zeer toegankelijke context. Zulke energieke uitbarstingen zijn heel bijzonder, geven een bijzondere vibe. De muziek ademde dezelfde sfeer als bij het Ahmad Jamal Trio: ook hij speelt heel zwaar, maar klinkt altijd optimistisch, vrolijk. Jazz heeft vaak de neiging diep en zwaarmoedig te zijn, dan is het leuk eens iets zo vrolijk en blij te horen. Muziekkeuze en reacties opgetekend door Peter De Backer
Radio vanuit de buik van de Belgische jazz! Zondag van 14u tot 16u via www.urgent.fm Herbeluister: www.mixcloud.com/dirkroels www.facebook.com/jazzrulesradio - [email protected] 2016/3
25
◗ DE JAZZKRIEBELS VAN…
Annelies Verbeke “Schrijven doe ik met een eigenzinnig ritme” Annelies Verbeke (40) onderscheidt zich als auteur door humor en verbeeldingskracht. Haar jongste roman Dertig Dagen (De Geus 2015) kreeg alle lof en won o.a. de F. Bordewijk-prijs. Net als haar debuutroman Slaap! (2003) is het een bestseller. Daarnaast schreef ze uitstekende verhalenbundels, waarvan ze zelf Veronderstellingen als haar beste beschouwt. In haar stijl speelt ritme een belangrijke rol. Ze deelt haar liefde voor muziek, ook jazz, met haar lezers. Daar willen we graag meer over weten.
Nina Simone was iemand waar ik al heel vroeg naar luisterde en van haar vond ik bij de platencollectie van mijn vader een live-lp die fantastisch is. Waar die opname gebeurde is niet te achterhalen, het was een Franse compilatie. Op die plaat zingt ze bv. Strange Fruit, wat natuurlijk het nummer van Billie Holiday is, maar zoals zij dat brengt, vind ik het zeker zo goed, zo krachtig. In 1993 kwam ik bij Herbie Hancock uit via de sample van Cantaloupe Island door Us3, de versie Cantaloop (Flip Fantasia) die ik al dansend ontdekte. En in die periode pikte ik via Zap Mama Watermelon Man op.
Heb je zelf een muzikale opleiding genoten? Ik heb wel als kind vijf jaar piano gespeeld. Voor mijn twintigste heb ik ook in twee verschillende bands gezongen, maar helemaal geen jazz.
Hoe bepaal je de muziekkeuze in je literair werk? Die muziek komt bij me op omdat die past in de sfeer en context van het verhaal. Sowieso vind ik dat muziek en literatuur heel dicht bij elkaar aanleunen. Ik vind ritme misschien het allerbelangrijkste in een tekst. Als mensen mijn stijl herkennen dan komt het vooral door het eigenzinnig ritme. In mijn debuutroman Slaap! was ik geïnteresseerd in korte zinnen. In later werk gebruikte ik langere zinnen, meer komma’s en punten, dat werd een ander ritme. Bij Dertig Dagen had ik echt het gevoel dat ik, eerder dan een boek, aan een partituur aan het schrijven was, omdat er veel thema’s voorkomen die terugkeren als leidmotief. En bovendien speelt de kora, het Afrikaanse muziekinstrument, een belangrijke rol. Ik vind dat een heel hypnotisch instrument. Het was overigens de enige keer dat ik met een hoofdtelefoon, luisterend naar kora-muziek, heb zitten schrijven.
Wat sprak je vooral aan in jazz? Voor mij was Ella Fitzgerald echt wel de openbaring. Dat kwam ook door Lieven die de cd Ella & Duke at The Côte d’Azur (Live) kocht. Dat vind ik een monument van schoonheid en kracht, alleen al die versie van Mack The Knife, waarmee het concert opent. Ella was in topvorm. Ik heb ooit een ode aan haar geschreven. Haar stem is heel speciaal, echt een instrument. Ze is een van de weinige artiesten waarvan ik een biografie las. En ik kocht na mijn relatie met Lieven nog veel meer van haar.
Je ging ook samenwerken met muzikanten…? In 2010 vroeg Jan De Campenaere me om met Venus in Flames een literair-muzikale voorstelling te geven. Zij zongen wel hun eigen teksten en zelf voegde ik daar spoken word aan toe. Maar dat was geen jazz. Tijdens Leuven Jazz dit jaar heb ik op uitnodiging van Urban Woorden vzw, een organisatie van de Nigeriaanse jazzman Tunde Adefioye, het podium gedeeld met een trio van jonge muzikanten van de jazzacademie van Leuven. Dat vond ik wel spannend. Drummer Jakob Eykens voelde de teksten sterk aan en wist daar met
26
2016/3
›
foto: © Jos L. Knaepen
Hoe heb je jazz ontdekt? Ik kan me geen tijd zonder jazz indenken. Mijn vader was net als ik nu heel eclectisch in wat hij beluisterde, daar was ook veel jazz bij. Hij was niet zozeer een jazzkenner, hij kocht vooral compilaties. Daar zat heel wat dixieland, New Orleans jazz tussen. Ik heb die platen kunnen redden toen mijn vader ze vier jaar geleden naar de Kringwinkel wou brengen. De grote Amerikaanse jazzmuzikanten leerde ik vooral kennen via mijn lief en ex-partner Lieven Keymolen (klarinettist bij Hans Mortelmans & Group -nvdr) die in de jaren 90 jazzacademie volgde en een indrukwekkende jazzcollectie bezat. Hij volgde nog les bij Frank Vaganée. We gingen toen veel naar concerten van het Brussels Jazz Orchestra. Met Lieven beleefde ik ook concerten op Gent Jazz en Jazz Middelheim. Daar ging het er soms heel ernstig aan toe, optredens waar ik zelf niet veel van begreep en dan moest afhaken. Nog voor die jazzperiode, rond mijn 17de, hield ik veel van Zappa die me op een andere manier naar muziek deed luisteren. Daar zat ook veel humor in. Als jazz de hermetische toer opgaat, mensen ernstig zitten te knikken van ik snap het wel, dan pas ik. Geef mij maar vrolijk speelse en levendige jazz.
Annelies Verbeke:
“Bij Dertig Dagen had ik echt het gevoel dat ik, eerder dan een boek, aan een partituur aan het schrijven was...”
2016/3
27
music
centre for fine arts brussels
SeASon ’16 — ’17
Jazz highlightS
facebook.com/ bozarjazz
2016
2017
15 & 16.10 StravinSky DeconStructeD: • Flat Earth SociEty • Eric hoFbauEr QuintEt
16.02
braD mEhlDau trio
23.02
ruSSElS Jazz orchEStra b FEat. ryan truESDEll: thE muSic oF gil EVanS
22.10
bram DE loozE “Piano E FortE”
28.10
nir FElDEr
11.11
t axiwarS SPEcial: Program by tom barman & robin VErhEyEn
25.11
umoulin / VErbruggEn / D haino
27 & 28.03 antonio SánchEz - birDman: Film + liVE Drum ScorE 23.04
iannE rEEVES + orchEStrE D PhilharmoniQuE Du luxEmbourg o.l.V. waynE marShall
Paleis voor schone Kunsten brussel Palais des beaux-arts bruxelles rue ravensteinstraat 23 1000 brussels +32 2 507 82 00 / bozar.be 28
2016/3
Copyright photos: Dianne Reeves © Jerris Madison, Antonio Sánchez © GR/DR
›
zijn band prima op te improviseren. Dat ligt me wel. Zo vind ik bv. wat Remco Campert doet met Corrie Van Binsbergen prachtig. Ik heb nog niet zo’n echte begeleiding gehad door jazzmusici terwijl ik zelf mijn teksten bracht. Maar ik zie dat zeker wel zitten in de toekomst. In Nachtportretten schets je een verhaal over Eric Vloeimans, hoe kwam dat? Dat waren verhalen rond nachtmensen. Ik vond dat ik ook een muzikant moest portretteren omdat die toch ook veel ’s avonds en ‘s nachts leven. Vloeimans ontmoette ik in Tilburg, waar ik later nog ‘writer in residence’ (maart 2015 -nvdr) was. We troffen elkaar in de toffe jazzclub Paradox. Ik denk dat mijn uitgever, De Geus, Vloeimans voorstelde. Ik vond het wel speciaal dat Vloeimans zo veel belang hechtte aan zijn kleding om op te treden (lacht). Eigenlijk was hij niet echt iemand van de nacht, want hij ging redelijk vroeg naar huis. Begrijpelijk als je zo elke avond speelt… Je hebt ook over optredens van muzikanten geschreven…. Voor De Morgen heb ik twee keer Stuart Staples geïnterviewd. Voor Knack schreef ik over Marcus Miller. Dat optreden in AB (Tutu Revisited 2009 -nvdr) herinner ik me goed, omdat dit een eerste jazzconcert was met de man waarmee ik nu heel wat jaren samen ben. Hij is ook bassist, hoewel niet meer van beroep, en gek van Marcus Miller. Bassisten zijn een constante in mijn leven. Twee van mijn neven zijn bassist. Dat instrument heeft voor mij een emotionele waarde. Miller bleef wat op de achtergrond en liet trompettist Christian Scott, drummer Ronald Bruner Jr. en saxofonist Alex Han schitteren. Die laatste was voor mij de grootste revelatie. Drummers vind ik belangrijk, want dat gaat over ritme. Ik denk als ik zelf opnieuw een instrument zou bespelen het drums zou zijn, omdat ik ritmisch ingesteld ben. Bas
en drums vormen voor mij de basis. En omdat ik zelf piano heb gespeeld spreekt me dat aan, zowel in klassieke muziek als in jazz. Er is een plaat van mijn vader met alleen maar jazzpiano waar ik vaak naar luister. Je reist veel, kom je dan ook jazz tegen? In New York, waarmee je jazz associeert, was ik daar niet direct op uit. Toch heb ik in Brooklyn in 2014 een uniek concert bijgewoond. Dat was een eerbetoon aan de Nigeriaanse Afro-funk pionier William Oneyabor door David Byrne samen met Money Mark van de Beastie Boys en Afrikaanse zangeressen. Een spetterend optreden met een mix van jazz, folk, funk, hiphop. Hiphop is ook een vorm waarlangs ik vertrouwd ben geraakt met jazz. Jazzmatazz is zo een voorbeeld. In Rotterdam heb ik nog Jef Neve met Typhoon meegemaakt. Ik hou wel van die vermenging. Wat me ook nog bijblijft is het optreden van Gil Scott-Heron met The Revolution Will Not Be Televised op Gent Jazz. En nu schiet me plots een concert te binnen van Toots Thielemans die ik voor het eerst live zag in De Roma bij zijn afscheidstournee. Ik voelde me ergens dicht bij Toots omdat zijn hondjes dezelfde naam bleken te dragen als de hondjes die wij vroeger thuis hadden – Moët en Chandon – maar mijn ouders gaven ze die namen voor we van de hondjes van Toots wisten… Kan het thema muziek onderwerp vormen van een toekomstig werk? Ik heb net zoiets geschreven. Een impressie rond het eerste celloconcerto van Dmitri Sjostakovitsj, wat verschijnt in mijn nieuwe verhalenbundel, Halleluja, voorzien in januari 2017. Maar het celloverhaal zal al eerder verschijnen in een boekje bij de Cello Biënnale in Amsterdam in oktober. Wat fascineert je nog buiten schrijven en muziek? Ik dans heel graag. Ideaal voor mij is een goeie dj
met goeie muziek en veel mensen aan het dansen. Op mijn veertigste verjaardag dit jaar werd er heel veel Fela Kuti gedraaid en dat viel aan het dansen te merken, zowel van de Afrikanen als andere aanwezigen. Ik vind dat er niets zo ontladend is. Ik denk aan 2008 toen ik een heel zwaar jaar beleefde op verschillende fronten en denk dat het me toen gered heeft om te gaan dansen en muziek hoort daar uiteraard bij. Dat kan natuurlijk alleen maar op goeie muziek, soul, funk en jazz, Afrikaanse ritmes. Ik denk dat alles naar ritme is terug te brengen. Hoe ik wil bewegen. Sinds 2009 beoefen ik ook Aikido. Wat ontbreekt er nog in je jazzcollectie, wat wil je nog vinden? Er ontbreekt nog zo veel. Ik ben geen jazzkenner. Ik koop nu vooral vinyl. Mijn compilatie-cd’s beluister ik in de auto. Wat maakt dat ik in de auto luister naar dingen die ik twee jaar geleden heb gekocht of gekregen en vinyl de jongere aankopen zijn. Het is redelijk recent dat ik met vinyl mijn collectie opbouw. Ik heb de jazzgroten in mijn hoofd waar ik eerst op uit ben. Een top-5? In mijn lijstje staat Miles bovenaan en zeker al Milestones, die heb ik al digitaal maar moet ik nog aankopen op lp. Charlie Parker, Charles Mingus, Cannonball Adderley en van Herbie Hancock mis ik nog de plaat met Cantaloupe Island. Ik heb wel de neiging om makkelijk naar compilaties te grijpen. Grote namen, de dingen die je moet kennen. Het lijkt wel alsof ik die eerst echt moet doorgemaakt hebben, leren kennen en kunnen benoemen. Om dan verder te gaan. Zoeken van daaruit. Ik zit nog in die fase van verder zoeken. Maar ik wil toch meer voor afgewerkte albums gaan. Ik vergelijk het met de korte verhalen binnen een verhalenbundel. Ik wil liefst dat die gelezen worden in de context van de andere verhalen. Bernard Lefèvre
DE TOP-10 KEUZE VAN ANNELIES VERBEKE (in willekeurige volgorde – met notities van Annelies Verbeke)
» Ella Fitzgerald & Duke Ellington
Ella & Duke at The Côte d’Azur (Live) Verve 1967
Het beste jazzalbum in mijn bezit, ontelbare keren naar geluisterd. Alleen al die versie van Mack the Knife waarmee het opent. Doet vermoeden dat Ella Fitzgerald God is.
» Herbie Hancock
Head Hunters
Columbia Records 1973 Dit iconische album is zo funky, zo uitgelaten levenslustig, beetje balorig zelfs.
» Nina Simone
A Portrait of Nina Simone Disques Festival 1972
Een wat mysterieus album, live, maar nergens op de plaat is terug te vinden over welk optreden het gaat. Mooie opnamekwaliteit. Valt zeker onder jazz, vind ik, met opvallend Afrikaanse ritmes.
» Marcus Miller
Tales
» Chet Baker
Best of Chet Baker Sings
Dreyfus Jazz 1995
Blue Note 1989
Ik had ook een ander album van hem kunnen nemen, ik heb ze hier allemaal.
Nu ik aan mooie stemmen dacht: ik heb hier enkel een compilatie-album van Chet Baker. Met zijn versie van I get along without you very well heeft hij me ooit tot tranen weten te bewegen. Die song haal ik ook even aan in mijn debuutroman Slaap! (2003)
» Markos Alexiou, George Filippidis en George Trantalidis
Sphinx
Studio ERA 1979 Een Griekse vriend van me bevestigde dat dit de beste jazzmuzikanten van Griekenland zijn/waren.
» José James
The Dreamer
Bronswood Recordings 2008 Ik vond een optreden van hem tegenvallen, maar de cd The Dreamer heeft in 2008 en daarna zo vaak in mijn auto gespeeld tijdens het rijden, dat ik hem hier wel moet vermelden. Hij heeft ook echt een hele mooie stem. Heb nog andere cd’s van hem. Ook prachtig is zijn Little Bird, samen met Jazzanova.
» Fela Kuti
Shuffering and Shmiling Coconut/Phonogram 1978
Het vele moois dat uit Afrika komt heb ik pas de laatste zeven jaren beter leren kennen, door mijn lief (die uit Senegal afkomstig is). Kuti zou zijn muziek zelf misschien geen jazz noemen. Dat hij een van de beste en excentriekste muzikanten aller tijden is, staat vast. Shuffering and Shmiling is daarenboven een heerlijke titel.
» Miles Davis
Milestones
Columbia Records 1958 Toch komt als ik aan Miles Davis denk So What me het eerst voor de geest. Net als Coltranes Blue Train leerde ik dit allemaal kennen als jonge twintiger, door mijn toenmalige lief, die op jazzconservatorium zat en mij mijn klassiekers bijbracht.
» 100 Best of Blue Note
Blue Note Records 2011 Jazz Sessions uit de Black is Beautiful reeks EMI 2009 Ik vind dit twee hele knappe (respectievelijk 10-delige en 2-delige) cd-reeksen, die ik al veel heb gedraaid, vooral in de auto. Op die tweede staat een versie van Caravan van Duke Ellington. Hypnotisch nummer. Ik heb een andere versie ervan gebruikt in mijn jongste roman Dertig Dagen. 2016/3
29
OKT-DEC
ck
© CAMERON WITTIG
J
Z Z A
Annonce_JazzMozaiek_2016-09.indd 2
31/08/2016 11:55:53
Maandag 14 november 2016 om 20u15 Double bill: SCHNTZl en lorierS-PoSTMa-THyS © Jos L. Knaepen
play or listen
Maandag 16 januari 2017 om 20u15 ClaroSCuro
Maandag 13 maart 2017 om 20u15 DelViTaGrouP: THe broTHerS breW
Maandag 22 mei 2017 om 20u15 De GrooTe-FaeS Duo: SyMPHoNy For TWo liTTle boyS locatie: Cultuurcafé de Halle • Markt 1a • Geel
maandag 17 oktober 2016 • maandag 12 december 2016 maandag 13 februari 2017 • maandag 24 april 2017 maandag 26 juni 2017 telkens vanaf 20u15 café de Werft • Werft 32 • Geel
Gratis toeGanG inschrijven of meer info via www.jazzjam.be • www.facebook.com/JazzJamGeel • [email protected]
© Thomas Geuens
© Dieter Procureur
Zaterdag 17 december 2016 om 20u15 jef neve nodiGt uit locatie: Cultuurcentrum de Werft • Werft 32 • Geel info en reservering cultuurcentrum de Werft Geel: www.dewerft.be • 014 56 66 66
◗ FOCUS
Florian Favre
Wonderkind uit Bern en winnaar van B-Jazz International Contest Het Florian Favre Trio uit Zwitserland won dit jaar het B-Jazz International Contest tijdens het Leuven Jazz Festival. Dit trio uit Bern bracht eerder dit jaar hun tweede album Ur uit (zie cd-rubriek) en staat nu aan de vooravond van de internationale doorbraak. We stelden Florian Favre (30) enkele vragen over zijn ervaring met het B-Jazz International Contest.
Hoe en wanneer heb je voor het eerst gehoord over B-Jazz International Contest? Toen ik vier jaar geleden studeerde aan de Higschool Of Arts in Bern hoorde ik dat er in België een belangrijke internationale wedstrijd was (toen nog Jazz Hoeilaart, de voorloper -nvdr). Ik dacht er nooit aan om mee te doen, tot vorig jaar onze bassist Manu Hagmann me wel drie keer zei dat we het moesten doen. Dus besloot ik om ons in te schrijven. Bedankt Manu, je had gelijk (lacht). Zijn er in jouw omgeving vergelijkbare internationale wedstrijden die er voor zorgen dat jong talent extra speelkansen krijgt? In 2015 hebben we meegedaan aan Swiss Diagonal Jazz. Een jury selecteerde vijf Zwitserse bands en organiseerde een nationale tournee voor hen. In Zwitserland zijn er wel vergelijkbare wedstrijden, maar die leveren meestal maar een tweetal concerten op. Terwijl B-Jazz er voor zorgt dat we op festivals kunnen spelen in liefst vier verschillende landen: België, Nederland, Spanje en Italië. Dit is zowat het mooiste dat jonge muzikanten kan overkomen. Hoe heb je het B-Jazz International Contest beleefd? Er hing een heel toffe sfeer. Zowel bij de organisatie, de jury als bij de andere kandidaten. OK, het is een wedstrijd, maar toch ging het er gemoedelijk aan toe. Dat is helaas niet altijd zo bij een internationale wedstrijd. Met sommige deelnemers van B-Jazz hebben we nog steeds contact. Als je de kans zou krijgen om iets te veranderen aan B-Jazz International Contest, wat zou dat dan zijn? Persoonlijk zou ik het beter vinden moest het op twee dagen kunnen gebeuren in plaats van drie. En misschien zou de wedstrijd nog meer verbonden kunnen zijn aan het festival. Maar los daarvan was alles zeer goed georganiseerd hoor. Eigenlijk was het de beste wedstrijd waar wij ooit aan deelgenomen hebben. Ik denk zelfs dat Montreux Piano Solo nog zou kunnen leren van B-Jazz. Zij betalen geen onkosten en er is niks van accommodatie voorzien. Wat moeten we onthouden van het Florian Favre Trio? We hate showing off (lacht). Wij creëren alles samen. We stellen onszelf en elkaar voortdurend vragen, bestoken elkaar, om zo op onverwachte wijze ergens te landen en onszelf opnieuw uit te vinden. We houden er ook van om een verhaal te vertellen, zeg maar dramaturgie en muziek. Het publiek is voor ons de vierde muzikant die het verhaal kan sturen of zelfs volledig kan omgooien. Wat zijn je toekomstplannen? Eerst en vooral, nog beter worden. Binnenkort neem ik mijn tweede soloalbum op, waarbij ik ga improviseren en werken rond muziek van Stravinsky, Ravel en Chopin. Met het trio bereiden we onze tournee door Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië voor. Allemaal heel uitdagend en inspirerend! Dirk Roels www.florianfavre.com
De vijf favoriete jazzalbums van Florian Favre » Errol Garner
Concert by the Sea
» Oscar Peterson
We Get Request
» Miles Davis
Miles Ahead
» Joni Mitchell
Both Sides Now
» Craig Taborn
Avenging Angel 2016/3
31
◗ WINNAARS
Marithé Van der Aa en Sugar Free Bigband
Winnaars Podium Muziekmozaïek foto: Wietse Buyse
Het Marithé Van der Aa Quartet en de Sugar Free Bigband hebben tijdens de Gentse Feesten de wedstrijd Podium van Muziekmozaïek gewonnen. Acht jazzbands en vier bigbands deden mee aan het jaarlijkse contest op het Luisterplein.
Marithé Van der Aa
De jury loofde het sterke samenspel, de originele muziek en de arrangementen van het Marithé Van der Aa Quartet. Deze band rond de 20-jarige zangeres Marithé Van der Aa is een internationaal gezelschap dat intussen twee jaar samenspeelt. Ze leerden elkaar kennen tijdens een jam in Berlijn, waar Van der Aa momenteel nog studeert. Contrabassist Jonathan Nagel en drummer Andreas Kunert zijn Duitsers, pianist Daniel Schwarzald komt uit Israël. Volgend jaar wil dit kwartet een eerste album opnemen. Zangeres Marithé Van der Aa: “Toen we ons inschreven voor deze wedstrijd dachten we: je weet maar nooit. We werden geselecteerd voor de finale en speelden er met veel plezier. Ik denk dat we er ook wel stonden als een hechte groep. Het enige dat we jammer vonden was dat het concert tekort aanvoelde om ons echt volledig te kunnen laten zien. Veertig minuten is helaas niet zoveel. Maar dat we gingen winnen in Gent, dat hadden
we nooit gedacht. Hopelijk is dit een springplank voor ons.” “Aanvankelijk speelden we vooral standards. Dat was tof, maar ik voelde dat we daar iets niet in kwijt konden. Toen hebben we een grote discussie gehad over waar we nu eigenlijk naartoe wilden. Onze jazzachtergrond wilden we niet achter laten, maar zomaar de Amerikaanse jazztraditie kopiëren, dat was ook ons ding niet. Na wat experimenteren met verschillende meer hedendaagse invloeden zijn we op het idee gekomen om traditionele Europese volksmuziek samen te brengen met jazz en zo eeuwenoude liederen in een hip, modern jasje te steken. Voor mij was dit een hoogtepunt in de groep. We veranderden van een paar jammende jazzmuzikanten in een groep met een duidelijk project. Toen we in juli de wedstrijd van Muziekmozaïek wonnen, was dat ook een enorm mooie beloning voor ons werk.”
Sugar Free Bigband werd door de jury een top bigband met een topdirigent genoemd. Zowel het samenspel, de dynamiek en de keuze van de nummers waren zeer origineel, aldus het rapport. En ook het feit dat niks ingestudeerd leek, maar alles er op een spontane en menselijke manier uitkwam, zorgde er voor dat deze bigband uit het Gentse laureaat werd van het Podium van Muziekmozaïek. Dirigent Ivan Valck: “We zijn heel tevreden. Aan een wedstrijd doe je toch mee om te winnen, niet? In de aanloop naar de wedstrijd hebben we enorm veel gewerkt. Meedoen aan zo’n grote wedstrijd zorgt er voor dat je als muzikant op het puntje van je stoel zit. Heel wat weekends was het bij ons niet anders dan repeteren. En het kwam er voor mij ook op aan om iedereen uit de bigband te motiveren en te enthousiasmeren. Je bent immers maar zo sterk als je zwakste schakel. Deze wedstrijd is echt een goede zaak voor de bigbandmuziek. In het bigbandmilieu is de wedstrijd intussen ook al goed bekend.” “Van 1980 tot 1995 was ik trombonist bij de Skyliners Bigband onder leiding van Henk van Montfoort. Daar ontstond toen het idee om zelf met een bigband te beginnen in het Gentse. Sugar Free Bigband speelde zijn allereerste repetitie in het jaar 2000, intussen dus al een tijd geleden. We hebben in het verleden al gewerkt met solisten zoals Rony Verbiest, Hans Van Oost, Frederik Heirman, Rudy Reunes, Bjorn Verschoore en Dieter Limbourg. Hoe we nu naar de toekomst kijken? We willen het vooral proberen interessant houden voor iedereen, door een goede mix van liefhebbers, studenten en beroepsmuzikanten in onze band. En uiteraard is het fijn dat we een aantal keren per jaar een concert kunnen geven. Daarvoor doen we het (lacht)!” Dirk Roels
foto: Wietse Buyse
www.marithevanderaa.com http://users.telenet.be/sugarfree/
32
2016/3
Sugar Free Bigband
Sabam Jazz Awards en Jong Jazz Talent
Peter Vermeersch (56) en Bram De Looze (25) hebben de Sabam Jazz Award gekregen, respectievelijk voor Gevestigde Waarde en Jong Talent. Hoera won de Jong Jazztalentwedstrijd van Gent Jazz.
foto: © Bruno Bollaert - WahWah vzw
Gent Jazz Festival
v.l.n.r.: Kris Defoort, Bram De Looze, Peter Vermeersch, presentator Mark Lefever en Herman van Laar (SABAM)
De jury beklemtoonde de grote en blijvende impact van Vermeersch op de ontwikkeling van het muzikale landschap en het duurzame traject en veelzijdige talent van de frontman van Flat Earth Society. De award is goed voor € 10.000. De Looze werd gelauwerd voor zijn overweldigende muzikale talent en zijn muzikale integriteit en grote doelgerichte daadkracht. Hij kreeg een bedrag van € 5.000. Hoera, het trio van de broers Bert (g) en Stijn Cools (d) en Dries Laheye (b), is de winnaar van de Jong Jazz Talentwedstrijd van het Gent Jazz Festival. Hoera krijgt 10.000 euro om een jaar lang aan een project te werken dat ze op Gent Jazz 2017 zullen presenteren. Ze doen ook mee aan B-Jazz. Hoera werd via een online-poll verkozen door 55 professionals uit de jazzsector. Dirk Roels
v.l.n.r.: Stijn en Bert Cools en presentator Mark Lefever
Showroom (open on appointment): Emiel Banningstraat 5 B-2000 Antwerpen (Zuid) +32 (0)3 216 39 34 [email protected]
Webshop (open 24/7):
www.technologyfactory.eu 2016/3
33
◗ JAZZ EN KUNST
Tekenen en muziek Jean-Claude Salemi De man maakt gravures, tekent affiches en cd-hoezen, illustreert boeken, ontwerpt bricolages en is ook muzikant. Kortom, een polyvalent kunstenaar. Toch blijft hij nog een grote onbekende, zeker in Vlaanderen. Maak kennis met Jean-Claude Salemi.
Met Live à la Jazz Station, het vorig jaar verschenen debuut van zijn groep Swing-O-Box, haalde hij onze cd-rubriek. “Pretentieloos amusement maar gebracht met hart en ziel”, zo werd de cd omschreven. Als veelzijdig illustrator bracht Salemi (°1950) al een indrukwekkend oeuvre uit met een onmiskenbare persoonlijke stijl, die het midden houdt tussen de klare lijn en de gravures van Frans Masereel. Rode draad bij dit alles is Belgische jazz met in het bijzonder de gipsyswing van Django Reinhardt. En hij apprecieert Belgische artisanale bieren. Meteen genoeg aanknopingspunten voor een interview. Tekenen en musiceren, voor jou is dat blijkbaar de ideale combinatie? Gravures dragen nog steeds mijn voorkeur weg, ook al maak ik dolgraag illustraties voor de meest uiteenlopende onderwerpen. De muziek kwam er geleidelijk aan bij maar haalt tegenwoordig de bovenhand. Dat heeft waarschijnlijk te maken met de pensioengerechtigde leeftijd. De professionele druk vermindert zodat ik mij meer en meer kan toeleggen op mijn hobby. Het uitbrengen van de cd Live à la Jazz Station is daar het beste voorbeeld van.
Welke studies heb je gedaan? Eerste jaar architectuur aan Sint Lukas in Brussel maar al snel kreeg ik de vraag van Infor Jeunes en diverse socioculturele organisaties om illustraties te leveren. Verder studeren kwam er niet meer van. In de jaren tachtig begon ik mij dan toe te leggen op gravures met specialisatie in linogravures. Dit groeide stilaan uit tot mijn specialiteit. Tegenwoordig geef ik zelfs stages op dat gebied. Wie zijn je grote voorbeelden? Frans Masereel natuurlijk. Het zijn bijna stripverhalen avant la lettre wat hij deed. Daarnaast apprecieer ik enorm het werk van de Zwitserse kunstenaar Félix Vallotton. Wat het tekenen betreft, staat Ever Meulen bij mij aan de top. Net als deze laatste heb je al heel wat hoestekeningen ontworpen. Doe je dat voor iedereen die het vraagt of moet er een link zijn met je eigen leefwereld en interesses? Eigenlijk hanteer ik geen bepaalde selectiecriteria. Het dwingt mij zo om mijn verbeelding extra te gebruiken, zeker indien het om onderwerpen gaat waar ik minder vertrouwd mee ben. Bij opdrachten waar ik carte blanche heb, varieert de werkwijze. Soms vertrek ik van een heel surrealistisch idee, soms is het een bepaalde melodie die mij inspireert. Van waar kwam het idee voor L’Interview Brel, Brassens, Ferré, de meest recente cd van L’Ame des Poètes? Dat was iets speciaal. Het is hun hommage aan de drie grote chansonniers Brel, Brassens en Ferré die ooit samen een interview deden op 6 januari 1969 en waarvan een foto bestaat. Ik kreeg de vraag om hiervan een tekening te maken maar dan met Pierre Vaiana, Fabien Degryse en Jean-Louis Rassinfosse in de rol van de drie chansonniers. Geen sinecure want ik wil altijd dat elk detail klopt. En bij een gravure mag je niet missen zoals bij het tekenen waar je een foute lijn eventueel nog kan verwerken of aanpassen, zeker als je met een computer werkt. Hoe ga je te werk bij festivalaffiches? Meestal is dat voor jazzevenementen met Belgische groepen en met die namen ben ik wel vertrouwd. In het verleden was het vooral Les Lundis D’Hortense die mij vroeg. Ook voor hun zomerstages leverde ik een aantal ontwerpen. Toen ik nog in Luik woonde, heb ik ook nog filmaffiches getekend. Dat is dan weer een andere wereld.
34
2016/3
Salemi de muzikant: van tango tot Django Wat was de trigger om zelf muziek te spelen? Als jonge tiener volgde ik wat gitaarlessen maar dat was geen succes. Ik ben dan maar als autodidact verdergegaan want ik wilde echt wel gitaar spelen. Ragtime en fingerpicking waren toen hip en ik had een grote bewondering voor Jacques Stotzem die ik persoonlijk kende. Het was de tijd dat Stefan Grossman regelmatig optrad in Luik. Ik luisterde ook enorm veel naar de Engelse folk uit die periode. Daarnaast apprecieerde ik de Vlaamse folkgroep Rum, evenals Wannes Van de Velde. Zo kwam ik in contact met musette. Tot ik een van de laatste platen van Django Reinhardt te horen kreeg. Ik ben dan plaat per plaat terug in de tijd gegaan tot bij de origine van de swing en verdiepte mij meer en meer in de manouche-stijl die helaas te zwaar gebukt gaat onder de clichés van technische vaardigheid, vingervlugheid en een welbepaalde kledingstijl. Dat wil ik allemaal vermijden met mijn groep Swing-O-Box. Vorig jaar verscheen jullie Live à la Jazz Station? Voordien was er al een mini-cd met vier nummers, uitgebracht in eigen beheer. Dit is ons officieel debuut. Het gebeurde eigenlijk heel toevallig. Er werd een tentoonstelling met mijn werk georganiseerd in de Jazzstation en de directeur Kostia Pace, samen met zijn rechterhand en geluidstechnicus Yannick, stelde voor dat ik een concert gaf naar aanleiding van de vernissage. Voor de gelegenheid nodigde ik een aantal extra muzikanten uit waaronder mijn zoon-pianist Martin. Toen we nadien de opnamen beluisterden, ontstond het idee van de cd waar ik dan ook de hoes voor tekende. Robert Crumb achterna? Ik ben natuurlijk een grote fan en heb zowat al zijn illustratiemateriaal in huis, van boeken tot kaartspelen. Ik zag hem eens toevallig in Frankrijk op restaurant maar durfde hem niet te benaderen. Hij zat daar continu te tekenen aan tafel. Fascinerend hoe hij echt geobsedeerd leek door het schetsen. Net als hij verzamel ik vinyl maar niet zo fanatiek. Bij mij gaat het soms enkel om de hoes of om een onbekende gitarist te ontdekken. Welk is het verhaal achter de groep Bolero Blues? Dat begon eind jaren zeventig als een vriendenclubje dat toch wel eens buiten het repetitielokaal wilde treden. We waren nogal geëngageerd en traden op tijdens manifestaties en politiek getinte evenementen. Een van de groepsleden was een Spanjaard. Hij stuurde de muziek richting tango’s en Spaans gekleurde muziekjes. Daarnaast had hij een voorliefde voor afgeleide vormen van blues. Vandaar de naam Bolero Blues. Na een tijd groeide het hele concept wat uit de hand en stopten we ermee maar ik hou wel goede herinneringen over aan die tijd. Er bestaan opnamen maar die zijn nooit officieel uitgebracht. Aansluitend wil ik hier toch ook de groep GAM vernoemen met een repertoire van strijdliederen, instrumentale muziek en liefdesliederen. Je bent blijkbaar ook een liefhebber van wereldmuziek aangezien je de illustraties verzorgde voor het boek Un Monde de Musiques, verschenen bij Colophon Records? Eddy Pennewaert, de oprichter van het label, kwam
bij mij terecht via Manuel Fernandez, mijn Spaanse compagnon van bij Bolero Blues. Hij heeft een collectie veldopnamen van traditionele muziek uit verschillende werelddelen en maakte eveneens foto’s tijdens zijn vele reizen. Helemaal in Alan Lomax-stijl dus. Om zijn boek nog wat gevarieerder te maken, vroeg hij mij een aantal tekeningen te leveren in het verlengde van wat hij reeds bij elkaar gebracht had. Inspiratie en ideeën haalde ik hoofdzakelijk op internet want zelf ben ik geen echte globetrotter.
Jean-Claude Salemi:
“De muziek kwam er geleidelijk aan bij maar haalt tegenwoordig de bovenhand”
Je maakte ook tekeningen voor een boek over cafés in België, Cafés. Etats Des Lieux? (Bruxelles-Vie Ouvrière, 1986) Het basisidee was een denkbeeldige reis van Verviers naar Oostende met tussenstops in authentieke cafés. De sfeer die je op dergelijke plaatsen vindt, trekt mij wel aan. Een vriend, André Fonsny, schreef de teksten. Ondertussen zijn veel van die plekken helaas verdwenen. Het boek is normaal gezien nog verkrijgbaar.
Je ontwierp ook een aantal maquettes om zelf in elkaar te steken met als centraal thema kamperen en caravans? Mijn ouders waren fervente kampeerders. Eind jaren zeventig hadden ze ook een residentiële caravan aan de Belgische kust, vlakbij de Franse grens. Ik heb die indertijd nog geërfd. Door een vernieuwing van de wetgeving moest deze echter verdwijnen want heel wat caravans waren uitgegroeid tot residentiële woningen. De fascinatie is echter gebleven. In het verlengde daarvan hou ik ook van de echte originele frietkoten. Daar heb ik trouwens een poster over gemaakt en zelfbouwmaquettes. Die obsessie voor maquettes gaat trouwens heel ver. Mijn reeks omvat ondertussen ook trams, gitaren en zelfs het Atomium. Dat alles is waarschijnlijk een overblijfsel uit mijn jeugd toen bij magazines als Kuifje en Spirou ook knutselspulletjes zaten. Met Il Neige sur Liège ging je de striptoer op? Het is een kortverhaal gebaseerd op liederen van Brel. Dat was ook in opdracht. Het voorstel kwam van Ivan Delporte, de eindredacteur van het weekblad Spirou. Ik woonde toen nog in Luik. Het werd uiteindelijk een zeer poëtisch werkje. Er volgde zelfs een reeks van verschillende delen, uitgewerkt door andere auteurs maar wel telkens rond teksten van Brel. Georges Tonla Briquet
Meer informatie » www.salemi.be/ » www.razkas.com/ » www.facebook.com/swingobox » swingobox.viabloga.com » www.legroupegam.be 2016/3
35
Double Bill: Belgische jazz SCHNTZL // Loriers-Postma-Thys
VR 21.10.16 » 20.00 UUR » 30CC/WAGEHUYS
LINUS & OKLAND/VAN HEERTUM A l i mp rov i s erend verkent git arist R uben M ac h t elinc kx on beken d terrein. S amen met riet blazer Th omas Jilling s, v i ol i s t Ni l s Okland (NO) en euph oniumspeler Niels Van Heertu m .
©ThomasGeuens
WO 26.10.16 » 20.00 UUR » 30CC/SCHOUWBURG
BUGGE WESSELTOFT (NO)
SUPPORT: ODDARRANG (FI)
Het l egen d a risc h e projec t ‘New Conc ept ion of Jazz’ va n Wes s el toft komt na 1 0 jaar weer t ot leven! Het Finse k w intet O d d a rra n g maakt deze avond Nordic jazz c ompleet.
MA 5.12.16 » 20.00 UUR » 30CC/SCHOUWBURG
JÓHANN JÓHANNSSON (ISL) Neok l a s s i eke c omposit ies vermengd met ambient en ele ktron i ca . O n tdek zijn nieuwst e album ‘Orph ée’ (Deut sche Gra m mop hon) .. . een ode aan lic h t , wedergeboort e en vera n d eri n g. Belgisc h e première!
©ThomasGeuens
Dinsdag 8 november 2016 | 20:15 | €16 DO 8.12.16 » 20.00 UUR » 30CC/SCHOUWBURG
FRED HERSCH (USA)
SUPPORT: HOERA.
Vi rtu os i tei t, passie, diepgang en een breed repert oire . . . een va n d e a llergroot st e solopianist en t out c ourt . Het fees tje k ri jgt ext ra luist er met h et akoest isc h e git aart r io Hoera . (Jon g Jazzt alent Gent 201 6 ).
INFO & TICKETS
19:15 inleiding ‘Belgische Jazz’ - Frederik Goossens Locatie: CC ‘t Aambeeld, della Faillelaan 34, Aartselaar
WWW.30CC.BE - 016 300 900 30CC/TICKETBALIE, RIJSCHOOLSTRAAT 4, LEUVEN
8 oktober
André BrAsseur & BAnd
27 oktober Bugge Wesseltoft
(noorwegen) neW ConCeption of JAzz
10 november popA ChuBBy (Vs) 11 november stuff. hyBrid loVe 10 december tin Men And the telephone (nl)
4 februari the Blues giAnts (Vs)
20 april BrAM de looze
24 februari BlACk floWer & AkAlé WuBé (fr)
5 mei Jef neVe solo
piAno e forte
25 maart otto leChner (oostenrijk) en ArnAud MéthiVier (fr)
DE WARANDE TURNHOUT www.warande.be
Album Souvenir foto: © Jos L. Knaepen
But Beautiful Marc Van den Hoof Eén van mijn favoriete jazzboeken is nog altijd Geoff Dyer’s But Beautiful. Het verscheen voor het eerst in 1991 bij Jonathan Cape in Londen. Dyer is een Engelse scholar die behalve dit boek over jazz ook drie romans geschreven heeft en essays over o.m. John Berger, de eerste wereldoorlog, en recenter over fotografie en over D.H. Lawrence. But Beautiful is een raamvertelling. Harry Carney, Ellington’s levenslange baritonsaxofonist en basklarinettist, maar ook zijn chauffeur, rijdt met Duke in diens Cadillac achter de bandbus aan. Ze zijn onderweg naar een volgend optreden, ergens ver weg. Ze praten wat en Ellington valt telkens weer in slaap. Als hij een tijd later ontwaakt, gaat het gesprek voort tot Duke opnieuw indut. In de tussenpozen, terwijl Ellington slaapt en Carney geconcentreerd achter het stuur zit, krijgen we de verhalen te lezen of te horen – is het Duke die ze droomt of Carney die eraan denkt? van zeven helden van de jazz: Lester Young, Mingus, Monk, Bud Powell, Ben Webster, Chet Baker en Art Pepper.
Dat ik twintig jaar nadat ik het las weer aan dit boek moest denken, heeft te maken met het overlijden op 23 juni ll. van Guy Dossche, zijn leven lang de baritonsaxofonist en basklarinettist van het BRT Jazzorkest. En voor zover ik weet niet de chauffeur van Etienne Verschueren. Guy was geboren in 1925. Hij was een overblijver – de enige misschien? – van het indertijd heel populaire orkest van Francis Bay. Niet op de eerste plaats een jazzorkest, maar toch het orkest dat ons via wekelijkse uitzendingen op de radio introduceerde in het bigband idioom in al zijn varianten: de ene keer speelden ze Basie, de andere keer Kenton, Benny Goodman of Woody Herman en noem maar op. In 1958, het jaar van de Wereldtentoonstelling in Brussel maakte Bay een aantal LP’s die destijds hoge ogen gooiden: een recensent van Down Beat vroeg zich af of het nu al dan niet een nieuw album van Ellington zelf was dat op zijn platenspeler was beland. Het orkest van toen is in de jaren zestig om enigszins onduidelijke redenen uit elkaar
foto: © archief Guy Dossche
De schrijver vertelt het verhaal van hun leven niet zoals het echt was maar zoals hij zich voorstelt dat het geweest is. Aan de hand van wat hij over hen weet en wat hij van hun muziek heeft gehoord, bedenkt hij een soort poëtica voor elk van hen. Zoals Michael Ondaatje, maar dan op een heel andere manier, met zijn boek Coming through Slaugther (Op weg naar de stilte) een poëtica van Buddy Bolden heeft geschreven: hoe komt het dat deze jazzspelers met hun muziek de wereld er anders hebben doen uitzien?
Ter afronding is aan het boek nog een essay toegevoegd over traditie, invloed en vernieuwing in de jazz, én een beknopte discografie van de musici die in het boek figureren. In 1997 is bij de Wereldbibliotheek een Nederlandse vertaling verschenen van de herziene Engelse versie van 1996. Het boek is, geloof ik, na enige tijd in het modern antiquariaat beland en ik weet niet of er ooit nog een tweede druk is gekomen. Maar misschien is het nog wel ergens te vinden, tweedehands of in de ramsj. Of wie weet zelfs nieuw.
gevallen en opgevolgd door twee bigbands: een televisie showorkest en een radio jazzorkest. Bay werd de man van de televisie. Guy Dossche kwam terecht in het voortaan door Etienne Verschueren geleide jazzorkest. En hij is er gebleven tot ook dat orkest werd opgedoekt. Guy was een kleine, tengere man. Hij leek niet meteen voorbestemd om dat grote, zware instrument te bespelen, maar hij deed dat voortreffelijk. De saxofoonsectie was in hem verankerd. Hij was onmisbaar voor de goede gang van zaken in die sectie. Hij zat ook in Jack Sels’ Saxorama. (Ik herinner me het hartelijke weerzien met Philip Catherine enkele jaren geleden op het jazzconcours, toen nog in De Bosuil in Hoeilaart/Jezus-Eik: het was van Saxorama geleden dat ze elkaar nog gezien hadden.) Dat was ook weer voornamelijk sectiewerk. Maar een enkele keer kreeg de blower Guy Dossche een solobeurt, hetzij op zijn zilverkleurige bariton, hetzij op de basklarinet. Hij was, zo bleek dan, wel degelijk een jazzman, die een verhaal te vertellen had. Hoezeer dat zijn hoogsteigen verhaal moet geweest zijn, mag blijken uit het feit dat Guy na zijn pensionering nog les ging volgen aan de jazzacademie van Hoeilaart/ Overijse omdat hij er nu eindelijk toch wel het fijne wou van weten: hoe dat eigenlijk werkte, jazz spelen, improviseren … Er zijn weinig opnamen bewaard van de solist Guy Dossche. In het VRT archief zitten de Saxorama-sessies uit de jaren 1963 tot ’66 met een aantal soli van Guy. In 1970 maakte hij deel uit van een Etienne Verschueren Septet op Jazz Bilzen met, meen ik me te herinneren, o.m. ook Marc Moulin – misschien bestaat ook daarvan nog ergens een opname. Op basklarinet heeft hij ooit in duo met Etienne Verschueren als pianist diens third stream compositie Improvisatie opgenomen. De enige opname met Guy die in de handel is, is die met het Birth Of The Cool-achtige nonet van Sadi waarin hij basklarinet speelde, met voorts Bert Joris op bugel, Peter Vandendriessche op altsax, André Van Driessche op hoorn, Marc Godfroid op tuba, Tony Bauwens op piano, Hein van de Geyn of Bart De Nolf op bas en Freddy Rottier op drums. Op het Igloo album Sadi’s Nonet soleert Guy verrassend mooi in Monks I Mean You, een korte solo die zowaar eindigt met een heel Monkiaanse, grillige climax. Amper veertig seconden, meer niet, but beautiful, neem het van mij aan.
Guy Dossche
2016/3
37
◗ FOCUS
Jordi Grognard
De constante honger naar nieuwe wendingen Jordi Grognard (°1981) bespeelt een gans instrumentarium (tenorsaxofoon, sopraansaxofoon, klarinet in Bes, basklarinet, dwarsfluit, bansuri, oboe) en is zelfs actief als dj onder de naam Dj Jordi3000. Niet verwonderlijk dat hij overal opduikt in jamsessies en in de meest diverse projecten, van improvisatie via fusion tot Ethio-jazz. Bovendien is hij een verwoed vinylverzamelaar. Met Moker bracht hij net een nieuwe cd uit.
Over vinyl diggers, global beats en trance Jordi Grognard is wat je noemt, een vlotte prater. We hebben het nog maar even over een concertaffiche met de naam van een voor ons onbekende groep en hij steekt meteen van wal. “Ik woon al jaren in Brussel, na eerst in Londen en Rotterdam vertoefd te hebben. Met de alternatieve scene ben ik ondertussen echt wel vertrouwd, evenals met de hele subcultuur van vinyl. Wat die affiche betreft, het gaat om een Portugees dj duo, Celeste/ Mariposa. Hun muziek valt onder het etiket Afro Baile. Dat is net als de Kuduro (and Funana) een dansstijl waarbij Afrikaanse elementen uit Angola en andere Portugese kolonies, gemixt worden met westerse electro. Buraka Som Sistema (eerder dit jaar nog in de AB en Recyclart -nvdr) is momenteel een van de bekendste namen op dat gebied. In Brussel heb je Seb Bassleer. Hij heeft een collectief van dj’s rond zich onder de naam Rebel Up! Soundclash en verzorgt via platenbeurzen de verdeling van kleine onafhankelijke labels waaronder het Californische Sublime Frequencies. Al deze muziek wordt
Jordi Grognard:
“ Met de alternatieve scene ben ik ondertussen echt wel vertrouwd, evenals met de hele subcultuur van vinyl”
2016/3
nogal eens omschreven als global beats, een wat vage benaming voor een bonte mengeling van allerlei stijlen die reiken van Ethiopische ritmepatronen tot rhythm & blues. Kindred Spirits is een ander gelijkgestemd label uit Nederland met als centraal personage dj en producer KC The Funkaholic. Hun distributie is dan weer in handen van Rush Hour die ook de platen van de Nederlandse band Jungle By Night in haar catalogus heeft. Het is ook een winkel in Amsterdam en ze organiseren zelfs thema-avonden. Andere labels om te checken als je van dergelijke dingen houdt, zijn Soundway Records en Finders Keepers Records. Ze brengen allemaal obscure dingen uit, van folk en ethno tot surfrock uit Pakistan en Bollywood soundtracks. Een van mijn recente ontdekkingen is de Cairo Jazz Band, een soort bigband uit de jaren zestig en zeventig. De orkestleider, Salah Ragab, toerde nog met Sun Ra. Al wat ik hier opnoem, houdt nauw verband met de cultuur van de digger, de onvermoeibare schattenzoeker die overal ter wereld in platenbakken gaat snuffelen en zo de meest originele killer tracks op de kop probeert te tikken.”
Behoort je groep Yôkaï tot die scene? Dat proberen we toch. Het is vooral een excuus om muziek te spelen waarop je kan dansen zonder dat het gaat klinken als kermismuziek of een derderangs Balkanfanfare. We willen iets dat niet puur jazz is maar er toch aanknopingspunten mee heeft. De basis bestaat uit een harde kern: Yannick Dupont, Axel Gilain, Fred Becker en ikzelf. Het is echter zo dat we bij ieder concert andere gastmuzikanten uitnodigden zoals bijvoorbeeld Clément Nourry op guitar en Eric Bribosia op Fender rhodes en synths. Tegenwoordig zijn we een septet met twee drummers-percussionisten. De meesten dragen elk een steentje bij als componist waardoor het repertoire voortdurend evolueert. Onze EP is vooral een momentopname. Ondertussen gaat het verhaal verder. Door de gedeelde verantwoordelijkheid is het soms wel moeilijk iets georganiseerd te krijgen. De distributie is nog in eigen beheer. Ze is wel verkrijgbaar via Bandcamp in mp3/flac/mp4 versie. Kleine onafhankelijke vinylwinkels zoals Veals & Geeks in Brussel vormen weliswaar onze belangrijkste afzetmarkt. Je speelt ook mee op As Real As Thinking, de eerste cd van Machine Mas Trio die in 2011 uitgebracht is op het New Yorkse MoonJune Records? Dat ging allemaal heel vlug. Gitarist Michel Delville belde mij met de vraag of ik geen interesse had om mee te doen. Ook al ben ik zeker geen progrocker of fusionfan, het intrigeerde mij omdat er de link was met Frank Zappa. En er was natuurlijk de kans om te musiceren aan de zijde van iemand als Tony Bianco. Een heel genereus iemand boordevol sterke verhalen. Hij straalt een zekere spiritualiteit uit. Zijn drummen vat hij op als een soort sjamanistische trance. Over trance gesproken, je naam staat ook vermeld op Buenaventura van Mâäk? Ik heb Laurent Blondiau indertijd leren kennen via stages die ik volgde en we kruisten elkaars pad in verschillende Afrikaanse projecten. Op Buenaventura vervulde ik uiteindelijk slechts een bijrol. Op de nieuwe release van Tetterapadequ lever je eveneens een bijdrage als gastmuzikant? Dat is een kwartet met Daniele Martini, Giovanni di Domenico, Gonçalo Almeida en João Lobo. Eigenlijk ontstond die groep toen ze nog allemaal in Den Haag woonden. Nu hebben ze Brussel als uitvalsbasis en zijn allen nauw betrokken bij het Brusselse platform Studio Grez. Die plaat, Pangatuna, is trouwens daar opgenomen en komt uit op het Poolse label For-Tune. De première heeft plaats in Studio Grez op 16 november.
De vele vertakkingen van jazz
foto: © Sophie Saporosi
Bij Moker heb je wel een belangrijke inbreng? Het derde album waarop ik meedoe, is zopas verschenen onder de titel Ladder en het is een coproductie tus-
sen Gent Jazz en El NEGOCITO Records. Ik belandde bij hen vlak na mijn studies aan het Koninklijk Conservatorium in Brussel. Dat was in 2009. De mengvorm van jazz, rock en blues met free en experimenteel trok mij aan. Ik wil altijd mijn grenzen verleggen en was van meet af aan fan van Greetings From Mercury, een groep die te zwaar onderschat werd. Jeroen Vanherzeele, de leider hiervan, is een van mijn grote voorbeelden. Ik heb dan ook een paar jaar bij hem gestudeerd. Toen hij met Giovanni Barcella op maandagavond zijn vaste stek had in het el Negocito café in Gent gebeurde het regelmatig dat ik samen met Manolo Cabras richting Gent reed om hem aan het werk te zien. Heel die libertijnse sfeer sprak mij enorm aan. Zo leerde ik Bart Maris beter kennen en de Hot Club de Gand evenals Mathias Van de Wiele die mij uiteindelijk vroeg om bij Moker te komen. Recent verscheen dan de vinyl van Oba Loba (Silent Water/Clean Feed). Weer een totaal ander gegeven? Dat is de groep van Norberto Lobo en João Lobo. Voor ons lijkt het popmuziek omdat er in sommige stukken een afgelijnde structuur zit. Andere drijven dan weer voort op pure improvisatie. Swing ga je hier niet horen. Door het gebruik van een akoestische gitaar is er wel een bepaalde link met neofolk. De opvolger is ondertussen al ingeblikt en wordt begin 2017 uitgebracht op het Zwitserse label Three:Four. In de herfst gaan we de studio in voor het derde hoofdstuk. Vanwaar die honger naar steeds nieuwe wendingen? Dat is eigen aan de cratedigger. En door te luisteren naar Coltrane. Daarnaast had ik mij al verdiept in het werk van Pharoah Sanders, Eric Dolphy, Charles Lloyd, Sam Rivers en Yusef Lateef. Deze laatste zijn Eastern Sounds blijft voor mij nog steeds een mijlpaal. Het zijn allemaal muzikanten die verder gaan dan louter de techniek. In deze context wil ik zeker John Ruocco vermelden bij wie ik les volgde. Eveneens bepalend voor mij was East Meets West van bassist Ahmed Abdul-Malik met o.a. Johnny Griffin, Lee Morgan en Curtis Fuller. De man zelf musiceerde nog aan de zijde van Randy Weston, Art Blakey en Monk. Zo zocht ik dan verder en kwam ik bij de Beat Generation terecht. De vele vertakkingen van jazz dus. Over een deel hiervan maakte ik mijn eindwerk voor mijn studies literatuur Engels-Spaans aan de ULB. Dat ik op veertienjarige leeftijd met mijn ouders op reis mocht gaan naar Indië zal waarschijnlijk veel te maken hebben met mijn continue zoektocht. Dat was pas een confronterende ervaring. Het deed mij alleszins inzien dat ik mij niet ga wagen aan hun traditionele muziek. Waarom iets willen imiteren dat veel beter gedaan wordt door diegenen die het dag in dag uit beleven? Georges Tonla Briquet
Geselecteerde discografie
Meer informatie
» Yôkaï - Yôkaï (eigen beheer, 2015) » Norberto Lobo en João Lobo - Oba Loba (Silent Water/Clean Feed, 2015) » Moker - Ladder (el Negocito Records - 2016) » Tetterapadequ - Pangatuna (For-Tune - 2016)
» www.facebook.com/yokaisound » yokaibxl.bandcamp.com/releases » moker.org » www.jordigrognard.com 2016/3
39
◗ JAZZ EN FILM
“The boys are away, so the girls will play” Drie films over jazz en andere, soms gênante situaties The Girls in the Band De documentaire The Girls in the Band (2011) van de Amerikaanse cineaste Judy Chaikin vertelt het verhaal van vrouwelijke jazzmuzikanten in Amerikaanse (big)bands van de late jaren 1930 tot vandaag. In de klassieke bigbands van voor de Tweede Wereldoorlog waren vrouwen eerder zeldzaam: “There was an unwritten law that they wouldn’t hire women.” Van vrouwen verwachtte men dat ze viool, harp en
piano speelden, en zeker geen drums, gitaar, bas en riet- en koperinstrumenten. Veel vrouwelijke muzikanten richtten dan maar een eigen bigband op. De eerste vrouwenband in de Verenigde Staten was The International Sweethearts of Rhythm, onder leiding van Anna Mae Winburn. Deze band, die opereerde van 1937 tot 1949, bestond uit zowel zwarte als blanke vrouwelijke muzikanten. Dat was ongezien in die tijd van segregatie en racisme, vooral in de zuidelijke staten van de VS.
Foto: rr
Jazz en film: ze vormen niet zelden een geslaagde combinatie. Dat bewijzen tal van speelfilms, biopics en documentaires. Denken we maar aan Bird (1988) van Clint Eastwood, ‘Round Midnight (1986) van Bertrand Tavernier en Let’s Get Lost (1988) van Bruce Weber, om slechts drie voorbeelden te noemen. De eerste film is een biopic over altsaxofonist Charlie ‘Bird’ Parker, in de tweede film speelt tenorsaxofonist Dexter Gordon de fictieve jazzmuzikant Dale Turner – gebaseerd op tenorist Lester Young – en Let’s Get Lost is een documentaire over het woelige leven van trompettist Chet Baker. In deze bijdrage selecteerden we opnieuw (zie Jazzmozaïek 2016/1) enkele films van de laatste jaren waarin jazz een hoofdof bijrol speelt. Swing along!
40
2016/3
Een belangrijke jazzmuzikante in dat tijdvak was de zwarte pianiste Mary Lou Williams (1910-1981), “the lady who swings the band”. Ze speelde onder meer in de bands van William McKinney en Andy Kirk en schreef, componeerde en arrangeerde voor groten zoals Duke Ellington en Benny Goodman. Ironisch is dat toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak vrouwelijke bigbands plotseling veel werk hadden: “The boys are away, so the girls will play.” Het duurde echter niet lang vooraleer ook vrouwelijke muzikanten naar het front trokken om er de GI’s te verstrooien. Onder hen de begaafde pianiste Marian McPartland (1918-2013). Schrijnend voor de jazzgeschiedenis is dat deze vrouwelijke muzikanten vaak een andere weg insloegen toen ze van het front terugkeerden: ze trouwden, kregen kinderen en bleven bij de haard. Van vrouwen aanvaardde men in die periode alleen nog dat ze zongen en niet dat ze een instrument bespeelden. Het ergste moest echter nog komen, met de opkomst van de rock-‘n-roll en de popmuziek in de jaren 1950 en ’60. Razend populaire zangers en groepen zoals Elvis Presley, The Beatles en The Rolling Stones bezetten met gemak de hitlijsten. Dat was niet alleen funest voor mannelijke jazzbands, maar ook voor vrouwelijke: ze splitten of werden kleiner. Pas met de doorbraak van de tweede feministische golf – de eerste vond plaats aan het einde van de negentiende eeuw – in de jaren 1960 en ‘70 kwamen vrouwen eindelijk voor zichzelf op. Dat leidde onder meer tot de oprichting van het Women’s Jazz Festival in Kansas City in 1978, waar alleen vrouwen optraden. Vandaag vormen vrouwen nog altijd een minderheid in de jazzwereld, maar ze worden tenminste serieus genomen. Pianiste Geri Allen heeft het bij het rechte eind wanneer ze in de documentaire stelt: “I think jazz is a real metaphore for what is best about humanity. The way we improvise, the way we share, the way we trust, and those kinds of things that happen in the best moments of the music.” Het gaat in de jazz, en bij uitbreiding in alle muziekgenres, niet om wié speelt – mannen of vrouwen –, maar om de muziek zelf, en wat ze teweegbrengt.
The Girls in the Band is een leerrijke, onthullende en soms ontroerende prent over (vergeten) vrouwen in de jazz. Cineaste Chaikin laat tal van vrouwelijke jazzmuzikanten aan het woord. Onder hen Peggy Gilbert, Billie Rogers, Jessie Bailey, Clara Bryant, Mary Osborne en Patrice Rushen. Van overleden vrouwelijke muzikanten toont ze historische zwartwitopnamen. De filmopnamen duurden in totaal acht jaar, zodat er van de (hoog)bejaarde getuigen op het einde van de rit nog maar twee overbleven, onder wie de pianiste Marian McPartland.
Une Heure de Tranquillité Une Heure de Tranquillité (2014) is een langspeelfilm van de Franse regisseur Patrice Leconte. De film is een adaptatie van het gelijknamige toneelstuk van de jonge Franse roman- en toneelschrijver Florian Zeller, die zich op zijn beurt baseerde op Otherwise Engaged (1975) van de Britse toneelschrijver Simon Gray. Zeller schreef ook het scenario en de dialogen voor de film.
Het gaat in de jazz niet om wié speelt – mannen of vrouwen –, maar om de muziek zelf, en wat ze teweegbrengt
Het verhaal van deze typische Franse klucht is gauw verteld: Michel Deproux, een bemiddelde tandarts die gek is van muziek, vindt op een zaterdag op de vlooienmarkt bij toeval de originele versie van een jazzalbum waar hij al jaren naar zoekt: Me, Myself and I van de klarinettist Niel Youart, een swingplaat uit 1958 waar-
op Youart zich laat begeleiden door Salomon Pickett, Wilson Burke en John Delbott. Michel is de koning te rijk en spoedt zich naar zijn appartement, waar hij de plaat in alle rust wil beluisteren. De goden lijken hem die dag echter niet gunstig gezind, want al op weg naar huis klampt één van zijn patiënten hem aan met een dentaal probleem. Michel kan de man slechts met de grootste moeite van zich afschudden. Vanaf dan loopt het goed mis in deze deurenkomedie. Michel moet achtereenvolgens afrekenen met zijn maîtresse Elsa, met zijn vrouw Nathalie, met Portugese bouwvakkers die in zijn appartement aan het werk zijn, met zijn Spaanse huishoudster Maria, met zijn werkloze zoon Sébastien die ongevraagd een tiental illegale Filipijnen in de ‘chambre de bonne’ wil onderbrengen, met zijn opdringerige Poolse buur Pavel, met zijn moeder aan de telefoon en met zijn beste maar berooide vriend Pierre. Tot overmaat van ramp gaat een buurtfeest dat oorspronkelijk bij Pavel zou plaatsvinden in Michels appartement door. Pavel wil de boel opvrolijken en stelt voor wat muziek te draaien. Michel denkt daarbij natuurlijk meteen aan zijn pas aangeschafte Niel Youart, maar daar wil Pavel niet van weten. Hij blijkt de jazzplaat als puber al beluisterd te hebben en bezweert Michel dat de muziek “een jazzcliché voor amateurs is. En dat de elpee”, zoals Michel volhoudt, “helemaal niet zeldzaam is.” Tot grote woede van Michel pikt hij daarop een andere elpee uit de platenkast en even later weerklinkt Alexandrie, Alexandra van Claude François in de woonkamer. De moegetergde Michel verkoopt Pavel een oplawaai en jaagt iedereen uit zijn appartement. Maar dan komt zijn zoon met de Filipijnse familie aanzetten. Hij wil hen in het appartement onderbrengen omdat de ‘chambre de bonne’ te klein is voor zo’n grote familie. Er ontstaat ruzie tussen Michel en zijn zoon. Die laatste roept zijn vader toe: “Jij bent een imperialistisch bolwerk van het individualisme. Je bent een egoïst. Je denkt alleen aan jezelf.” Waarop Michel verbouwereerd reageert: “Egoïst? Ik? Ik, een egoïst?” Jazzkenners zullen al wel doorhebben dat Me, Myself and I een onbestaande elpee is van een fictieve jazzmuzikant. Ook de namen van Niel Youarts begeleiders zijn verzonnen. In werkelijkheid schreef en arrangeerde de Franse componist Eric Neveu de soundtrack voor deze amusante film, die verder weinig om het lijf heeft.
Sinatra: All or Nothing at All
Foto: rr
Sinatra: All or Nothing at All (2015) is een minitelevisieserie van Oscarwinnaar Alex Gibney over de charismatische Amerikaanse zanger en acteur Frank Sinatra (1915-1998). De eerste aflevering duurt twee uur, de tweede bijna tweeënhalf uur.
Een scene uit de film Une Heure de Tranquillité: Christian Clavier speelt Michel Deproux, een egoïst wiens favoriete jazzalbum Me, Myself and I als titel draagt…
Als Sinatra’s platenverkoop rond 1970 begint te kelderen, acht hij de tijd rijp om afscheid te nemen van zijn publiek. Zijn Retirement Concert vindt plaats in het Ahmanson Theatre in Los Angeles op 13 juni 1971. Sinatra is dan pas 55 en staat al ruim drie decennia op de planken. Tijdens het concert met orkest zingt The Voice elf zorgvuldig geselecteerde songs die alle verwijzen naar belangrijke personen en gebeurtenissen in zijn leven. Gibney gebruikt deze songs als narratieve leidraad om Sinatra’s levensverhaal uit de doeken te doen. Of liever: om het 2016/3
41
›
te laten vertellen, enerzijds door Sinatra zelf aan de hand van talrijke archiefopnamen, anderzijds door tal van anderen die hem goed hebben gekend, onder wie zijn kinderen en vrouwen (Sinatra huwde viermaal). Francis ‘Frank’ Albert Sinatra’s leven leest als een sprookje met enkele forse schaduwzijden. Als kind van Italiaanse immigranten groeit hij op in Hoboken, New Jersey. Van jongs af zingt hij al in het café van zijn vader. Tot grote woede van deze laatste verlaat Frank voortijdig de middelbare school om zijn grote droom waar te maken: zingen. Hij neemt zanglessen bij John Quinlan, met wie hij het boek Tips on Popular Singing
uitbrengt. Zijn grote idool in die tijd is Bing Crosby, “the first great pop singer in America”. Als Sinatra’s vader hem het huis uit zet, vertrekt Frank naar New York, “the centre of American popular music”. Hij hangt er rond bij de ‘publishing houses’ en leert er componisten kennen als Jimmy Van Heusen, Sammy Cahn en Saul Chaplin. Sinatra’s talent komt al snel bovendrijven en orkestleider Harry James pikt hem op. Hij mag in diens orkest zingen. Niet veel later neemt orkestleider Tommy Dorsey hem onder de arm. Dorsey’s orkest behoort in die tijd samen met het orkest van Glenn Miller tot de toporkesten. Sinatra wordt zo populair in Dorsey’s band dat het publiek op den duur voor hem komt en niet voor Dorsey. Vijftien maanden later is hij “the hottest new singing star in the country”, vooral bij teenagers. Dat bevalt Dorsey allerminst, het komt tot een conflict en Sinatra verkast naar Benny Goodman’s Orchestra, waar hij eveneens overweldigend scoort bij de hysterisch krijsende vrouwen in het publiek.
Affiche: rr
›
Als gevolg van zijn succes als zanger komt Sinatra als acteur in de filmwereld terecht. Hij speelt zijn eerste rol in Higher and Higher (1943) van Tim Whelan. Nog meer films volgen. In een Cubaanse club stelt zijn omgeving hem voor aan enkele Amerikaanse maffiabazen. De foto’s verschijnen in de pers en Sinatra is voor de rest van zijn leven aangebrand. Eind de jaren 1940, begin de jaren 1950 komt zijn carrière in het slop terecht. In 1951 scheidt hij van zijn eerste vrouw Nancy Barbato, tevens de moeder van zijn drie kinderen Nancy, Tina en Frank Jr. Nog in hetzelfde jaar stapt Sinatra opnieuw in het huwelijksbootje met de actrice Ava Gardner en in 1953 kan hij dankzij haar bemiddeling meespelen in de filmklassieker From Here to Eternity (1953) van Fred Zinneman. De film sleept maar liefst acht Oscars in de wacht. Die voor beste mannelijke bijrol gaat naar Sinatra.
Daarna keert het tij voor de man met de gouden stem: hij begint zichzelf opnieuw te verzorgen en krijgt een nieuw platencontract. Het eerste kassucces in de stroom elpees die daarop volgt is het album Songs for Young Lovers (1954). Tientallen andere albums volgen. Tussendoor neemt hij ook de taken van filmproducer en -regisseur op. En nog weet hij van geen ophouden, want in 1960 richt hij het platenlabel Reprise Records op. Optreden doet hij in de loop der jaren vaak in Las Vegas, soms met één of meer leden van de Rat Pack – de bijnaam van een groep artiesten onder wie Dean Martin en Sammy Davis Jr.
Twee jaar na zijn Retirement Concert staat rasperformer Frank Sinatra opnieuw op de planken
Sinatra houdt zijn ‘retirement’ niet lang vol. Als geboren performer begint hij in 1973 opnieuw op te treden en hij blijft dat doen tot in 1995, drie jaar voor zijn dood. Al met al staat hij zes decennia op het podium en vertolkt hij honderden standards en evergreens van componisten en tekstschrijvers zoals Cole Porter, George Gershwin, Richard Rodgers, Lorenz Hart, Jerome Kern, Harold Arlen, Johnny Mercer, Sammy Cahn en Jimmy Van Heusen – stuk voor stuk songs die ook in instrumentale versies worden geïnterpreteerd door jazzmuzikanten. Alleen al daarom is de aanschaf van deze miniserie aanbevolen voor jazzfans. Swing along! Patrick Auwelaert
Quartet
10 de EDITIE
Michel Portal & Bojan Z Brussels Jazz Orchestra
STUFF Aka Moon feat. Fabian Fiorini
056 23 98 55 42
2016/3
Antoine Pierre Urbex Bram De Looze
De Jazzlezer
De nieuwe Ed van der Elsken
de SINGER
10 J A A R
Bert Vuijsje - www.bebopbusiness.com Frits van Swoll (1939) werkte in de jaren zestig bij de afdeling klassiek van de toenmalige Nederlandse platenmaatschappij Phonogram, maar in zijn vrije tijd was hij een gepassioneerde jazzfotograaf die zijn werk vaak gepubliceerd zag in het tijdschrift Jazzwereld, waarvan ik de eer had hoofdredacteur te zijn. Daarnaast leverde hij beelden voor talrijke hoezen van jazz elpees op labels als Philips, Fontana, Mercury en CBS. Een halve eeuw later kreeg hij het idee om zijn beste jazzfoto’s te bundelen tot een boek, maar in de tussentijd was hij door allerlei omstandigheden zijn negatieven kwijtgeraakt. Gelukkig kon ik hem gedeeltelijk uit de brand helpen doordat ik enkele tientallen van zijn afdrukken in mijn foto-archief had bewaard. Samen met materiaal uit andere bron (zoals 24 lp-hoezen, waarbij verzamelaar Frank Jochemsen te hulp schoot) heeft dat geresulteerd in My Jazz Moments, een fotoboek dat zowel qua vormgeving als qua inhoud bijna een pendant is van het fameuze JAZZ van fotograaf Ed van der Elsken (oorspronkelijk uitgegeven in 1959, maar nadien herhaaldelijk herdrukt, ook in Japan).
Dizzy Gillespie, Wes Montgomery, Zoot Sims, Thelonious Monk, Ben Webster en John Coltrane. Tv-presentator en voormalig jazzjournalist Philip Freriks leverde begeleidende teksten, als een soort liner notes bij de foto’s. Het zijn korte, persoonlijke impressies, zoals deze over Johnny Griffin: Johnny voor intimi en alle anderen De kleine reus Speedy Gonzales van de jazz Bebopper tot in de eeuwigheid Woonde zes jaar in Bergambacht De magere jaren Wel heel ver weg van Chicago waar hij geboren werd In Parijs was hij mijn buurman We speelden vaak tafelvoetbal Rond de babyfoot was hij even snel als op zijn sax Ik verloor altijd Zijn huis was een zoete inval voor alles en iedereen uit het Amerika van de jazz Ik heb er een ruftende Roland Kirk ontmoet En de altijd piekfijn in het pak gestoken Art Taylor De beeldschone weduwe van Sidney Bechet Soms was ik zijn chauffeur Zijn limousine was mijn tweedehands eend In zijn ogen een onwaarschijnlijk voorbeeld van Frans industrieel vernuft Op zijn Griffiaans uit te spreken Doe Sjevoe Zelf leverde Frits van Swoll de toelichting bij een van zijn opmerkelijkste foto’s: Elvin Jones in zwembroek op het strand van het Zuid-Franse Antibes (1965):
Frits van Swoll: My Jazz Moments (met teksten van Philip Freriks en inclusief cd) Uitgegeven door Tens Media BV € 21,90 ISBN 978 90 823676 3 8 Te bestellen via: www.myjazzmoments.nl
Het boek is verrijkt met een cd die muzikale hoogtepunten laat horen van een hele reeks jazzgroten die Frits van Swoll in de jaren zestig heeft gefotografeerd: Art Blakey, Sonny Rollins, Johnny Griffin, Stan Getz, Bill Evans, Dexter Gordon,
Vanaf het podium van Antibes Jazz, liep ik richting strand en ik zag daar een grote donkere man in zwembroek staan. Hij werd bewonderd door sjieke Côte d’Azur-dames in bikini. Dat was Elvin Jones en ik bedacht me geen moment, liep naar hem toe en gaf hem een hand. Hij kneep hard, heel hard, ik gaf geen kik maar zei: “Hello mister Jones, my name is Frits. Can I make a photo of you?” Elvin Jones, nog steeds stevig mijn hand schuddend, zei niets maar bleef mij lang en doordringend aankijken en ik dacht: nu krijg ik een klap. Ik voelde mij niet zo happy maar ineens zei hij met een brede lach: “Yes, you may...” Pff... ik was verlost, deed een stap achteruit en maakte deze bijzondere foto. Later op de dag, voor aanvang van het concert, zag ik hoe het drumstel van Jones met spijkers werd verankerd aan het podium... de beul!
16/09
Alexander von Schlippenbach & Aki Takase
23/09
Joëlle Léandre & Jean-Luc Cappozzo 9/10 Christian McBride Trio
19/10
ICP Orchestra
24/10
Marc Ribot’s Ceramic Dog
31/10
Omer Avital Quintet
17/11
Matthijs Braspenning Quartet
25/11
The Sun Ra Arkestra o.l.v. Marshall Allen
2/12 Howard Peach
8/12
Kaufmann/Gratkowski/de Joode De Backer/De Maeseneer
9/12
Klara Take 7 live vanuit de Singer
29/12 Laughing Bastards
28/01
Craig Taborn Solo
Bavelstraat 35, 2310 Rijkevorsel
www.desinger.be 2016/3
43
◗ NIEUW OP CD/LP
Nieuw op cd/lp In deze herfsteditie van Jazzmozaïek weer een heleboel nieuwe muziek, gerecenseerd door Mischa Andriesen, Georges Tonla Briquet, Bernard Lefèvre, Guy Peters, Dirk Roels en Marc Van de Walle. Meer recensies op www.jazzmozaiek.be
Sowieso bij iedere beluistering, maar ook bij elk nieuw nummer. Alsof de groep al zoekende tijdens de opnamen de meest gepaste vorm naderde, waarbij soms het octet van Steve Lehmann een nieuw baken lijkt te zijn. Dat stemt zeer hoopvol. Mischa Andriessen Bart Maris (t), Nicolas Ankoudinoff ts), Pascal Rousseau (tub), Benoist Eil (el git), Giovanni di Domenico (Rhodes) Etienne Plumer (d), Stephan Pougin (perc)
Animus Anima RÉSIDENCE SUR LA TERRE
Orleans of Mississippi blues revisited. Het authentieke akoestische geluid wordt behouden. Ze spelen het echter met zo een enthousiasme dat je willens nillens mee gaat dansen. Na twee studio cd’s vonden ze het dan ook gepast om een live visitekaartje af te leveren. Opdracht volledig geslaagd. Koop de cd, oefen wat danspasjes thuis en ga dan naar een concert om daar uit de bol te gaan. De Radio Modern van de old school jazz. Georges Tonla Briquet Raphaël D’Agostino (cor, voc), Johan Dupont (p), Max Malkomes (b, voc), Laurent Vigneron (d)
Igloo – 38 :12
***
Toen zeven jaar terug het debuutalbum van Animus Anima verscheen, was de groep nog een kwartet. Inmiddels is de band met drie man uitgebreid en dat is niet de enige verandering. Destijds bracht het gezelschap een bijzondere mengeling van jazz en goth metal. Het was een combinatie die op papier spannender leek dan ze op de plaat uitpakte. In die zin is het niet verwonderlijk dat in de loop der jaren een andere koers is ingeslagen. Opmerkelijk is wel dat de nieuwe cd Résidence Sur La Terre zo zonnig klinkt. Sprankelende muziek waaruit het sombere en duistere is verdwenen. Opvallend is voorts het groepsgeluid. Hoewel een bassist ontbreekt, weet de samensmeltende sound van tenorsax, gitaar, Rhodes en tuba een vette, aardse groove te bewerkstelligen. De taak om het in het hoge register aantrekkelijk te houden, rust voornamelijk op de schouders van trompettist Bart Maris, iets dat hem zonder meer is toevertrouwd. Résidence Sur LaTerre is een plaat die groeit.
Big Noise LIVE Igloo – 78:32
***
Wie denkt dat dixieland swing, de soundtracks van de tekenfilms van Max Fleischer en traditionals als Down By The Riverside of Jesus On The Mainline enkel voor nostalgici zijn, heeft nog nooit een optreden van Big Noise meegemaakt. Deze vier jonge gasten zetten elke zaal en elke tent telkens op zijn kop aan de hand van een repertoire dat ze samenstelden met materiaal uit het begin van de vorige eeuw. Let wel, dit is geen New
Carla Bley ANDANDO EL TIEMPO
Alsof ze zichzelf een geschenk gunt, verscheen op haar tachtigste verjaardag (11 mei) een nieuwe opname met vaste kompanen Swallow (75) en Sheppard (59). Andando el Tiempo is eigenlijk een suite in drie delen, waarbij Bley zich inspireerde op wat ze zag gebeuren bij een vriend die
Contrabassist Manolo Cabras heeft na vier jaar opnieuw een eigen plaat uit: Melys In Diotta. Cabras is heel actief als sideman en nam daarom zijn tijd om te schuren en te schaven aan de composities en om de nummers voldoende in te spelen. Een goede keuze, want Melys In Diotta is een fris en volwassen album vol melancholie, lyriek, rustige schoonheid, impro en hier en daar een beetje swing. Cabras heeft zich omringd met dé trompettist van het moment, wonderkind Jean-Paul Estiévenart. Op piano speelt de verbluffende Nicola Andrioli, destijds opgevist door Philip Catherine en nu ook volop in de belangstelling met o.a. Steven Delannoye, Barbara Wiernik en Lorenzo Di Maio. Drummer van dienst is goede vriend en compagnon de route, Marek Patrman. Stuk voor stuk mannen die passen bij datgene wat Cabras voor ogen had: spelen om te voelen en af toe zelfs om te vliegen. En gevlogen wordt er in E.S.D.A. een uptempo nummer waarin Estiévenart en Andrioli de stevige ritmesectie constant in hun nek voelen. Unlce Stevie is een subtiele knipoog naar bassist Steve Swallow, een van de belangrijkste inspiratiebronnen in de composities van Cabras. Melys In Diotta is meteen het 50ste album op het Gentse El NEGOCITO Records. Een mooi jubileumcadeau! Dirk Roels
44
2016/3
Carla Bley (p), Andy Sheppard (ts, ss), Steve Swallow (b)
****
El Negocito Records – 46:27
Manolo Cabras (b), Jean-Paul Estiévenart (t), Nicola Andrioli (p), Marek Patrman (d)
aan een verslaving ten onder ging. Sin Fin is zich realiseren dat de cyclus van medicatie om niet te hervallen pijnlijk ondraaglijk kan zijn, Potación de Guaya het leed vormt dat iedereen erbij betrokken voelt, en Camino al Volver de verlossing en terugkeer naar een gezond leven is. Saints Alive! slaat op oudere dames die in de koelte van de avond op een bank roddels uitwisselen. Het album sluit af met Naked Bridges/Driving Brides wat geïnspireerd is op een gedicht, Peking Widow, van Paul Haines. Ze draagt het ook op aan Andy Sheppard en zijn vrouw Sara. Andando el Tiempo sluit heel nauw aan bij voorganger Trios (ECM 2013) wat John Kelman (Allaboutjazz.com) omschreef als “that most perfect of chamber records, filled with shrewd surprises and a delicate dramaturgy that reveals itself further with each and every listen”. Carla Bley gaat spaarzaam om met de toetsen, erg ingehouden, terwijl Swallow aarzelend de bas plukt en Sheppard spiritueel blaast, een trio dat spanning ademt. Bernard Lefèvre
ECM Records – 46:42
Manolo Cabras Quartet MELYS IN DIOTTA
*****
Albums voor recensie graag ten laatste op 22 oktober 2016 bezorgen op het redactieadres: Jazzmozaïek, Dirk Roels, Wijngaardstraat 5, 1755 Gooik, België.
Bill Charlap Trio NOTES FROM NEW YORK Impulse! – 52:04
****
Dit trio was in 2013 voor het eerst op Jazz Middelheim en viel op doordat de heren in perfect maatpak een heel gesofisticeerde set van standards serveerde in een grootse tent, wat een fel contrast uitmaakt met de gewoonlijk chique clubs van NYC, waar ze geregeld optreden. Bill Charlap vormde na een verleden bij Gerry Mulligan en Phil Woods dit trio in 1997. Peter Washington (51) verhuisde van L.A. naar New York toen hij in 1968 bij Art Blakey’s Jazz Messengers begon, terwijl Kenny Washington (58) ervaring opdeed bij Lee Konitz, Clark Terry, Johnny Griffin en Dizzy Gillespie. Dit pianotrio heeft intussen een geweldige reputatie opgebouwd en haalt vooral sterk uit in ballads, standards uit het Great American Songbook. Ze openen met I’ll Remember April en sluiten af met
Bart Defoort Quintet INNER WAVES W.E.R.F. – 62:96
*****
Bart Defoort is al sinds de start van het Brusssels Jazz Orchestra in 1993 een vaste waarde in de saxofoonsectie. Hij was ook in 1993 sideman bij de eerste release van het label W.E.R.F., het album KD’s Basement Party van zijn broer Kris. Op datzelfde label bracht hij in 1997 zijn eerste eigen project, Moving, uit en daarna volgden over ruim 20 jaar The Lizard Game (2003), Sharing Stories On Our Journey (2008) en nu Inner Waves. In 2001 nam hij nog samen met Diederik Wissels op het label Igloo Records Streams op. Bart Defoort gaat dus niet over een nacht ijs, neemt heel bewust ruimte en tijd om elk project tot in de puntjes te vervolmaken. Het thema ‘beweging’ is een constante in zijn werk (lees ook het interview in deze editie). Met Inner Waves geeft hij die beweging nog vleugels door de grooves en asymmetrische maatsoorten. En waar eerst live try-outs als kwartet plaatsvonden, voelde Bart Defoort aan dat de unisono lijnen en modale passages in de composities nog aan harmonie zouden winnen door het inbrengen van piano. En die vult Ewout Pierreux perfect in met zijn funky touch. Het maakt de gedroomde kwintetsound compleet. De warme tenorsax van Bart Defoort mengt zich wondermooi met de swingende gitaarklank van Hans Van Oost en groovy accenten van pianist Ewout Pierreux, ondersteund door de geweldige drive van bassist Christophe Devisscher en drummer Toni Vitacollona. De groove zit er meteen in met opener Late Night Drive (Van Oost schitterend op gitaar) en gaat swingend over in Light Red To Dark Blue, waarna gospel het overneemt in de ballad No More Church (gevoelige toetsen van Ewout). Defoort soleert krachtig mooi en Van Oost vult aan in het swingend lyrische Bright Side (kun je zoals vele andere tunes gelijk meezingen). The Yearning Song vormt een bluesy buitenbeentje met bassist Christophe Devisscher en Ewout Pierreux in een glansrol. Make That Move drijft op een aanstekelijke funky jazzbeat met een straffe Toni Vitacolonna en kleurrijke accenten van sax, gitaar en piano. Met de ballad Too Late To Tell You hou je het niet droog door de ontroerend warme saxstem van Bart Defoort. Heel sereen pikt Christophe Devisscher daar op in, waarna piano en gitaar afronden. Een prachtnummer. Als kers op de taart swingt het voluit in Inner Waves en het album sluit af met een ballad, Still, van de hand van Hans Van Oost. Inner Waves is een album naar ons hart, alvast een van de beste van 2016! Bernard Lefèvre
laat zich de jongste tijd nog opmerken bij nieuwe projecten, o.a. met Lorenzo Di Maio (Black Rainbow), zangeres Barbara Wiernik (Complicity) en Manolo Cabras (Melys In Diotta). Steven Delannoye vormde na zijn studies aan Manhattan School of Music zijn New York Quartet. Hij is saxofonist bij Antoine Pierre’s Urbex en speelt in duo met de klassieke cellist Lode Vercampt. Dit is geen toevallige ontmoeting, wel een klik tussen beiden toen ze al eens samen musiceerden. Ze voelden zich helemaal klaar om het live in de Jazzstation (4 februari 2015) vast te leggen. Drie stukken van Delannoye, twee van Andrioli en om af te sluiten de standard Body And Soul. De titel verraadt enigszins de intimistische flow waarop het album drijft. Heel fijngevoelige kamerjazz. Soms neigt het naar hedendaags klassiek en minimalisme, al blijft de drive zeer jazzgericht. Een bijzonder smaakvol, intens te degusteren album, lekker bij kaarslicht. Omdat het een liveopname is, hoor je applaus tussen de nummers, wat de sfeer wat breekt. Bernard Lefèvre Steven Delannoye (ts), Nicola Andrioli (p)
Bart Defoort (ts), Hans Van Oost (g), Ewout Pierreux (p), Christophe Devisscher (cb), Toni Vitacolonna (d)
On The Sunny Side Of The Street, maar daartussenin koos Charlap heel uitgelezen songs, want daar draait de hele sfeer in dit album rond. Charlap zingt als het ware op de piano: “…even though I don’t sing, I’m always ‘singing’ in my head when I play, …I always know the lyrics”. Luistertips: There Is No Music en Too Late Now (wat Shirley Horn zong op You Won’t Forget Me). Bernard Lefèvre
crescendo die naar adem doet snakken. Electrofusion en Miles zijn elektrische periode vormen de rode draad doorheen het hele audiospektakel. Zowaar eenzelfde dynamisch effect als toen Scofield ging samenspelen met Medeski, Martin & Wood. Spijtig dat deze formatie niet naar Gent kwam in plaats van het duo Metheny-Carter. Georges Tonla Briquet Cuong Vu (t), Stomu Takeishi (b), Ted Poor (d), Pat Metheny (g)
Bill Charlap (p), Peter Washington (b), Kenny Washington (d)
Cuong Vu Trio MEETS PAT METHENY Nonesuch – 53:25
****
De Amerikaanse trompettist met Vietnamese roots Cuong Vu (David Bowie, Dave Douglas, Chris Speed) wist zijn vroegere werkgever Pat Metheny te strikken voor zijn nieuwste cd. De gitarist vervult niet zomaar een bijrolletje maar is zo goed als een vierde groepslid. Hij heeft het duidelijk naar zijn zin. Dat Vu de meest wilde capriolen uithaalt (met of zonder effecten) om hem uit zijn hok te lokken, zal daar niet vreemd aan zijn. Zoals bijvoorbeeld in Not Crazy (Just Giddy Upping), (een misleidende titel) waarin de twee het tegen elkaar opnemen als tennissterren die hun tegenstander naar alle hoeken van het terrein laten lopen. In Seeds Of Doubt vormen de grooves het aantrekkingsmiddel bij uitstek. In Tiny Little Pieces is het de langzame opbouw naar een
Jack DeJohnette IN MOVEMENT
ook het soort muziek dat we hier te horen krijgen. De groep tapt uit een minder voor de hand liggend vaatje, en boekt er een ongelooflijk fijn resultaat mee. Het moet gezegd dat de combinatie van elektronische percussie en elektronische effecten én het gebruik van de piano (DeJohnette studeerde oorspronkelijk piano voor hij aan de drums begon) met de instrumenten een heel eigen sfeer creëert. Fris, vernieuwend, jong, dynamisch en hedendaags zonder overdrijving. Maat en dosering blijven het halen van exhibitionisme – en dat is hoe het hoort. De muziek klinkt erg uitgepuurd en bemeten, en tegelijkertijd is hij toch van een spontaneïteit die een hoog niveau etaleert. Wij waren erg bekoord door het werk van deze drie muzikanten waarvan hun samengelegde talent meer is dan alleen maar de som van de delen. Een fantastisch album! Marc Van de Walle Jack DeJohnette (d, p, electronic perc), Ravi Coltrane (ts, ss, sopranino saxes), Matthew Garrison (el b, b, electronics)
ECM – 54:25
****
Na een carrière van vijf decennia waarin hij zowat alle watertjes doorzwom en met elke grote jazzcat samenspeelde laat DeJohnette zich op deze cd horen met zijn peetzoon Matthew Garrison. Hij kent Ravi Coltrane sinds zijn kinderjaren en benadrukt daarom dat de persoonlijke relaties op deze plaat een rol spelen. DeJohnette speelde trouwens samen met beider vaders (John Coltrane en Jim Garrison). Dit is enerzijds een vernieuwend project (elektronica en muzikale aanpak) maar het verwijst ook naar het verleden. Alabama is een song van John Coltrane, Two Jimmys alludeert op Hendrix en Garrison, Blue in Green zet Miles op de kaart, Serpentine Fire is van Earth, Wind and Fire, Rashied verwijst naar Rashied Ali, de drummer van Coltrane. “We are on a journey and in movement at all times” lezen we op het hoesje, en hiermee is meteen de titel verklaard maar
Steven Delannoye/ Nicola Andrioli DINING IN THE DARK El Negocito Records – 51:81
****
In duo spelen vraagt concentratie en muzikale verstandhouding, wat als gegoten zit bij deze twee rasmuzikanten. Ze kennen elkaar door en door, zijn dertigers en hebben beiden een maturiteit in jazz en klassiek. Nicola Andrioli, pianist bij Philip Catherine,
Lorenzo Di Maio BLACK RAINBOW Igloo – 55:49
****
Acht jaar na zijn eerste studio-opname met 4in1 en na talrijke medewerkingen met de meest uiteenlopende artiesten, komt deze jonge Belgische gitarist eindelijk naar voor met zijn eigen project. Di Maio is niet alleen een polyvalent gitarist maar blijkt ook een getalenteerd componist te zijn. Openingsnummer Back Home is de ideale introductie. Rustig opgebouwd aan de hand van een eerste thema, gevolgd door een pianosolo die naar het volgende thema leidt, vervolgens een lange crescendo met de gitaar die voor een climax zorgt om tenslotte af te sluiten met een introvert coda. De hele cd is trouwens op die manier heel ingenieus samengesteld. Opvallend is dat de solo’s echt ingebed zijn in de composities en geen losstaande interjecties vormen. Na drie nummers zijn alle groepsleden aan bod gekomen en besef je duidelijk het potentieel van dit kwintet. Andrioli leeft zich uit op zowel piano als Fender en soms de twee tegelijk. Estiévenart overtreft zichzelf en de ritmesectie Alain Pierre-Cédric Raymond staat als een huis. Di Maio zelf komt zowel cinematografisch à la Frisell uit de hoek, als zeer funky en bluesy als Scofield. De link met deze laatste komt expliciet naar voor in het stevige Open D. De zwart-witfoto’s van de hoes weerspiegelen heel goed de contrasten tussen melancholie en dynamiek. Een meer dan overtuigend debuut. Georges Tonla Briquet Lorenzo Di Maio (g), Jean-Paul Estiévenart (t), Nicola Andrioli (p, Rhodes), Cédric Raymond (cb), Antoine Pierre (d) 2016/3
› 45
voor improvisatie. Niet het zoveelste pianotrio alweer, maar een jonge band die een perfecte spanningsboog weet op te bouwen, en het ook kan afmaken. Dirk Roels
›
Florian Favre (p), Manu Hagmann (b), Arthur Hnatek (d)
Florian Favre Trio UR Traumton Records – 47:48
Jean-François Foliez (kl), Casimir Liberski (p), Janos Bruneel (cb), Xavier Rogé (d)
****
Ur is het tweede album van het Florian Favre Trio uit Zwitserland. Ze wonnen dit jaar het B-Jazz International Contest, tijdens het Leuven Jazz Festival. De jury omschreef hen toen als een sterk trio dat zorgt voor een goed gebalanceerde interactie, en een frisse en verrassende opbouw in zijn spel heeft. Niet overdreven, want dit hoor je meteen op hun nieuwe album. Met Ur wil het trio terugkeren naar de essentie, de roots van de muziek. Geen elektronica of andere snufjes dus, maar pure en onvervalste akoestische pianomuziek. De 30-jarige pianist Florian Favre componeerde zelf alle stukken. Hij studeerde aan de Swiss Jazz School in Bern en kreeg er o.m. compositie en bigband arrangement van niemand minder dan Bert Joris. Favre speelde er ook een paar keer samen met Bert. Het trio, met Manu Hagmann op contrabas en Arthur Hnatek op drums brengt moderne jazz en verbindt dit met elementen uit de pop en rockmuziek, met uiteraard veel ruimte
LORENZO B L A C K
JF Foliez’s Playground LAGUNE Igloo – 50:27
***
De jonge Belgische klarinettist (en saxofonist) Jean-François Foliez (°1984) heeft zich tot doel gesteld zijn lievelingsinstrument hip te maken bij de jonge generatie die de traditie niet schuwt. Zelf deed hij ondertussen genoeg ervaring op in diverse groepen en ensembles (Music 4 a While, Orchestra ViVo!). Op Lagune vat hij dit alles samen in gezelschap van niemand minder dan pianist Casimir Liberski, bassist Janos Bruneel en drummer Xavier Rogé. Een select gezelschap dus. De vier slagen erin om de bijna klassiek gecomponeerde stukken van Foliez een heel eigentijds
DI
MAIO
R A I N B O W Lorenzo Di M ai o gu ita r N i c ola A ndr i oli p ia n o Jean- Paul Esti évenart trum p et Cédr i c Raym ond doubl e b a s s A ntoi ne Pi er re dr u ms
NEW
geluid te geven door de improvisatieruimte die ze krijgen. Er zijn de onvermijdelijke links naar klezmer en de Balkan maar die worden op uiterst fijnzinnige manier in het geheel vervlochten, ver weg van alle clichés. Electrotest is dan weer een wervelwind van swing en bop. Liberski doet op zijn beurt een aantal keer de huidige pianogoden verbleken (Turquoise, Germination !). Een kosmopolitische en bijwijlen enigmatische cd uit een onverwachte hoek. Georges Tonla Briquet
CD
Kenny Garrett DO YOUR DANCE!
***
Eerste indrukken, ze zijn ook voor cd’s belangrijk. De felle kleuren en de jolige ‘wie heeft hier een scheet gelaten?’-foto’s van Garrett doen het ergste vermoeden: zoutloze jazzpap zonder ziel? Wel, dat valt allemaal behoorlijk goed mee, want de altsaxofonist – die in deze contreien niet zo heel bekend is, maar in de VS steevast hoge toppen scheert in de polls van Down Beat, en ooit in de leer ging bij Miles Davis én Freddie Hubbard – is een bevlogen en veelzijdig muzikant, die zich hier omringd heeft met een prima band. Die raast met verve door opener Philly, dat aanvoelt als een ode aan het klassieke Coltrane Quartet. Daarna wordt het feestelijke element benadrukt: titels Bossa en Calypso Chant scheppen de juiste verwachtingen en voor een paar tracks krijgt de band gezelschap van een percussionist en een rapper. En net wanneer de knipogen richting Coltrane er iets té dik op beginnen liggen (Persian Steps), wordt afgerond met het knetterende kwikzilver van Chasing The Wind. Prima spul. Guy Peters Kenny Garrett (as), Vernell Brown (p), Corcoran Holt (b), Ronald Bruner Jr. (d), McClenty Hunter (d)
Challenge Records – 69:19
46
2016/3
Fabrizio Graceffa (g, comp), Jean Paul Estiévenart (t), Nicolas Kummert (ts), Edouard Wallyn (tr), Boris Schmidt (b), Jacques Pili (eb), Teun Verbruggen (d)
Mack Avenue – 56:46
Fabrizio Graceffa U-TURN
www.lorenzodimaio.com www.igloorecords.be
een ensemble dat de huisband van het Brusselse Sounds werd. Voor U-Turn liet hij zich inspireren door een resem road movies, wat het filmische karakter misschien verklaart. Hoewel hij zich omringt met kleppers uit de jazz, zijn elementen van rock, pop, blues en andere rootsvormen net zo belangrijk. Opvallend is daarbij vooral dat Graceffa resoluut kiest voor transparantie. Deze tien composities zijn vrij eenvoudig van structuur, moeten het eerder hebben van sfeervolle passages via knap vervlochten weefsels, dan van brute statements of voortdurende transformatie. Het samenspel met de drie blazers levert regelmatig majestueus gloeiende passages op, terwijl de lome baslijnen het ideale platform bieden. Het album is door zijn gezapige aard en tempo wat aan de lange kant (al word je naar het einde wel een paar keer verrast), maar de claim dat je met dit spul een nieuw publiek voor de jazz kan aanspreken, is zeker terecht. Guy Peters
***
Gitarist Graceffa debuteerde al een hele tijd geleden, maar heeft sindsdien niet stil gezeten. Zo leidde hij een hele tijd
Fred Hersch Trio SUNDAY NIGHT AT THE VANGUARD Palmetto – 68:00
****
Een nieuwe Hersch Trio live-opname in de vertrouwde omgeving van de Vanguard (in 2012 verscheen met hetzelfde trio de dubbelaar Alive At The Vanguard). Hersch haalt herinneringen op aan de meer dan 80-jarige club waar hij sideman was van Joe Henderson, Art Farmer, Charlie Haden, Sam Jones en anderen. Zelf debuteerde hij er als leader in trio met Drew Gress en Tom Rainey in 1996. Hersch noemt de Vanguard de beste locatie om als pianotrio te spelen. Deze vierde opname aldaar kwam er last minute nadat Hersch eerst op dinsdag een soundcheck hield en dan besloot om het opnameteam uit te nodigen bij de concerten van vrijdag tot zondag. Op deze cd werd de eerste set volledig en twee stukken van de tweede set op zondag 27 maart 2016 vastgelegd. Vier Hersch composities naast eentje van Rodgers (A Cockeyed Optimist), McCartney (For No One), Wheeler (Everybody’s Song But My Own), Rowles (The Peacocks) en Monk (We See). Hersch eindigt graag met Monk en speelt solo als bisnummer Valentine, naar hij zelf zegt om het publiek groovy en blij te stemmen. Prachtplaat van een pianotrio dat nu al zeven jaar ingespeeld is en gewoon tot de beste ooit behoort. Bernard Lefèvre Fred Hersch (p), John Hébert (b), Eric McPherson (d)
Jazz & Beyond
Kneebody + Daedelus KNEEDELUS Brainfeeder – 51:36
Voor wie op zoek is naar een psychedelische trip in progrockland raden we Zhongyu (MoonJune)*** aan, het titelloze debuut van de groep rond Jon Davis. Een bevreemdende mix van avant-garde en jazzrock met als grote pluspunten het bespelen van de dissonante contrasten tussen akoestisch en elektrisch en tussen explosief en introvert. Het gebruik van het Chinese guzheng snareninstrument zorgt voor extra breekpunten. Ergens tussen Camel, Tuxedo Moon en King Crimson.
*****
Of Brainfeeder evenveel voor jazz zal betekenen als Blue Note en Impulse moet de toekomst nog uitwijzen, maar labelbaas en muzikant-producer Flying Lotus zorgt momenteel alleszins voor heel wat baanbrekende en betekenisvolle wendingen in de evolutie van het genre. Met deze Kneedelus is het weer zover. De ontmoeting tussen het New Yorkse kwintet Kneebody en de Californische beatmaster Alfred Darlington aka Daedelus zou wel eens een van de meest spraakmakende releases van 2016 kunnen zijn. Het lijkt of de heren een speurtocht ondernamen in diverse domeinen, van rock en dance tot pop en de experimentele underground scenes, bestudeerden wat er zoal interessant was, alles minutieus met elkaar in verbinding brachten aan de hand van wetenschappelijke studies die ze uitvoerden en vervolgens deze informatie manipuleerden en in een modern (jazz)decor ensceneerden. Hun eindwerk klinkt dan ook als een mash up van stijlen, nu eens voortdrijvend op snelle beats, dan weer meesterlijk gereduceerd tot haast introverte soundscapes. Luister naar de openingstrack, een soort Phantom Of The Opera in een jazzdecor, en je weet hoe laat het is. Live overtuigde het gezelschap over heel de lijn met drie compacte sets tijdens Gent Jazz. Wordt hopelijk zo snel mogelijk vervolgd in onze clubs of zalen. Georges Tonla Briquet
Tussen de conceptplaten die terug volop in de mode zijn, valt The Great Gig In The Sky (MoonJune) **** van het trio Savoldelli Casarano Bardoscia het meest op. Een nieuwe kijk op Pink Floyds Dark Side Of The Moon door het New Yorkse vocaal enfant terrible Boris Savoldelli, de Italiaanse saxofonist Raffaele Casarano en zijn landgenoot maar vooral in Brussel residerende bassist Marco Bardoscia (Ragini Trio). Met een gastrol voor gitarist Dewa Budjana en geluidsmanipulaties van UK569. Geen progrock zoals we van het label gewoon zijn, maar postjazz in 3D.
Ben Wendel (ts, melodica), Shane Endsley (t), Alfred Darlington (monome, elec), Adam Benjamin (frh, kb), Kaveh Rastegar (eb), Nate Wood (d)
Kuhn, Verocai en Dries Laheye. Niet vergeten natuurlijk dat Lynn Cassiers en Jozef Dumoulin het hem dit wel al een hele tijd voordoen. Live op 18-11 in de AB. Georges Tonla Briquet Mitchel Van Dinther (syn), Niels Broos (syn, frh, wurl.), Julian Sartorius (d), Frank Wienk (perc) + guests
Jameszoo FOOL Brainfeeder – 43:34
***
Welkom in de wondere wereld van Jameszoo, na Kamasi Washington en Kneedelus, de nieuwste sensatie van het Brainfeeder-label. Mis de trein niet want anders huppel je binnenkort hopeloos achterop en kan je enkel nog via diverse overstappen terug aanhaken bij een van de belangrijkste jazzstromingen van de toekomst. Mitchel van Dinther aka Jameszoo omschrijft het zelf als ‘naive computer jazz’ en citeert Steve Kuhn, Arthur Verocai en Robert Wyatt als inspiratiebronnen. We voegen daar meteen Autechre aan toe. Wie inderdaad oppervlakkig luistert, zou al snel besluiten dat het allemaal naïef lijkt en ergens ver weg wat klinkt als jazz. Herbeluister een paar keer en ontdek vervolgens de onderliggende structuren. Net zoals de kubisten met een paar lijnen een vervormd portret tekenden en je pas de bedoeling snapte als je de achterliggende voorbereiding kende, zo bouwt Jameszoo zijn soundscapes en klanktaferelen op met een ogenschijnlijk minimalistisch eindresultaat. Heel conceptueel, abstract en confronterend en tegelijkertijd open en speels. Vooral de legitimatie van jazz anno 2016. Met een hele resem gastmuzikanten waaronder
Serge Lazarevitch, Nicolas Thys & Teun Verbruggen FREE THREE Igloo Records – 54:44
***
De Franse gitarist Serge Lazarevitch is er de voorbije decennia in geslaagd om carrières uit te bouwen in Frankrijk én in België, o.m. als vaste klant bij het Brusselse label Igloo. Op Free Three is hij te horen in het gezelschap van twee lokale kleppers. De albumtitel wordt voor een groot stuk vertaald naar de muziek, want de drie banen zich door maar liefst zeventien (!) stukken, waarvan zowat de helft vrij geïmproviseerd is. De andere helft komt van Lazarevitch, terwijl Thys met Long Island City zorgt voor de meest jazzy klanken. De drie verkennen het terrein tussen mijmerende introspectie en excursies met wat scherpere contouren. Zo wordt in Mid Life Crisis twee minuten gespeeld op het scherp van de snede, met een indrukwekkende sound,
›
Fans van Mulatu Astatke en Black Flower schaffen zich best de debuutplaat aan van de Brusselse groep Yôkaï (eigen beheer)***, gevormd door Jordi Grognard (zie interview), Fred Becker, Clément Nourry, Eric Bribosia, Léo Dupleix, Axel Gilain en Yannick Dupont. Een minialbum met vier nummers die elk vertrekken vanuit tranceritmen en vandaar telkens totaal andere richtingen uitgaan, van dub en exotica tot de meest aanstekelijke grooves al dan niet met psychedelica ingekleurd. Sowieso verplichte aankoop voor de clubbers. Drummer en percussionist Sarathy Korwar ontrafelt op Day To Day (Ninja Tune)**** een heel netwerk van onderlinge links tussen Afrika en Indië, deels via de Soefi-cultuur. Blues, impro, jazz en traditionele elementen worden naadloos aan elkaar gesmolten in heuse field recording stijl en met behulp van electronics. Alsof Marc Ribot met Yusef Lateef en de neefjes van Ali Farka Touré op stap is. Trance en spacy passages krijg je er zomaar bij. Ook voor wie het werk van Damon Albarn apprecieert. Parallellen tevens met de klassieker van Roy Brooks & The Artistic Truth hun Black Survival-The Sahel Concert At Town Hall die je sowieso in huis moet hebben. Petra (Tagi Records) *** van Luca Aquino & Jordanian National Orchestra kwam tot stand onder de auspiciën van UNESCO en de campagne #Unite4Heritage. Aquino gebruikte de specifieke akoestiek van de archeologische site Klein Petra om de juiste klankkleur te bekomen die hij in zijn hoofd had. Zijn subtiel en esthetisch trompetspel tovert een mystiek aura over het hele werk. Hij nodigde daarbij nog muzikanten van tien verschillende nationaliteiten uit waaronder accordeonist Carmine Ioanna (!). Het is meteen een statement om de zinloze verwoestingszin van bepaalde extremisten te veroordelen. Voor wie een stap verder wil zetten na Ibrahim Maalouf en houdt van de cinematografische werken van Tuur Florizoone. Jazz in Marciac gaf de kans aan het Quator Debussy om met pianist Jean-Philippe CollardNeven en contrabassist Jean-Louis Rassinfosse op zoek te gaan naar raakpunten tussen hun respectievelijke werelden. Drie jaar goochelden ze met ritme, melodie en harmonie alvorens Filigrane (Radio France)*** op te nemen. Centraal uitgangspunt voor componist Collard-Neven waren flarden Debussy, Bach en Ravel. En toch valt deze kruisbestuiving tussen hedendaags klassiek en jazz niet onder de noemer third stream. Het is vooral een ontmoeting en aftoetsen tussen verleden en heden, een absorberen van gekende elementen, deze assimileren en ze op een nieuwe manier rangschikken. Een succesvolle zoektocht naar abstractie en esthetisering. Melomanen met een brede kijk kopen dit zeker aan. Georges Tonla Briquet 2016/3
47
Meer dan 50 000 titels op voorraad!
www.rombaux.be
Wereldwijde import
CD • Vinyl • DVD
Speciaalzaak
Brugge
van
Jazz Klassiek tot
U vindt ons ook op facebook www.facebook.com/muziekhandel.rombaux
Piano’s Vleugel • Buffet • Digitaal Nieuw & tweedehands 4 generaties deskundige service & ervaring Grotian-Steinweg Yamaha Bösendorfer Schimmel Brodmann Winkel: Mallebergplaats 11-13 te Brugge Toonzaal piano’s: Kelkstraat 3 (op 50m) 48
2016/3
›
en zoekt Through The Red Sands het eerder bij het repetitieve. Hier en daar krijg je ook wat engagement te horen, zoals in One For Snowden (meer Ducret dan Frisell), het bijtende Time To Wake Up, en It Should Have Been A Normal Day, opgedragen aan de slachtoffers van de aanvallen in Parijs in 2015. Free Three is eerder een verzameling vignetten dan een gebald statement, maar niettemin de moeite. Guy Peters Serge Lazarevitch (g), Nicolas Thys (b), Teun Verbruggen (d, elec)
Punk Kong LONELY CEDAR Mr.Nakayasi – 37:57
****
Griekse muzikanten die het traditionele rebetika-repertoire brengen, zijn er genoeg in ons land. Gitarist Giotis Damianidis moet echter zowat de enige zijn die actief is in de schemergebieden tussen
improvisatie en jazz. In zijn thuisland bestaat er nochtans een heel boeiende scene op dat gebied met iemand als Sakis Papadimitriou voorop. Damianidis belandde in 2007 in Brussel na anderhalf jaar studie in Nederland. En aangezien hij evenmin een afkeer had van afrobeat vond hij al snel een vaste stek hier. Naast de Afrikaanse connectie (de Brusselse Matonge-wijk) raakte hij in contact met gelijkgestemde zielen als Grégoire Tirtiaux en João Lobo. Improvisatie is het sleutelwoord in zijn muziek maar dan wel ingebed in vooraf uitgetekende structuren. Er is een plan en er zijn vrijheden. Deze dualiteit levert een aantal uiterst sterke passages op. Zoals de openingstrack waarbij alle groepsleden al keuvelend een voor een binnenwandelen. Om vervolgens samen explosief uit de bocht te gaan, waarbij het lijkt dat Damianidis Jimi Hendrix zijn Star Spangled Banner als voorbeeld neemt. Zo gaat het verder, twee plaatkanten en zes nummers in totaal. Tussen de werken van Ruben Machtelinckx en Oba Loba (de groep rond João Lobo) met een snuifje Elliott Sharp. En met een politiek en sociaal geladen achtergrond (de plaat is opgedragen aan alle vluchtelingen ter wereld). Waarom in het buitenland zoeken wat we hier al hebben? Georges Tonla Briquet Grégoire Tirtiaux (as,bs), Viktor Perdieus (ts), Ruben Verbruggen (bs), João Lobo (d), Giotis Damianidis (g)
Albert Vila THE UNQUIET SKY Fresh Sound New Talent – 56:52
*****
Albert Vila is al een tijd aan de weg aan het timmeren. Hij begon zijn opleiding in de jaren 90 in Barcelona, zette ze verder in Nederland (o.a. met Jesse van Ruller) en de VS, en ging toen terug naar Spanje. Dan begon een periode van toeren door Europa. Bij ons won hij de Jazz Hoeilaart prijs voor compositie in 2012. Op zijn laatste cd – opgenomen in New York – vind je vooral langere, strak gecomponeerde werken, afgewisseld met kortere stukjes sologitaar. Vila vertrekt dikwijls van een relatief eenvoudige lijn die, naarmate het nummer vordert, complexer en complexer wordt, aangevuld met loopjes en snellere bewegingen. Hij laat de tonaliteit van zijn gitaar variëren tussen agressief, hard, snel, direct enerzijds maar ook lyrisch en soft anderzijds. M.a.w. de man weet te schakeren. Verwacht niet onmiddellijk de meest eenvoudige deuntjes die je zomaar meefluit: elk nummer gaat op een gedreven manier zijn eigen richting en brengt je meestal op een onverwachte plaats. Vila verweeft zijn toonladders muzikaal (we bedoelen: niet puur technisch-automatisch-mechanisch) en zonder enige moeite en breit op een creatieve manier een web rond zijn eigen initiële thema’s. Hij zet zichzelf voor het labyrint en vindt dankzij zijn creativiteit steeds moeiteloos (?) de uitweg. Het is prachtig om te horen hoe hij gedoseerd de melodie en de spanning opbouwt en hoe de bandleden hem daarbij volgen… of precies in het offensief gaan (ook qua ritme) en op die uitdagende manier het geheel nog verrijken. Qua sound en structurele opbouw deden de tunes ons heel dikwijls denken aan Pat Metheney. In die uitwerking legt drummer Jeff Ballard (o.a. Brad Mehldau) blijvend de fundamenten en laat hij ook dikwijls opvallend botsende ritmes inwerken, wat de tunes extra spankracht geeft. De ritmesectie is trouwens erg druk en complex aanwezig in de composities van Vila. De piano van de energievolle en gedreven Parks swingt aardig mee, unisono, of ze gaat in de contramine. De drie muzikanten bewandelen geen klassiek jazzidioom, zij willen vooral de weg van de hedendaagse jazz verkennen, wars van stijlinvloeden. Daarbij vormt het trio altijd een perfecte ondersteuning én partner van de gitarist die onrustig zoekt naar alle mogelijke invullingen en variaties op zijn eigen thema’s. Het Spaanse bloed kruipt waar het niet gaan kan. Geholpen door zijn muzikanten slaagt hij daarin – maar de rusteloze zoeker Vila zet duidelijk zijn stempel op de sfeer van de gehele cd. Dit is echt een aanrader voor wie kwaliteitsgitaarjazz zoekt! Marc Van de Walle Albert Vila (el.g.), Aaron Parks (p), Doug Weiss (b), Jeff Ballard (d)
Micha Schellhaas DOUBLE TAKE Tonehunter - 43:03
***
Na een debuut-EP in 2013 is Double Take Micha Schellhaas’ eerste cd op volle lengte. Gitarist Schellhaas is Duits maar woont en werkt in de Verenigde Staten. Zeker voor een nieuwkomer heeft hij een indrukwekkende set muzikanten bijeen weten te brengen. Voormalig Zappadrummer Chad Wackerman is zo’n opvallende naam, net als eertijds Supertramp-gitarist Carl Verheyen die overigens ook de productie voor zijn rekening nam. Met die bezetting dringt het vermoeden zich op dat Schellhaas zijn muzikale heil vooral in de richting van fusion en (prog)rock zoekt. Dat blijkt ook het geval, waarbij dan nog een fikse dosis blues mag worden toegevoegd. Op het niveau van de techniek brengt Double Take volledig wat verwacht mocht worden. Er wordt heel precies en ontzettend strak gemusiceerd. Opmerkelijk en ook prettig is dat de muziek nergens gejaagd klinkt, er is rust, er is ruimte en hoewel Schellhaas noch de rest van het stel minimalisten zijn, is het nu ook weer niet zo dat de noten de luisteraar om de oren vliegen. Wat deze cd niet heeft, is juist het onverwachte. De composities maken op zichzelf slechts bescheiden indruk en lijken toch vooral in dienst te staan van het technisch machtsvertoon. Als luisteraar kun je wel zo ongeveer uittekenen wat er te gebeuren staat. Double Take heeft zijn momenten, maar is ook (te) voorspelbaar. Mischa Andriessen Micha Schellhaas (g), Chad Wackerman (d), Dave Marotta (b), Jim Cox (p, organ, Rhodes) guest: Carl Verheyen (g)
Mark Solborg & Herb Robertson TUESDAY PRAYERS ILK – 41:41
****
Geen idee wat er de oorzaak van is, maar het lijkt wel alsof trompettist Herb Robertson de voorbije jaren steeds verder uit het epicentrum van de geïmproviseerde muziek getrokken wordt. Was de man in de jaren tachtig en negentig regelmatig te horen in het bijzijn van goed volk aan beide zijden van de Atlantische Oceaan, dan is hij het voorbije decennium uitgegroeid tot een speler die vooral te horen is op kleine labels uit Polen, Japan en Denemarken. Daar is niks mis mee, maar zo lijkt het
alsof de wereld Robertson een beetje vergeten is, en dat is zonde. Deze tweede duoplaat met de Deens-Argentijnse gitarist Mark Solborg (de eerste werd uitgebracht in 2008) zet dat nog eens in de verf. Kort nadat de twee een paar concerten gespeeld hadden op de festivals van Kongsberg en Kopenhagen, trokken ze naar Koncertkirken, een oude kerk in het centrum van Kopenhagen, voor een avondperformance. Tuesday Prayers geeft een goed beeld van wat er die dinsdagavond te horen viel. Het gaat van start met twee ‘preparations’, opgenomen terwijl de muzikanten zich opwarmden voor het concert, en vervolgens volgt het concert. Dat bewandelt voortdurend de grens tussen intimiteit en expressie, ingetogen dialoog en onaffe statements. Het is geen vanzelfsprekend luistervoer (en daardoor is het misschien maar goed dat het erop zit na goed veertig minuten), maar de interactie is zo verfijnd en ongedwongen, dat je als luisteraar deelgenoot wordt van een innig verbond. Robertson start met een fluitje en laat je vervolgens alle hoeken van die galmruimte zien met een schier eindeloos arsenaal aan technieken, die Solborg op zijn manier steeds weet te counteren. Het ene moment wat wringend en schurend, en dan plots met een bloedmooie verhevenheid. Guy Peters Mark Solborg (g, devices), Herb Robertson (t, penny whistle, preparations)
Mark Schilders FABRIK Marcellis Adrianus Records – 46:40
***
De Nederlandse drummer Mark Schilders was deze zomer nog te zien op Gent Jazz met Brandhaard, de band met daarbij o.m. Steven Delannoye, Jean-Paul Estiévenart en Reinier Baas. Op Fabrik, het eerste eigen album van Schilders, speelt toetsenist Bram De Looze mee, naast fijne Nederlanders zoals gitarist Jesse Van Ruller en bassist Clemens van der Feen. Met de steun van Stichting Jazz International Rotterdam zette Schilders in 2014 een project op voor jong jazztalent. Dit album nam hij op met die projectband en met zijn eigen New Yorkse band. Opener Long Gone klinkt bijzonder poppy, maar vanaf Black Hole zit je meteen in een totaal andere sfeer: soundscapes en minimalisme wisselen af met ritmische en vaak donkere partijen. Niet meteen om vrolijk van te worden, maar een aardig debuut van een getalenteerde drummercomponist en zijn bands. Dirk Roels Mark Schilders (d, g, synth, Bram De Looze (p, Wurl), Jesse Van Ruller (g), Clemens van der Feen (b), Alon Albagli (g), Thierry Castel (synth, p, voc), Rick Rosato (b), Manuel Schmiedel (p), Pete Rende (synth) 2016/3
› 49
›
Karl Van Deun/ Ruben Machtelinckx SHAPES
klassiek en jazz. Ruben Machtelinckx tekent voor Beek, Wyble en Done Gone en speelt solo op Meenseguts. Karl Van Deun gaat helemaal solo op Mister Sandman’s Rag, een aanstekelijk wiegeliedje. In Rap For Michael Gregory Jackson uit Van Deun zijn bewondering voor de Amerikaanse gitarist. Een album waar je stil teruggetrokken in het lommer van een eeuwenoude boom van moet genieten. Bernard Lefèvre Karl Van Deun (klassieke en akoestische g), Ruben Machtelinckx (klassieke, akoestische g, banjo)
El Negocito Records – 45:20
****
In deze tweede release Shapes vormt de track Don’t Ask Me, Ask Me een knipoog naar hun eerste duoplaat Ask Me, Don’t Ask Me (El Negocito 2014). Ruben Machtelinckx mag dan al schitteren in zijn eigen projecten, zie o.a. het prachtige jongste concert op Brosella, hij voelt zich helemaal thuiskomen bij zijn vroegere leraar, Karl Van Deun, die voor Shapes de meeste composities levert. Het album opent heel klassiek met The Guitar, dompelt ons verder in die ingetogen sfeer met Slaaplied Voor Grote Mensen en roept helemaal de melancholische geest op in het wondermooie Medieval. Het is bekend dat Karl Van Deun erg gevoelig is aan scherp geluid (hyperacusis) en dus heel bewust omgaat met het componeren van lyrische, zachte klanken. Het album baadt dan ook in een zeer melodieus en heel aangenaam klankspectrum. Toch doet dit niets af aan de intensiteit en spanning. Integendeel, Van Deun is een knap componist en schrijft songs die je direct raken. Zo bedrieglijk simpel als ze lijken, zo geraffineerd verweven zijn ze, een mooi gebalanceerde eigenzinnige mix van folk,
Ernie Watts Quartet WHEEL OF TIME
Warped Dreamer LOMAHONGVA RAT records – 54:06
*****
De werelden van Warped Dreamer worden steeds donkerder, complexer en kunstiger. Deze keer is het een werk van niemand minder dan Michaël Borremans dat de hoes siert. De muzikale trip zelf is onderverdeeld in vijf lange hoofdstukken met intrigerende titels (Kenda, Nahimana, Sahpooly, Odahingum, Tehya). Het kompas staat nooit in dezelfde richting. Niet dat de groep het noorden kwijt raakt maar de vibes wisselen continu, van de uiterst donkere en geheimzinnige openingstrack, de film Hellraiser waardig, tot puur poëtische sfeerbeelden boordevol allegorische connotaties. Alles is in lagen opgebouwd waarbij elke muzikant continu elementen toevoegt. Hierdoor blijf je geïntrigeerd luisteren om geen enkele sleutel van de code te missen. Een eigenzinnige creatie die de gekende dogma’s en perspectieven van jazz en improvisatie in vraag durft te stellen. Er wordt van de luisteraar wel openheid en concentratie vereist. Na afloop blijf je met een beklemmend gevoel zitten maar heb je er meteen ook een nieuwe verslaving bij dankzij de repeat-knop. De groep zorgde live alvast voor het hoogtepunt van Moers 2016. Gewoontegetrouw uitgegeven op het RAT-label en zowel in digipack als op vinyl verkrijgbaar. Georges Tonla Briquet Arve Henriksen (t, f, elec), Stian Westerhus (g, elec), Jozef Dumoulin (frh, elec), Teun Verbruggen (d, elec)
Flying Dolphin Records – 59:12
****
Negen tracks, waarvan vier van Watts, één bijdrage van elke muzikant, een tune van Joe Henderson en één van Farrugia. Dit klassieke kwartet speelt al vijftien jaar samen. Het wiel blijft draaien, maar het draait ter plaatse (lees: er zit dynamiek in de statiek) en dat is bijzonder positief. De essentiële muzikale bouwstenen van deze hechte groep zijn nog niet veranderd. De man die de solo blies op Buddy Rich’s Big Swing Face bezit nog altijd de energie en de punch van toen. De jaren hebben alleen maar verrijking en misschien wat matiging
en tempering gebracht, wat normaal is en de muziek geenszins aantast. Naast de vier nummers van Watts, waaronder een tribute aan Charlie Haden, vormen de composities van elke muzikant de Latijns-Amerikaanse en bluesy ingrediënten van dit album. De energie stoomt uit de bliksemsnelle, doordringende (uni)sono-solo’s in Henderson’s Inner Urge. Dat nummer zorgt nog altijd voor kippenvel wegens gedrevenheid, forward motion, melodische capaciteiten. Het calypso van Goose Dance van Farrugia zorgt voor tegengewicht en voor de nodige luchtiger afwisseling op deze
schijf. The wheel of time turns, but beauty remains vat eigenlijk alles samen: het permanente en het statische, het blijvende en het veranderende. Bovenal is dit een schitterend gespeeld album met rasechte jazzy tunes, meesterlijk geschraagd en gedragen door de saxschouders van Watts, die onderweg nog niets van zijn energie verloren is. Integendeel: die wordt alleen maar intenser door te rijpen en te verfijnen. Waw! Marc Van de Walle
Mathias Allamane en drummer Matthieu Chazarenc zijn de ideale partners voor deze driehoeksverhouding. Met de goedkeuring van Martial Solal. Een lesje voor heel wat over de top getilde pianotrio’s.
beseft dat heel goed. Met Jazz For Kids (AVA)*** bracht hij een ideaal hulpmiddel uit. Samen met pianist Pascal Mohy en bassist Sam Gerstmans stelde hij een repertoire samen van (over)bekende kinderdeuntjes. Door zich op het terrein van het potentieel publiek te begeven, haalt het trio meteen de aandacht naar zich. Voor de uitwerking gaan de heren een paar stappen verder en improviseren er lustig op los zodat ook de ouders hier heel wat pret aan kunnen beleven. Neem de proef op de som in familieverband en start met bijvoorbeeld Sur Le Pont D’Avignon en Joyeux Anniversaire. Jazz voor luisteraars van onbepaalde leeftijd.
Ernie Watts (ts), Christof Saenger (p), Rudi Engel (ac. b), Heinrich Koebberling (d)
En verder nog...
Na vijf jaar samen spelen weten de drie muzikanten van het Dan Green Trio duidelijk wat ze aan elkaar hebben. Technische snufjes en hippe stijlvormen laten ze dan ook links liggen. Hun Altered Narratives (OA2 Records)*** baadt in de traditie van het pianotrio die ze vertaalden op hun manier. Vlotte swing en klassieke bop, bluesy ballads en een paar keer samen met een strijkerskwartet aan hun zijde als bonus. Ideale soundtrack om de nieuwe Jazzmozaïek te doorbladeren. Bassist Ark Ovrutski slaagt er op zijn beurt in om met zijn kwintet verleden en heden perfect te assimileren. Intersection (Origin) *** komt langzaam op gang met een aantal raak gekozen covers (o.a. Waltz 50
2016/3
For Debby) om daarna resoluut een moderne wending te nemen. Het blijft akoestisch (zonder modieuze electro-effecten) maar de swing en grooves klinken onweerstaanbaar. Vooral trombonist Michael Dease en pianist Helio Alves zorgen voor memorabele passages (Twister!). Met achter het drumstel Duduka Da Fonseca. Een groep die we wel eens willen checken in clubverband. misTeRIO (Bonsaï Music)*** van pianist Manuel Rocheman is dan toch wel interessanter. Enerzijds heerst er een zekere onrust door het teruggrijpen naar de verre traditie van Art Tatum en Bud Powell gekoppeld aan hedendaagse wendingen. Anderzijds is er de dualiteit van een breed spectrum en de specifieke focussen. Bassist
Voor de liefhebbers van bigbands: Scott Reeves Jazz Orchestra houdt het op Portraits And Places (Origin)*** eerder bij de klassieke sound. Gedegen vakwerk volgens de regels van het spel, uitgevoerd door muzikanten van topniveau. Mooie opbouw van de eigen composities aangevuld met een intrigerende bewerking van Jobims Aquas De Marco. Aan klantenbinding begin je best zo jong mogelijk, ook in jazz. Manuel Hermia
Georges Tonla Briquet
◗ JAZZLAB SERIES mentalisten, die schipperen tussen ingetogen lyrische jazz, folk, klassieke muziek, soundscapes en hier en daar een scheut voorzichtige rock.
Het najaar van Amper de kaap van 25 gepasseerd, is Antoine Pierre zomaar eventjes drummer van het trio van Philip Catherine en van Taxiwars, het jazzproject van dEUSfrontman Tom Barman en saxofonist Robin Verheyen. De jonge percussionist ontving de Toots Thielemans Jazz Award in 2014. Hij behaalde datzelfde jaar zijn master diploma ‘magna cum laude’ aan het Koninklijk Conservatorium te Brussel en trok meteen erna naar New York, waar hij zijn studies vervolledigde aan de New School for Jazz. Nu slaagt hij erin te doen wat steeds moeilijker lijkt te worden: het kruim van de Vlaamse en Waalse jazzscene verenigen in één karaktervolle band. Tijdens de tournee van september/oktober stelt hij – met terechte trots – het eerste album met zijn eigen groep ‘Antoine Pierre Urbex’ voor.
Met de Nederlandse saxofoniste Tineke Postma en bassist Nic Thys vormt ze een straf trio. Liefhebbers van Scandinavische jazz zullen in december aan hun trekken komen. In juni 2014 werd Erik Bogaerts uitgenodigd voor een residentie in Harlösa, een dorpje in Zuid-Zweden. Daar componeerde hij muziek voor een ongebruikelijke bezetting, geïnspireerd door Scandinavische tradities. Voor zijn nieuwe groep Mephiti verenigde hij vijf eigenzinnige instru-
De Criss Cross Europe band kan rekenen op een bandleader van formaat. De virtuose klarinettist Louis Sclavis neemt een internationaal gezelschap van vijf jonge jazztalenten – waaronder de Belgische fluitist Jan Daelman –, mee op tournee door Europa, met haltes eind november in De Bijloke (Gent) en De Werf (Brugge). Jazzlab Series biedt ook de immer populaire jazzcursussen ‘JazzClass Series’ aan. Surf naar de website voor concrete data en locaties. Info: www.jazzlabseries.be
Een double bill met een jong dynamisch duo en een gevestigde jazzlady, dat hebben we in november voor u in petto. Pianist Hendrik Lasure en drummer Casper Van De Velde van SCHNTZL hebben zichzelf op overtuigende wijze op de kaart gezet, ergens tussen jazz, pop, klassiek en elektronica. Met verschillende overwinningen op jazzwedstrijden (STORM!, Tremplin Jazz d’Avignon) en een debuutalbum op het De Werf-label hebben ze overtuigende geloofsbrieven in handen om de jazzscene te veroveren. Al veel langer een geliefde jazzpianiste is Nathalie Loriers. Sinds eind jaren ’90 groeide ze uit tot de ‘leading lady of Belgian jazz’. Niet alleen omwille van haar lyrische pianospel en straffe composities, maar evenzeer om haar werk bij het internationaal geprezen Brussels Jazz Orchestra. Antoine Pierre
jazz
Ewout Pierreux Group feat. Marcus Wyatt
06/10/2016 20.30u 08/10/2016 20.30u 27/10/2016 20.30u 14/12/2016 20.30u
in Cc
Strombeek
N A JA A R 2016
COMPAGNIE CECILIA | Chet GLENN MILLER ORCHESTRA | It’s Glenn Miller Time EWOUT PIERREUX GROUP feat. MARCUS WYATT (ZA) JEF NEVE & MYRDDIN DECAUTER
CC STROMBEEK | Gemeenteplein z/n, 1853 Strombeek-Bever | 02 263 03 43 | meer info en tickets: ccstrombeek.be/jazz 2016/3
51
◗ MUZIEKTHEORIE
Modale Voicings LEON LHOËST In zijn boek Modal Jazz Composition & Harmony vol. 1 bespreekt pianist/auteur Ron Miller twee werkwijzen om modale voicings te vormen: de allesomvattende en de directe methode. Bij de allesomvattende (comprehensive) methode worden naast algemene voicing principes tevens aspecten behandeld als karakteristieke noten, spreiding der noten en stabiliteit. In dit artikel gaat het voornamelijk over de directe (shorthand) methode, waarin de modale voicings zijn teruggebracht tot grepen (grips), in dit geval drieklanken of kwartenvoicings, over een basnoot of een 1-5 structuur.
Teneinde modale voicings te maken moet men eerst de modi bestuderen. Hier een korte introductie. Een modus is een verplaatste toonladder (majeur, mineur…). In fig. 1 worden de modi van de C majeurtoonladder gegeven. Iedere modus bevat een zgn. karakter(istieke) noot (KN) waarmee hij zich onder-
fig. 1
fig. 2
fig. 3
52
2016/3
scheidt van de ‘normale’ majeur of antieke mineurtoonladder. Zo is in bijv. F Lydisch de G4 de KN; immers, de F majeurtoonladder heeft een niet-gealtereerde 4e graad (2 ½ stap). Willen we nu een Lydische voicing construeren dan is het aangewezen deze G4 zeker te gebruiken, in combinatie met andere noten uit de toonladder. In fig. 2 zien we enkele voorbeelden van modale voicings. Deze kunnen opgebouwd zijn in tertsen, kwarten, secunden of combinaties van deze intervallen (de meest interessante modale voicings). Zoals hoger reeds vermeld beperken we ons hier tot de shorthand methode, hetgeen neerkomt op ‘grips’ van drie noten in de rechterhand (RH) over een twee-noten structuur in de linkerhand (LH). Ook beperken we ons tot majeurdrieklanken en kwartenstructuren voor de RH, en tweeklanken – grondtoon en reine kwint – voor de LH (de kwint is niet strikt noodzakelijk maar helpt de grondtoon sterker te verankeren).
Iedere melodienoot kan in de RH aldus op zes verschillende manieren driestemmig worden gezet, en wel met drie majeurdrieklanken en drie kwartenvoicings (fig. 3). Ieder van deze zes structuren kan nu gecombineerd worden met in theorie twaalf verschillende LH-structuren, waarvan sommige in de praktijk zullen afvallen omdat ze geen duidelijk modaal karakter hebben. Nog steeds uitgaande van de melodienoot C willen we nu bijv. een Frygische voicing maken. We hebben dan zeker de KN "2 nodig, en liefst ook nog de kleine terts en "7, en mogelijk T11 en "6 (modale voicings kunnen incomplete akkoordstructuren zijn). De basnoot in dit type voicing is steeds de grondtoon van het akkoord. Deze werkwijze levert in dit voorbeeld zes mogelijkheden op (fig. 4). Niet alle voicings zullen een even sterk Frygisch karakter hebben - de ene combinatie van noten is al sterker dan de andere.
fig. 4
fig. 5
fig. 6a
In haar compositie Green Piece reharmoniseert pianist/componist Maria Schneider o.a. volgend melodisch fragment met modale voicings. Iedere melodienoot krijgt een eigen modale voicing toegewezen (fig. 5). Er is geen functioneel verband meer tussen opeenvolgende akkoorden (melody-driven harmony). Het is louter een opeenvolging van modale kleuren in verschillende gradaties van licht en donker (modi van licht naar donker: Lydisch, Ionisch, Mixolydisch, Dorisch, Aeolisch, Frygisch, Locrisch). fig. 6b
In fig. 6 tot slot nog een voorbeeld van de toepassing van deze voicing techniek, nu op een fragment uit de compositie Triathlon van L. J. Lhoëst (6a; origineel - 6b; reharmonisatie).
Bronnen en literatuur » Ron Miller, Modal Jazz Composition & Harmony vol. 1 (Advance Music, 1996) » Maria Schneider, Evanescence (UE Publishing, 1998)
2016/3
53
Jazzmozaïek is het driemaandelijks jazzmagazine uitgegeven door vzw Muziekmozaïek Folk & Jazz.
foto: © Keke Keukelaar
Holland Muziekland
Niet dezelfde wereld Mischa Andriessen
REDACTIE Jazzmozaïek Wijngaardstraat 5, B-1755 Gooik tel. 02 532 28 38 [email protected] www.jazzmozaiek.be - Stichter: Luc De Baets († 13/09/2009) - Hoofdredacteur: Filip Verneert - Eindredacteur: Dirk Roels - Kernredactie: Georges Tonla Briquet, Jos L. Knaepen, Pieter Koten, Bernard Lefèvre, Dirk Roels, Filip Verneert - Redactiemedewerkers: Mischa Andriessen, Patrick Auwelaert, Georges Tonla Briquet, Peter De Backer, Pauwel De Wilde, Chris Joris, Jos L. Knaepen, Pieter Koten, Bernard Lefèvre, Guy Peters, Marc Van den Hoof, Filip Verneert, Bert Vuijsje - Fotografie: Jos L. Knaepen - Grafisch ontwerp: Brigid Sullivan - Media support (advertenties): [email protected] DEADLINES VOLGENDE UITGAVE (JM 4/2016) - Inzending artikels en reservatie advertenties: 28 oktober 2016 - Inzending cd’s voor recensie: 22 oktober 2016 - Aanleveren advertentiemateriaal: 16 november 2016 - Voor verschijning op: 14 december 2016 ABONNEMENT - België: € 20 / Buitenland: € 25 - Overmaken op bankrekening van vzw Muziekmozaïek Folk & Jazz: IBAN BE 82 738041 83 1068 BIC KREDBEBB Muziekmozaïek, Wijngaardstraat 5, B 1755 Gooik Met vermelding: ‘Abo JM 2016’ - Info via [email protected] – www.jazzmozaiek.be
Internet heeft de wereld naar verluidt kleiner gemaakt, maar sommige afstanden zijn schijnbaar alleen maar groter geworden. Nederlanders zijn het verleerd naar hun buurlanden te kijken en te luisteren. Onze net- en trommelvliezen lijken ongevoelig geworden voor alles dat niet uit de Verenigde Staten komt. Daarnaar verwijzen, maakt zelfs de meest provinciale politicus een kosmopoliet. Zeg dat iets in Amerika werkt en je zult worden geloofd en aanzien krijgen, ongeacht of het waar is of niet. Vier jaar terug kon Halbe Zijlstra de culturele sector in Nederland zonder veel weerstand een tik uitdelen waarvan nu langzaamaan duidelijk wordt dat het voor veel instellingen de genadeklap zal zijn. Kunst kon zich ook wel redden zonder overheidssteun, betoogde Zijlstra. Mecenassen zouden de leemte vullen, net als in Amerika. Als Nederlander die al jaren in de Verenigde Staten woont en werkt, kon saxofonist Jorrit Dijkstra met een excellente ingezonden brief aantonen dat het van suikerooms en –tantes vergeven Amerika waaraan Zijlstra refereerde, helemaal niet bestaat. Hij werd niet gehoord, de rigoureuze bezuiniging doorgevoerd waarna in de vier daarop volgende jaren zoals verwacht bleek dat Dijkstra en niet Zijlstra gelijk had.
ISSN 1376-6619
© Copyright (teksten en foto’s): Zonder voorafgaande en schriftelijke toestemming van vzw Muziekmozaïek Folk & Jazz mag niets uit deze uitgave worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke andere wijze dan ook. Iedere redacteur is verantwoordelijk voor de inhoud van zijn tekst. Publiciteitsteksten en bijhorende illustraties vallen onder de verantwoordelijkheid van de betrokken adverteerder. Teksten en fotomateriaal kunnen door de redactie van Jazzmozaïek geweigerd worden zonder dat deze beslissing dient te worden gerechtvaardigd.
VERANTWOORDELIJKE UITGEVER EN AFZENDADRES Filip Verneert, Wijngaardstraat 5, B 1755 Gooik
Certificate Number 10506-1603-1004 www.climatepartner.com
54
Jazzmozaïek wordt gedrukt met bio-inkt op papier afkomstig uit duurzaam bosbeheer (FSC) in een CO2 neutrale drukkerij. De verzending is onder biofolie.
2016/3
Nederlanders geven misschien om maar zeker niet aan kunst. Dat is al heel lang het geval en vooral sinds juist de overheid de instandhouding van de kunsten lang geleden naar zich toe trok. En anders dan in bijvoorbeeld Duitsland kun je in Nederland zonder gêne puissant rijk zijn zonder ook maar een cent aan kunst te spenderen. Het levert een wanhopig stemmende situatie op waarin zowel publiek als overheid kunstenaars laten spartelen in een overvolle vijver. Slechts een enkeling duikt daarin voldoende op om gezond in leven te blijven. Met de musici gaat het slecht, met de podia gaat het slecht. Het begint in Nederland inderdaad op de Verenigde Staten te lijken, maar dan het echte Amerika, niet de geromantiseerde filmversie van Halbe Zijlstra. In veel recente discussies op Facebook roerde zich onder meer toetsenist Jasper van ’t Hof, de man die sinds hij ver terug in de tijd in Duitsland succesvol
werd en bleef, in Nederland vaak vergeten leek. Investeer het beetje geld dat er nog is in de podia en niet in musici betoogde Van ’t Hof. Zo lang er genoeg te spelen valt, redden muzikanten zich uiteindelijk wel. Het bewijs van die stelling is denkelijk Van ’t Hof zelf.
Inmiddels duikt Van ’t Hof gelukkig weer wat vaker in de Nederlandse zalen op. Met Han Bennink of Tineke Postma, en binnenkort met zijn nieuwe kwartet. Samen met saxofonist Dick de Graaf, bassist Stefan Lievestro en het jonge drumtalent Jamie Peet nam Van ’t Hof de prachtige plaat No Hard Shoulder op. Muziek die los staat van de tijd en die geweldig ontspannen klinkt. Warme, wijze muziek waaraan elke mode voorbij is gegaan en die toch geenszins gedateerd klinkt. Ik geloof niet dat er lang over de zeven stukken van No Hard Shoulder is nagedacht en dat bedoel ik als een compliment. De muziek ontstaat vanuit het luisteren en het spelen, door de mogelijkheden te zien die als vanzelf opduiken: de ruimte, de harmonie, de dynamiek. Het is muziek die zich niet opblaast, zich niet groter maakt dan ze is. Muziek die zich onttrekt aan elk vooropgesteld idee van nut. Doelloze muziek, ook dat is een compliment, het romantische idee dat muziek zichzelf genoeg kan zijn, niets hoeft, niets moet, maar enkel is. En natuurlijk de gedrevenheid om die maar te blijven brengen ongeacht wat het oplevert aan financiën en succes. Zoals de grote Amerikaanse musici werken, geestdriftig en volhardend, omdat ze geloven dat een wereld zonder hun muziek niet dezelfde wereld is. Jasper van ’t Hof ¼tet No Hard Shoulder Very Open Jazz Records www.jaspervanthof.com
JAZZ
NIEUW SEIZOEN
DO 19 JAN 17 | 20:00 Tom Harrell ‘TRIP’
ZA 15 OKT 16 | 20:00 Brussels Philharmonic & Avishai Cohen Trio
DO 23 FEB 17 | 20:00 Amir ElSaffar & Two Rivers Ensemble
DO 10 NOV 16 | 20:00 Steve Coleman and The Council of Balance
WO 22 MRT 17 | 20:00 Double bill: Philippe Aerts & Raphaelle Brochet // Bobo Stenson & Palle Danielsson
DO 24 NOV 16 | 20:00 Double bill: Trio Sclavis-Courtois- Pifarély // Criss Cross Europe Band WO 21 DEC 16 | 20:00 Double bill: Eve Risser // Eve Beuvens Heptatomic
DO 13 APR 17 | 20:00 Branford Marsalis Quartet & Kurt Elling DO 4 MEI 17 | 20:00 Dré Pallemaerts: wild card
Tickets vanaf € 18 reserveer nu: debijloke.be Volg ons & deel je eigen foto’s facebook.com/cotejardin.debijloke twitter.com/debijloke instagram.com/debijloke
2016/3
AVISHAI COHEN © SASHA BULLERT
WO 5 OKT 16 | 20:00 The Bad Plus
55
JAZZ ★ GLOBAL SOUNDS ★ ROOTS ★ INDIGO 30/09 05/10 07/10 08/10 12/10 21/10 27/10 28/10 29/10 03/11 04/11 05/11 09/11 17/11 18/11 24/11 03/12 08/12 09/12 10/12
SVEN HAMMOND + ORGELVRETEN + DEWOLFF * CHANTAL ACDA + LYENN * BRUSSELS JAZZ ORCHESTRA SIVERT HOYEM + LUKE ELLIOT ROBERT CRAY BAND KONONO N°1 + BALOJI + TÉMÉ TAN * JASPER BLOM QUARTET FEAT. BERT JORIS ORKESTA MENDOZA XL DALE WATSON + JAMES INTVELD + WB & THE MERCENARIES ANSATZ DER MASCHINE + BLACKIE & THE OOHOOS * SLY & ROBBIE MEET NILS PETTER MOLVAER THE POLECATS + PAT CAPOCCI + NICO DUPORTAL & HIS RHYTHM DUDES SALIF KEITA AMINA FIGAROVA SEXTET CULTURE MOVE! / LES BOUKAKES * SCHNTZL + LORIERS/POSTMA/THYS POMRAD + RAVEYARDS + GO MARCH DANS DANS + MUZIEKVERENIGING DE CLINGSE BOSSEN * ORCHESTRE INTERNATIONAL DU VETEX + BRAZZMATAZZ * HARP4
* In samenwerking met Cultuurcentrum Sint-Niklaas
STATIONSSTRAAT 104, 9100 SINT-NIKLAAS • T. 03 776 11 98 • [email protected]
www.meerschaert.be Stedelijke Academie Muziek Woord Dans Sint-Niklaas
56
2016/3